Intelligent design

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Intelligent design (Engels, afgekort als ID, wordt vertaald als intelligent ontwerp) is een creationistische beweging die de opvatting verbreidt dat bepaalde karakteristieken van het heelal en organismen het best worden verklaard als het werk van een intelligente "ontwerper". Zij staat daarmee diametraal tegenover de evolutietheorie waarin de karakteristieken van organismen worden verklaard door natuurlijke selectie en erfelijkheid. Hoewel er inderdaad nog veel vragen open staan betreffende het ontstaan van het leven en de erop volgende biologische evolutie is er een overduidelijke consensus binnen de wetenschappelijke gemeenschap dat intelligent design geen wetenschap is, maar pseudowetenschap die gebruik maakt van teleologische argumentatie.[1]

De naam intelligent design wordt metonymisch gebruikt voor zowel de opvatting als voor de beweging die zich hard maakt voor het opnemen van bovenstaande opvatting in het curriculum van scholen in de Verenigde Staten. Ook in andere landen heeft ID aanhangers.

Telkens wanneer wetenschappelijke conclusies worden gepubliceerd die een creationistische interpretatie van de heilige schrift weerspreken, bestaat de streng creationistische benadering uit een verwerping van de conclusies[2], de onderliggende wetenschappelijke theorieën[3] en/of de methodologie[4] zonder daarbij de eigen beweringen te baseren op enigerlei wetenschappelijke methode. Om deze reden karakteriseert de reguliere wetenschap "scheppingswetenschap" en intelligent design als pseudowetenschap[5].

Inhoud

[bewerken] Intelligent design in het kort

Eén van de kopstukken van de ID-beweging, William Dembski, heeft een centrale stelling geformuleerd: "Er bestaan natuurlijke systemen die niet voldoende kunnen worden verklaard in termen van ongeleide natuurlijke krachten en die eigenschappen hebben die we in elke andere omstandigheid aan intelligentie zouden toeschrijven."

Aanhangers van ID zien aanwijzingen voor "tekenen van intelligentie": fysieke eigenschappen die zonder (intelligent) ontwerp onmogelijk zouden zijn. Vaak genoemde tekenen zijn onherleidbare complexiteit (irreducible complexity) en specifieke complexiteit (specified complexity). Voorstanders van de theorie stellen dat levende systemen dergelijke eigenschappen hebben en concluderen daaruit dat minstens enkele onderdelen van het leven "ontworpen" zijn.

[bewerken] Concepten

[bewerken] Onherleidbare complexiteit

Zie Onherleidbare complexiteit voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Het concept van "onherleidbare complexiteit" is naar voren gebracht door Michael Behe, die het definieert als: "..een systeem dat bestaat uit goed passende samenwerkende onderdelen die elk bijdragen aan de basisfunctionaliteit en waarin het weghalen van één van de onderdelen tot gevolg heeft dat het systeem niet meer functioneert.".

Om duidelijk te maken wat hij bedoelt, gebruikt Behe het voorbeeld van de muizenval, bestaande uit een plankje, een metalen beugel, een veer, een grendel en een scharnierend stukje hout dat bij beweging de vergrendeling opheft. Alle onderdelen zijn noodzakelijk voor het functioneren van de muizenval, en als één van de onderdelen wordt verwijderd, werkt het geheel niet meer.

Dit heeft er toe geleid dat er een hele verzameling websites is ontstaan waarop getoond wordt hoe muizenvallen nog steeds kunnen functioneren als er onderdelen verwijderd worden. Er is ook een aantal sites waarop de 'evolutie' van een simpele muizenval tot het bekende plank-model getoond wordt[6]. Daarnaast is er het evolutionaire principe van co-optie, waarbij een bestaande functie van een orgaan, eiwit etc. wordt gebruikt als basis voor een geheel nieuwe functie. In het voorbeeld van de muizenval hoeft een evolutionaire voorganger niet per se de functie van muizenval gehad te hebben. Enkel het plankje van de muizenval is bijvoorbeeld prima te gebruiken als presse-papier. Of een muizenval zonder grendel is prima te gebruiken als dasspeld.

