Bernardo Bertolucci

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bernardo Bertolucci
Bernardo Bertolucci.jpg
Geboren 16 maart 1940
Geboorteland Vlag van Italië 1861-1946 Italië
Jaren actief 1962 - 2003
Beroep Filmregisseur
Scenarioschrijver
Academy Awards
Beste Regisseur 1987 The Last Emperor
Beste Film 1987 The Last Emperor
(en) IMDb-profiel
Moviemeter-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Bernardo Bertolucci (Parma, 16 maart 1940) is een Italiaanse schrijver en filmregisseur.

Bertolucci werd geboren te Parma, als oudste zoon van Attilio Bertolucci, een kunsthistoricus en dichter. Ook Bernardo's broer Giuseppe Bertolucci zou filmregisseur en scenarioschrijver worden. Bernardo Bertolucci begon met schrijven op zijn vijftiende, en ontving al snel belangrijke literaire prijzen zoals de Premio Viareggio voor zijn eerste boek. De achtergrond van zijn vader hielp hem bij zijn carrière: Bertolucci senior had de Italiaanse filmmaker Pier Paolo Pasolini geholpen bij het publiceren van diens eerste roman, en op zijn beurt gaf Pasolini de jonge Bernardo een baan als eerste assistent in Rome bij Accattone (1961). Maar Bertolucci's talent was al herkend door anderen, zoals Sergio Leone, die hem vroeg de verhaallijn voor Once Upon a Time in the West te schrijven. (Later door Leone verworpen omdat hij het verhaal voor het Amerikaanse publiek te intellectueel vond.)

Bertolucci regisseerde zijn eerste film op zijn 21e (La commare secca, 1962) kort daarop gevolgd door de veelgeprezen Prima della rivoluzione (1964).

De enorme groei van de Italiaanse cinema waardoor Bertolucci op gang kwam, vlakte af, toen de Italiaanse filmindustrie tijdens de jaren zeventig de gevolgen van wereldwijde recessie begon te voelen. Om in de steeds internationaler werkende filmwereld hun films te kunnen blijven financieren en de competitie aan te kunnen, werden regisseurs er in toenemende mate toe gedwongen samen te werken met Franse, Amerikaanse, Zweedse en Duitse filmbedrijven. Bertolucci vormde geen uitzondering. Last Tango in Paris (1972), met Marlon Brando en Maria Schneider, was een voorbeeld van de nieuwe trend onder Italiaanse filmmakers om een hogere opbrengst te genereren door buitenlandse acteurs de hoofdrol te geven: in Last Tango had slechts één Italiaanse acteur een belangrijke rol (Massimo Girotti). Bertolucci's 1900 (1976), met in de hoofdrollen Burt Lancaster, Donald Sutherland, Robert De Niro, en Gérard Depardieu, wordt vaak genoemd als punt waar de nationale identiteit van de Italiaanse filmindustrie begon te bezwijken onder de afhankelijkheid van de internationale markt.

Bertolucci speet deze ineenstorting wellicht niet: hij is politiek actief, en is een overtuigd marxist. Net als Luchino Visconti, die aan het eind van de jaren zestig eveneens veel met buitenlandse acteurs werkte, gebruikte Bertolucci zijn films om zijn eigen politieke opvattingen te ventileren; ze zijn daarom dikwijls zowel autobiografisch als hoogst controversieel. Zijn politieke films werden voorafgegaan door anderen die de geschiedenis herwaarderen. Il conformista (1970) bekritiseert de ideologie van het fascisme, en onderzoekt zowel de relatie tussen nationaal bewustzijn en nationalisme, als collectieve smaak en collectief geheugen. 1900 houdt zich eveneens bezig met de strijd tussen Links en Rechts. The Last Emperor (1987), enkele jaren geleden opnieuw uitgebracht in een verlengde versie van 219 minuten, gaf Bertolucci de gelegenheid om zowel via zijn personages als via het filmmaken zelf politieke invloed uit te oefenen. Hij kreeg als eerste toestemming om uitgebreid te filmen in de Verboden Stad van Peking. En het centrale personage uit de film, Pu Yi, ondergaat onder Mao een communistische heropvoeding die tientallen jaren duurt, waarbij de pauwenkleuren van het paleis plaatsmaken voor de grauwe werkpakken die de mensen om hem heen dragen, als hij tenslotte tuinman is geworden.

Filmografie[bewerken]

Zijn ster op de Hollywood Walk of Fame.

Ook werkte hij mee als uitvoerend producer aan Dreaming Lhasa uit 2005 en speelt hij een rol in de documentaire Refuge van John Halpern uit 2006.