Étienne Maurice Gérard

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gérard geschilderd door David in 1816, tijdens zijn periode in Brussel

Étienne Maurice Gérard (Damvillers, 4 april 1773 - Parijs, 17 april 1852) was een Frans generaal tijdens de napoleontische oorlogen. Hij werd in 1813 verheven tot graaf en in 1830 benoemd tot maarschalk van Frankrijk. In 1834 diende hij korte tijd als premier van Frankrijk.

Gérard stond aan het hoofd van het Franse leger dat in 1831 België binnenviel, waardoor de Nederlandse regeringstroepen die waren gestuurd om de Belgische Revolutie de kop in te drukken, hun Tiendaagse Veldtocht moesten opgeven.

Franse Revolutie en napoleontische tijd[bewerken]

In 1791, twee jaar na het uitbreken van de Franse Revolutie, voegde de 18-jarige Gérard zich bij een vrijwilligerseenheid in het department Meuse en diende in 1792-1793 onder de generaals Dumouriez en Jourdan. In 1795 diende hij als adjudant van Bernadotte.

In 1800 werd hij gepromoveerd tot de rang van kolonel en in 1806, na goede verdiensten tijdens de Slag bij Austerlitz en de Slag bij Jena, tot brigadegeneraal. Voor zijn verdiensten tijdens de Slag bij Wagram werd hij in 1809 door keizer Napoleon verheven tot de adellijke stand als baron.

Gérard vocht in de Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog in 1810-1811 en nam deel aan de veldtocht in Rusland in 1812. Als dank voor zijn moedige en kundige optreden tijdens de Slag bij Borodino werd hij gepromoveerd tot divisiegeneraal.

Hij had in 1813 het bevel over een Franse divisie in de Slag bij Lützen en de Slag bij Bautzen en commandeerde het 11e Corps tijdens de Slag bij Leipzig, waarbij hij zwaargewond raakte. Na de Slag bij Bautzen werd hij door Napoleon verheven tot Comte d'Empire (graaf).

Na de nederlaag van Napoleon en de Restauratie van de Bourbons in 1814 kreeg hij van koning Lodewijk XVIII het Grootkruis van de Legion d'honneur. Toen Napoleon in 1815 uit Elba ontsnapte en terugkeerde naar Frankrijk, koos Gérard weer de kant van Napoleon, die hem benoemde tot pair van Frankrijk en hem aan het hoofd stelde van het 4e Corps van het Armée du Nord. Gérard speelde een belangrijke rol in de Slag bij Ligny op 16 juni 1815.

Na Napoleon[bewerken]

Gérard trok zich terug naar Brussel na Napoleons uiteindelijke nederlaag in de Slag bij Waterloo. Hij keerde pas in 1817 weer terug naar Frankrijk en vestigde zich in Villers-Saint-Paul. Gérard werd in 1822 verkozen als lid van de Chambre des députés (lagerhuis) en diende als parlementslid tot 1824, toen hij niet herkozen werd. In 1827 werd hij opnieuw gekozen als parlementslid, en in 1830 werd hij herkozen.

Hij speelde een actieve rol in de Julirevolutie in 1830 en werd na de kroning van Lodewijk Filips I benoemd tot de Franse minister van oorlog. Ook kreeg hij de eretitel Maarschalk van Frankrijk. Wegens gezondheidsproblemen legde hij zijn ministerspost neer in oktober van dat jaar.

In 1831 kreeg hij het bevel over het Armée du Nord dat België binnenviel nadat de Nederlandse koning Willem I met de Tiendaagse Veldtocht probeerde een einde te maken aan de Belgische Revolutie. Geconfronteerd met een dreigende oorlog met Frankrijk trokken de Nederlanders zich terug en was de onafhankelijkheid van België een feit. In 1832 had Gérard het commando over de Franse troepen die het Nederlandse garnizoen in de Citadel van Antwerpen met succes belegerden. Als dank werd hij door koning Leopold I gedecoreerd met de Leopoldsorde.

Hij werd in 1834 nogmaals benoemd tot minister van Oorlog en diende van 18 juli tot 10 november als premier van Frankrijk. In 1836 werd hij benoemd tot grootkanselier van de Legion d'honneur en van 1838 tot 1842 was hij bevelhebber van de Nationale Garde in het departement Seine. Gérard werd in 1852 benoemd tot senator, maar stierf enkele maanden later. Hij werd begraven in een crypte bij de kerk van Nogent-sur-Oise.

Zijn naam staat gegraveerd op de Arc de Triomphe in Parijs. In zijn geboorteplaats Damvillers staat sinds 1858 een standbeeld van hem.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Voorganger:
Louis-Auguste Victor hertog van Ghaisnes en Bourmont
Minister van Oorlog
1830
Opvolger:
Nicolas Jean de Dieu Soult, hertog van Dalmatië
Voorganger:
Nicolas Jean de Dieu Soult, hertog van Dalmatië
Minister van Oorlog
1834
Opvolger:
Édouard Adolphe Casimir Joseph Mortier, hertog van Trévise
Voorganger:
Nicolas Jean de Dieu Soult, hertog van Dalmatië
Premier van Frankrijk
1834
Opvolger:
Hugues Bernard Maret, hertog de Bassano