Elswout

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Elswout
Elswout met op de achtergrond het Grote Huis
Elswout met op de achtergrond het Grote Huis
Locatie Bloemendaal, Nederland
Coördinaten 52° 23′ NB, 4° 36′ OL
Algemeen
Kasteeltype landhuis
Bouwmateriaal baksteen-natuursteen
Eigenaar Staatsbosbeheer
Huidige functie kantoor
Gebouwd in 1633
Gebouwd door Jacob van Campen, Pieter Post, Pieter Wils, Abraham van der Hart, Bartholomeus Ziesenis, Constantijn Muysken
Herbouwd in 1805, 1883
Monumentnummer  339207
Website www.landgoedelswout.nl
Elswout
Elswout
Historische kaart Elshout van H.v.Zutphen

Elswout is een ca 85 ha groot landgoed bij Overveen in eigendom van Staatsbosbeheer.

Elswout te Overveen is een van de oudste bewaarde landgoederen in Nederland met een parkachtige begroeiing met veel stinsenplanten en historische gebouwen. Elswout maakt deel uit van het Natura 2000 gebied Kennemerland-Zuid. Park Elswout opengesteld voor het publiek. Op het landgoed liggen onder andere een landhuis, stallen en de orangerie, die nu dienst doet als horecagelegenheid. Het Grote Huis is een bekend object bij reclamemakers. Het monumentenregister noemt dit landhuis "Een der monumentaalste voorbeelden van op de 16e-eeuwse Italiaanse villa's geïnspireerde 19e-eeuwse landhuizen in Nederland." Het landgoed is ook bekend als psychiatrisch ziekenhuis Zonnedael in de televisieserie Loenatik.

Geschiedenis[bewerken]

Periode Du Moulin (1633-1654)[bewerken]

Elswout is gesticht door Carl Jansz. du Moulin (1587/88-na 1667), een van oorsprong Vlaamse lutherse koopman die van jongs af aan voornamelijk handelde op Rusland. Vanaf 1623 groeide hij uit tot een van de belangrijkste Rusland-handelaren van de Republiek. In Rusland, waar Du Moulin lange perioden achtereen woonde, verkreeg hij de titel gosti, met bijbehorende privileges. Rond 1631-1633 streek Carl du Moulin neer in Haarlem.
Vanaf 1633 liet Carl du Moulin bij Overveen een buitenplaats bouwen in de stijl van het Hollands classicisme.

'Moulins hofstede' is waarschijnlijk ontworpen door Jacob van Campen en landmeter Pieter Wils. Tevens is Pieter Post als protégé van Carl du Moulin waarschijnlijk betrokken geweest bij de bouw. De buitenplaats had een strikt kruissymmetrische plattegrond, geïnspireerd op het werk van Vincenzo Scamozzi. Oorspronkelijk was het huis omgeven door grachten en lagen de tuinen op gelijk niveau met het huis. Het buiten, dat reeds voor 1637 bewoond werd, was onder andere in de zomer van 1651 het decor van het huwelijk van Du Moulins stiefdochter Maria Vermeulen met Matthias Dögen, raad en agent van keurvorst Frederik Willem I van Brandenburg. De Duitse schrijver Philip von Zesen heeft voor deze gelegenheid een huwelijksdicht geschreven.

Rond 1642-1644 werd door Carl du Moulin een zandvaart aangelegd, met als doel het "Hemelsduintje" en de naastgelegen woeste gronden van de Heer van Brederode onder licentie af te zanden. Zover is het onder Du Moulin niet gekomen. Door de Eerste Engels-Nederlandse Oorlog na het uitroepen van de Navigation Act raakte Du Moulin zoals vele kooplieden in de financiële problemen. In 1654 ging hij failliet en werd zijn buitenplaats verkocht aan Gabriel Marselis (1609-1673).

Periode Marselis (1654-1703)[bewerken]

Onder Gabriel Marselis, die de hofstede de naam Elswout gaf, werden de oorspronkelijke tuinen gerooid, afgegraven en opnieuw aangelegd, waardoor het huis op een talud kwam te liggen. Tevens liet Marselis extra stallen bouwen. Vanaf het bezoek in 1660 van Maria Henriëtte Stuart en de kleine Willem III van Oranje, werd Elswout een beroemde bezienswaardigheid. Een uitgebreide beschrijving van Elswout anno 1663 is gegeven door Christian Knorr von Rosenroth. Tussen 1663 en 1682 werd de ingang van Elswout verlegd van het zuiden naar het oosten, met een nieuwe oprijlaan en een nieuw poortgebouw. Mogelijk hield dit verband met de verheffing van Gabriël Marselis in de Deense Adelstand in 1665, die zich vanaf toen Van Marselis liet noemen. Uit de periode Marselis zijn een aantal schilderijen van Elswout bekend, waaronder een schilderij van Jan van der Heyden en Gerrit Berckheyde. Beide werken hangen in het Frans Halsmuseum. Na de dood van Gabriël van Marselis in 1673 ging Elswout over op zijn oudste zoon Joan (Jan) van Marselis (1641-1702).

