Darmkanker

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Darmkanker
Stomach colon rectum diagram.gif
Coderingen
ICD-10 C18-C20
ICD-9 153.0-154.1
ICD-O M8140/3
OMIM 114500
DiseasesDB 2975
MedlinePlus 000262
eMedicine med/413
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Darmkanker is een verzamelnaam voor verschillende soorten kanker van de dunne darm, dikke darm en de endeldarm (rectum).

Dunnedarmkanker[bewerken]

Kanker van de dunne darm is erg zeldzaam. Indien een zwelling gevonden wordt in het verloop van de dunne darm, is deze meestal goedaardig: lipomen (vetcellen), neurofibromen (zenuwcellen), fibromen (bindweefselcellen) en leiomyoom (spiercellen).

Dikkedarmkanker[bewerken]

Kanker van de dikke darm is een veel voorkomende vorm van kanker. Een op de twintig mensen zal gedurende zijn leven door deze aandoening getroffen worden. Indien darmkanker zich al op jonge leeftijd voordoet kan dat duiden op erfelijkheid. Vaak komt de patiënt uit een familie waarin al eerder darmkanker geconstateerd is. Indien een eerstegraads familielid (ouder of kind) dikkedarmkanker heeft, of heeft gehad, dan is het risico om het zelf te krijgen twee tot driemaal vergroot. Hoe eerder de diagnose bij het eerstegraads familielid werd vastgesteld, hoe groter het risico. Tevens geldt dat het risico groter is naarmate meer familieleden de aandoening hebben. De aanwezigheid van veel darmpoliepen is ook een risicofactor, aangezien deze poliepen kwaadaardig kunnen ontaarden. Dikkedarmkanker neemt sterk toe met de leeftijd, het komt met name voor bij personen van 50 jaar of ouder. Bij personen in de leeftijdsgroep van 40-49 jaar komt het voor bij 50 individuen per 100.000, in de leeftijd van 60-69 jaar is dat toegenomen tot 330 per 100.000.

Preventie[bewerken]

  • Een normaal lichaamsgewicht, dat wil zeggen een queteletindex van 18,5-25.
  • Voldoende lichaamsbeweging/sport.
  • Er is overtuigend bewijs dat regelmatige consumptie van rood vlees (vlees dat afkomstig is van runderen, varkens, geiten en schapen) en verwerkt vlees (bijvoorbeeld ham en salami) het risico op darmkanker sterk verhoogt. Het World Cancer Research Fund (WCRF) heeft 263 studies op dit gebied bekeken en beveelt aan dat mensen niet meer dan 500 gram rood vlees per week eten, en verwerkt vlees helemaal mijden.[1]
  • Er is overtuigend bewijs dat vezelrijke voeding, vooral de oplosbare vezels die veel in groenten, fruit en peulvruchten voorkomen, het risico op darmkanker sterk beperkt.[1]
  • Beperkte inname van alcoholhoudende dranken.

Preventiecampagne[bewerken]

Vroege opsporing[bewerken]

Een van de mogelijkheden om darmkanker vroeg op te sporen is onderzoek naar bloedverlies in de ontlasting. In Nederland heeft de Gezondheidsraad op 17 november 2009 aan de minister van Volksgezondheid aanbevolen om te starten met een bevolkingsonderzoek naar darmkanker bij inwoners tussen de 55 en 75 jaar. De ontlasting kan worden onderzocht in het klinisch chemisch laboratorium met behulp van een occult-bloedtest. Naar verwachting van de Gezondheidsraad zou dit bevolkingsonderzoek 1400 sterfgevallen per jaar in Nederland kunnen voorkomen.[2] Op 16 februari 2010 liet de minister in een brief aan de Voorzitter van de Tweede Kamer weten dat zij verwacht in het voorjaar van 2011 een besluit te kunnen nemen over het al dan niet invoeren van een bevolkingsonderzoek. Voorlopig zijn er niet alleen budgettaire problemen maar is men ook nog niet zeker of er voldoende maag-darm- leverartsen zullen zijn om het aantal darmonderzoeken uit te voeren die dit zal meebrengen. In Vlaanderen besliste Minister Jo Vandeurzen begin februari 2012 dat met een bevolkingsonderzoek gestart zal worden in 2014.

Klachten[bewerken]

De klachten van dikkedarmkanker zijn veelal aspecifiek. Alarmsymptomen die mogelijk op dikkedarmkanker kunnen wijzen zijn een veranderd ontlastingspatroon, ongewild gewichtsverlies en rectaal bloedverlies. Rectaal bloedverlies komt voor bij tumoren die dicht bij het einde van het maag-darmkanaal liggen en zit dan door de ontlasting heen. Chronisch (microscopisch) bloedverlies uit tumoren aan het begin van de dikke darm blijft meestal onopgemerkt, vaak komen deze patiënten met klachten van bloedarmoede (anemie) bij een arts. Patiënten hebben ook vaak last van luchtophopingen in de dikke darm.

Behandeling[bewerken]

De meest toegepaste behandelingen bij darmkanker zijn:

  • Operatie (chirurgie); indien de kanker zich niet verspreid heeft en niet te diep in de darmwand is ingegroeid, is er een grote kans op volledige genezing. Daarnaast kan er als de darm verstopt is door een tumor een stoma worden aangelegd, ter verlichting van de klachten.
  • Bestraling (radiotherapie), al dan niet in combinatie met chemotherapie (behandeling met celdelingremmende medicijnen), wordt met name gebruikt bij tumoren in de endeldarm. In de meeste gevallen kan een tumor die te groot is voor chirurgische verwijdering met behulp van bestraling en chemotherapie worden verkleind, waardoor chirurgische verwijdering alsnog mogelijk wordt. Ook wordt bestraling, indien er geen genezing meer mogelijk is, aangewend om de klachten te verminderen.
  • Chemotherapie wordt met name aangewend om uitzaaiingen naar de lever en longen te behandelen. In de meeste gevallen is er dan geen genezing meer mogelijk en is het doel de klachten zo goed mogelijk onder controle te houden. Is er sprake van enkele uitzaaiingen naar long of lever dan is er soms nog de mogelijkheid om middels chemotherapie gevolgd door chirurgie de uitzaaiingen te verwijderen.

Veel gebruikte geneesmiddelen zijn: 5-fluoruracil (Fluracedyl) , Oxaliplatine (Eloxatine, Oxalisin), folinezuur (Leucovorine, Rescuvolin), irinotecan (Campto), bevacizumab (Avastin).

Vaak is een combinatie van deze behandelmethoden nodig. De keuze en de volgorde van de verschillende behandelingen is onder meer afhankelijk van de kenmerken van de tumor, het stadium van de ziekte, de leeftijd waarop darmkanker wordt vastgesteld en de wensen van de patiënt.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b (en) Denis Campbell, The Guardian. "Cut red meat intake and don't eat ham, say cancer researchers", 23 mei 2011.
    Caroline Hoek, Scientias.nl. "Rood vlees en ham vergroten kans op darmkanker", 23 mei 2011.
    Het WCRF heeft in deze publicatie haar oordeel over de bewijsvoering m.b.t. zowel het risicoverhogend effect van rood vlees als over de bewijsvoering m.b.t. het beschermend effect van voedingsvezels tegen darmkanker opgeschaald van "waarschijnlijk" naar "overtuigend".
  2. Gezondheidsraad. "Op darmkanker screenen van mannen en vrouwen tussen de 55 en 75 jaar levert gezondheidswinst op" (pdf), 17 november 2009.