Haarlems Dagblad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Haarlems Dagblad is een regionale ochtendkrant voor Haarlem en omstreken, te weten Haarlemmermeer en de noordelijke Bollenstreek (Hillegom en De Zilk). De door HDC Media uitgegeven krant heeft een oplage van ongeveer 33.608 exemplaren (stand: 2010).

Geschiedenis[bewerken]

Haarlem's Dagblad (met apostrof) verscheen voor het eerst in de zomer van 1883, als opvolger van het mislukte Haarlemsch Dagblad van uitgever H.M. van Dorp, dat slechts vier jaar had bestaan. Oprichter was Jan Michiel Bomans (1850-1909), grootvader van Godfried Bomans, die als volgt adverteerde: "Drukkers-Uitgevers: Bomans en Co., te Haarlem". De apostrof voor de genitief-s die Bomans in de titel gebruikte, werd na de Tweede Wereldoorlog geschrapt.

Abraham Casteleyn en zijn echtgenote Margarieta van Bancken (1663, Jan de Bray)

Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog telde Haarlem's Dagblad 16.528 abonnees en de concurrerende Opregte Haarlemsche Courant 13.200.[bron?] De bezetter verplichtte de twee dagbladen in 1942 tot een fusie. Het fusieproduct, dat zich moest voegen naar de denkbeelden van de bezetter, kwam uit onder de titel Haarlemsche Courant. De laatste Haarlemsche Courant rolde op 5 april 1945 van de drukpers. Na de oorlog bleef de fusie gehandhaafd, maar de titel luidde vanaf toen: Haarlems Dagblad. Vanaf maandag 13 september 1948 kreeg de kop de toevoeging "Oprechte Haarlemsche Courant 1656".

In 2005 maakte de krant de ommezwaai van avond- naar ochtendblad.

Haarlems Dagblad stelt de oudste nog steeds verschijnende krant ter wereld te zijn, omdat de krant is samengegaan met de Opregte Haarlemsche Courant, die al sinds de zeventiende eeuw bestond. Op 8 januari 1656 verscheen het eerste nummer van de Weeckelycke Courante van Europa, uitgegeven door de Haarlemse drukker Abraham Casteleyn. Een aantal jaren later kwam het blad tweemaal per week uit, weer later driemaal. De naam werd toen gewijzigd in Oprechte Haerlemsche Courant. De Zweedse Post och Inrikes Tidningar, opgericht in 1645, betwist de claim, maar dit periodiek komt sinds 2007 nog slechts digitaal uit.

Op 13 april 2013 maakte de krant de overstap van broadsheet naar tabloidformaat

Bekende personen[bewerken]

Letterkundigen als Conrad Busken Huet en Eduard Douwes Dekker (alias Multatuli), schreven in de negentiende eeuw in de Oprechte Haerlemsche Courant. Rabbijn Simon de Vries, beroemd dankzij zijn in veel talen verschenen Joodsche riten en symbolen, schreef voor de oorlog wekelijks een column in deze krant over de joodse religie.

Lennaert Nijgh, Mart Smeets, Joost Prinsen, Erik van Muiswinkel, Pim Fortuyn en Brigitte Kaandorp hebben als columnist bijdragen geleverd aan Haarlems Dagblad. Ook journalisten als W.L. Brugsma, Ischa Meijer, Kees Sorgdrager en Frénk van der Linden werkten ooit op de Haarlemse burelen, evenals schrijvers als Bies van Ede en Heleen van Royen.

Godfried Bomans en zijn vriend Harry Prenen richtten in 1936 voor de grap de Rijnlandsche Academie op, die een lang, geïllustreerd epistel naar de krant stuurde om te protesteren tegen de voorgenomen demping van de Bakenessergracht in de stad. De krant nam het ingekomen stuk serieus en drukte het in zijn geheel af. Dat was overigens niet de enige uitglijder in haar lange historie. Zo bleef het concert van de jonge Mozart op het orgel in de Grote Kerk in 1766 in 'de Oprechte' onvermeld. Zelfs de ondergang van de Titanic in 1912 haalde de kolommen van Haarlem's Dagblad niet toen het nieuws de wereld als een vuurtje rondging. Volgens de overlevering vond de dienstdoende redacteur het rampbericht immers van geen belang.

Zonder lidwoord[bewerken]

Hoewel veel Haarlemmers spreken over het Haarlems Dagblad, hoort dat lidwoord er officieel niet bij. 'Haarlem' wordt in de titel immers niet bijvoeglijk gebruikt, maar staat in de genitief. Dat blijkt ook uit de vroegere schrijfwijze Haarlem's Dagblad, met een apostrof voor de genitief-s. De titel moet dus eigenlijk gelezen worden als 'Het Dagblad van Haarlem' en niet als 'Het Haarlemse Dagblad'.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]