Orgaan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een orgaan is, binnen een organisme, een geheel van weefsels met een of meerdere functies ten behoeve van dat organisme. Een huidmondje is bijvoorbeeld een orgaan dat bij planten de ventilatie regelt. Vaak oefenen stelsels van enkele organen gezamenlijk een bepaalde functie uit. Zo verzorgen hart en bloedvaten de functie bloedsomloop.

Het grootste menselijke orgaan is de huid. Het bedekt het hele lichaam en heeft de functie het menselijk lichaam te beschermen tegen uitdroging, onderkoeling, beschadiging en ziektekiemen.

Organen kunnen samen orgaansystemen (stelsels) vormen. Deze organen hebben elkaar nodig om een complexere functie te kunnen uitoefenen. Het spijsverteringsstelsel bestaat onder andere uit de slokdarm, de maag, de darmen, de lever en de alvleesklier. Een bloem bestaat uit gespecialiseerde (afgeleiden van) stengels en bladen: bloembodem, kelkbladen, kroonbladen, meeldraden, en stampers.

Dieren[bewerken]

Enkele zoogdierorganen[bewerken]

Specifieke dierlijke organen[bewerken]

In de dierenwereld komen onder andere deze gespecialiseerde organen voor:

Planten[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Plantenanatomie en Beschrijvende plantkunde voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

De basale organen van de bedektzadige planten zijn:

  1. wortel
  2. stengels en takken
  3. blad

Overige organen worden beschouwd als afgeleid van deze drie organen.

  • Zo zijn bloemen samengesteld uit stengels (assen) en steriele en fertiele bladeren.
  • Vruchten zijn sterk verschillend in hun bouw, maar bevatten ten minste vruchtbladen met hun zaden, maar vaak ook andere delen afkomstig van de bloem zijn er mee vergroeid.

Verlies van organen wordt bij planten gewoonlijk gecompenseerd door de vorming van nieuwe: na bladverlies in de herfst worden er weer nieuwe gevormd in het voorjaar; een afgebroken of afgegeten takken worden weer vervangen door nieuwe.

Zie ook[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek