Toren van Babel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Icoontje doorverwijspagina Zie Toren van Babel (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Toren van Babel.
Pieter Brueghel de Oude, de toren van Babel

De toren van Babel is een mytisch bouwwerk uit de Hebreeuwse Bijbel. In het verhaal in Genesis 11:1-9 werd er op aarde nog één taal gesproken en trokken na de zondvloed alle "mensen in oostelijke richting" en vestigden zich op de vlakte van Sinear. Daar bakten ze stenen en zeiden:

"'Laten we een stad bouwen met een toren die tot in de hemel reikt. Dat zal ons beroemd maken, en we zullen niet over de hele aarde verspreid raken.' Maar toen daalde de HEER af om te kijken naar de stad en de toren die mensen aan het bouwen waren."

Hij maakte dat de mensen, die eerst één taal hadden, aan spraakverwarring ten offer vielen en elkaar niet meer konden verstaan. De bouw van de stad en de toren werden gestaakt. God verspreidde vervolgens de mensen over de aarde. De stad kreeg de naam Babel, wat afgeleid is van het Hebreeuwse woord balal, "verwarring brengen".

Hoewel Nimrod niet wordt genoemd in het verhaal over de toren van Babel, bracht de joodse traditie hem hier al vroeg mee in verband. Waarschijnlijk refereert het verhaal aan de Babylonische ziggoerats. In Genesis wordt geen vermelding gemaakt van een verwoesting van de toren. In Jubileeën 10:26 staat dat de toren door een sterke wind omver werd geblazen. Volgens het Boek der Rechtvaardigen zou een derde deel van de toren zijn blijven staan.

Uit deze ontstaansgeschiedenis van de talen is de uitdrukking 'Babylonische spraakverwarring' (een situatie waarin allen door elkaar praten en niemand er meer wijs uit wordt) voortgekomen.[1]

Waar stond de toren van Babel?[bewerken]

Volgens onder meer de Talmoed is de toren blijven staan en terug te vinden in Borsippa, te weten de ziggoerat Birs Nimrud, hoewel hedendaagse archeologen die wel toeschrijven aan Soemero-Akkadische bouwers ter ere van hun god Nabu.

Op een stele[2] zijn vermeldingen gevonden van een ziggoerat, een trapvormige tempeltoren, die Etemenanki werd genoemd. Dit staat voor: Het Huis der grondvesting van hemel en aarde. Deze ziggoerat met een gigantische uitstekende trap, was 91 meter hoog en mat op een basis 91 bij 91 meter. De toren hoorde bij de tempel van Mardoek, de voornaamste god van Babylonië. De Babyloniërs noemden hun toren Babibli. Volgens sommige historici, zoals Stephen L. Harris, vormde deze toren de basis van de mythe van de toren van Babel.[3]

Mogelijke links met verhalen in andere culturen[bewerken]

Het verhaal van de torenbouw en door vertoornde goden veroorzaakte spraakverwarring met daaropvolgende verstrooiing van de volken over de aarde leeft voort in vele mythen en oude overleveringen wereldwijd, in meer of minder herkenbare vorm; niet alleen bij de Babyloniërs (o.a. een inscriptie van Nebukadnezar II), maar ook bij de oude Grieken en de Azteken en vandaag de dag de Hmong in China, de Minhasa in Indonesië, de Elema in Papoea-Nieuw-Guinea, de Ghaikos in Myanmar, de Choctaw-indianen in Louisiana, enz. Zo verhalen de Mikir (Karbi) in India over de nakomelingen van een zekere Ram, die uitgekeken raakten op de aarde en de hemel wilden veroveren; daartoe bouwden zij een hoge toren, totdat de goden en demonen vreesden dat deze reuzen inderdaad de hemel zouden gaan beheersen; daarom verwarden zij hun taal en verstrooiden hen over de aarde.[4]

Toren van Babel in de kunst[bewerken]

Schilderkunst[bewerken]

De kleine Toren van Babel, Pieter Bruegel, 1563
Pieter Brueghel de Oude, de bouw van de toren

Verscheidene schilders verbeeldden de Toren van Babel.

Ongeveer in dezelfde tijd, en ook kort na hem, schilderden verscheidene andere Vlaamse schilders tegen het eind van de 16e eeuw hun eigen visies, zoals:

Literatuur[bewerken]

  • De bouw is het thema van de roman Babel van Louis Couperus, 1901
  • Het verhaal van Ted Chiang " de Toren van Babel" ( "Tower of Babylon", Omni, 1990 (Nebula Award winner))

Afbeeldingen[bewerken]