Periode Romswinckel/Boudaen (1703-1781)[bewerken]

In 1703 werd Elswout op een veiling gekocht door Jan Romswinckel Jansz (1643-1719). Het kostte hem grote moeite de verschuldigde koopsom aan de erven Van Marselis te voldoen. Pas op 4 april 1718 kon hij zich volledig eigenaar noemen van Elswout. Lang kon hij er niet van genieten. Hij stierf kinderloos in 1719, waardoor Elswout toekwam aan zijn drie broers. Een van hen, Abraham Romswinckel (1657-1738), Resident van de Koning van Pruisen (Frederik Willem I van Pruisen) te Amsterdam, kocht de anderen in 1720 uit. Romswinckels enige dochter trouwde met Gualterus Petrus Boudaen. Na haar dood in 1750 kwam Elswout in zijn handen. Uit deze periode dateren veel tekeningen en prenten door Jan de Beijer. In 1768 ontving Gualtherus Petrus Boudaen, dan regerend burgemeester van Amsterdam, op Elswout stadhouder Willem V van Oranje-Nassau en Wilhelmina van Pruisen.

Het park van Elswout is in de loop der eeuwen met behulp van zandafgravingen vormgegeven, gebruikmakend van grote hoogteverschillen. De achttiende-eeuwse ontwikkeling van een formele tuinstijl naar de verschillende fases van de Engelse landschapsstijl is in het park afleesbaar.

Periode Boreel (1781-1805)[bewerken]

Verantwoordelijk voor de introductie van de landschapsstijl op Elswout was Mr. Jacob Boreel (1746-1794), eigenaar van Elswout door koop in 1781. Hij was een zoon van Jacob Boreel sr. die de buitenplaats Beeckestijn te Velsen bewoonde. Aldaar was de tuinarchitect Johan Georg Michaël werkzaam, die vanaf circa 1765 een vroege vorm van de landschappelijke tuinstijl introduceerde. Daarom wordt wel aangenomen dat Michaël ook verantwoordelijk is geweest voor de landschappelijke transformatie van park Elswout.
Niet alleen het park werd gemoderniseerd. Ook de gevels van het huis een eerste maal gemoderniseerd, naar ontwerp van Abraham van der Hart. Na de dood van mr. Jacob Boreel in 1794 hadden zijn erven weinig belangstelling voor het buiten. Het werd te huur aangeboden. Precies in deze jaren was het romantische Park Elswout een inspiratiebron voor kunstenaars zoals Egbert van Drielst.

Periode Borski (1805-1884/1958)[bewerken]

In 1805 kwam Elswout in handen van de makelaar en bankier Willem Borski (1765-1814). Hij liet het huis en bijgebouwen verbouwen naar ontwerp van Bartolomeus Ziesenis. Daarbij werd het huis met een verdieping verhoogd. De wijzigingen aan het park werden vereeuwigd op een grote landgoedkaart door Hendrik van Zutphen, welke nu bewaard wordt in het Noord-Hollands Archief. Na de dood van Willem Borski in 1814, werd zijn weduwe Johanna Borski hoofd van de familie. Door haar toedoen werden de Borski's de rijkste familie van Nederland en financier van De Nederlandsche Bank.
Na de dood van Johanna's zoon Willem Borski sr. (1799-1881) liet diens zoon Willem Borski jr. (1834-1884) Elswout verbouwen naar ontwerp van Constantijn Muysken. Tijdens de bouw stierf de kinderloze Borski jr. echter, waardoor de bouw stil kwam te liggen. Zodoende was enkel het gevelwerk gereed gekomen, inclusief omvangrijke terraspartijen, terwijl het interieur onvoltooid bleef. Een parkontwerp door de Duitse tuinarchitect Eduard Petzold bleef onuitgevoerd, op het zogenaamde Klaverstuk na, dat in het zicht van Duinlust (Overveen) gelegen was. Van de beoogde nieuwe bijgebouwen, die de zeventiende-eeuwse bijgebouwen dienden te vervangen, werd enkel de oranjerie uitgevoerd. Hierdoor zijn het zeventiende-eeuwse poortgebouw en de stallen behouden gebleven. Een nieuwe boerderij in chaletstijl werd wel gebouwd.
Vanaf 1884 was Elswout feitelijk onderdeel van Duinlust geworden, eigendom van Borski's oudste zuster Johanna Jacoba (Anna) van der Vliet-Borski.
Landgoed Elswout bleef tot 1958 eigendom van de nazaten van Anna van der Vliet-Borski.

Elswout vanaf de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Het landhuis heeft in de Tweede Wereldoorlog onderdak verschaft aan Duits commando en daarna dienst gedaan eerst als locatie voor het Jac. P. Thijsse (Montessori) Lyceum en later als tuinbouwschool. In 1958 werd Landgoed Elswout overgedragen aan de gemeente Bloemendaal. In 1970 werd de Staat der Nederlanden eigenaar, die het beheer overliet aan Staatsbosbeheer.
Wegens langdurige leegstand van Huis Elswout, werd in 2001 besloten het Grote Huis voor een symbolisch bedrag te verkopen, met restauratieverplichting. Het landgoed bleef eigendom van Staatsbosbeheer.

Recentelijk werd het grote huis door de huidige eigenaar ingrijpend gerestaureerd en gerenoveerd, deels op grond van de ontwerpen van Constantijn Muysken uit 1882-1884.

Bronnen[bewerken]

Inger Groeneveld, 'What's in a name? Nieuw licht op Moulins hofstede, de vroegste aanleg van buitenplaats Elswout te Overveen', in: Bulletin KNOB 111 (2012) 2, 111-125. [1]
Erik de Jong 'Schoon en Schilderachtig. De Landschappelijke tuinstijl', in: Frans Grijzenhout en Carel van Tuyll van Serooskerken (red.), Edele Eenvoud. Neo-classicisme in Nederland 1765-1800, Zwolle 1989, p.73-87.[2]
H.M.J. Tromp, Elswout te Overveen, Zeist 1983. [3]

Afbeeldingen[bewerken]