De stelling is dat dergelijke onherleidbare complexiteit niet door een evolutieproces kan ontstaan: in een proces van natuurlijke selectie kan een dergelijk systeem niet stap voor stap ontstaan, want alle onderdelen moeten aanwezig zijn voordat er een selectief voordeel is.

Als concrete voorbeelden van onherleidbare complexiteit worden genoemd: de zweepstaart van de bacterie E. coli, trilharen, het mechanisme van bloedstolling, de werking van het oog en het immuunsysteem. Tegenstanders van ID wezen als reactie op het vele wetenschappelijke onderzoek dat verricht is naar deze voorbeelden, onderzoek dat geleid heeft tot gedetailleerde verklaringen voor de evolutie van deze systemen.

[bewerken] Gespecificeerde complexiteit

Zie Gespecificeerde complexiteit voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Het concept van "gespecificeerde complexiteit" (ook: specifieke complexiteit) is ontwikkeld en naar voren gebracht door de wiskundige William Dembski. Hij argumenteert dat als iets zowel complex als specifiek (betekenisvol) is, het aannemelijk is dat het ontworpen is. Een enkele letter van het alfabet is specifiek maar niet complex, een lange reeks willekeurige letters is complex maar niet specifiek. Een sonnet van Shakespeare is echter zowel complex als specifiek. Onderdelen van organismen kunnen hiermee worden vergeleken, evenals DNA, dat de erfelijke code bevat.

Volgens Dembski's definitie is iets complexe specifieke informatie als de kans dat het spontaan ontstaat kleiner is dan 1 op de 10150.

Er zijn diverse argumenten ingebracht tegen dit concept:

  • Het concept is niet zinnig, de kans dat een oog ontstaat is niet te berekenen.
  • Bekijk het als een loterij: de kans dat een bepaalde deelnemer de loterij wint is miniem, maar dat betekent niet dat er nooit iemand een loterij wint.
  • Specifieke complexiteit is juist datgene wat er volgens de evolutietheorie ontstaat, natuurlijke selectie is precies datgene wat het verschil maakt tussen willekeur en geëvolueerde complexiteit. Met computermodellen kan dit onderscheid duidelijk gedemonstreerd worden.

[bewerken] Intelligent design en creationisme

Intelligent design laat zich niet uit over de aard van de ontwerpende intelligentie. Veel aanhangers van deze visie vinden dat ze, ondanks het feit dat ontwerp creatie impliceert, niet bij de creationisten ingedeeld moeten worden. Creationisme mag op grond van een clausule van de Amerikaanse grondwet (Establishment Clause of the First Amendment) niet op scholen in de VS onderwezen worden. In de praktijk komt het gros van de ID-aanhangers in Amerika uit de conservatief-christelijke hoek, wat de suggestie zou kunnen wekken dat met "ontwerpende intelligentie" de christelijke God wordt bedoeld. De meeste Amerikaanse darwinisten stellen daarom dat ID een poging is om het creationisme via een achterdeur weer in het Amerikaanse onderwijs te krijgen en dat de ontkenning van de relatie met religie enkel een rookgordijn is om de strikte scheiding van kerk en staat in de VS te omzeilen. De rechter in Pennsylvania oordeelde in december 2005 dat Intelligent design niet op openbare scholen mag worden onderwezen vanwege het ontbreken van enige wetenschappelijke onderbouwing van deze theorie.

[bewerken] Intelligent design in de Lage Landen

In juni 2005 verscheen het boek "Schitterend ongeluk of sporen van ontwerp?" onder redactie van Cees Dekker (hoogleraar aan de TU Delft), R. Meester en R. Van Woudenberg. Voor de publicatie van dit boek had Maria van der Hoeven, Nederlands minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een gesprek met Cees Dekker, en schreef in haar weblog naar aanleiding hiervan onder meer: "Als we erin slagen om wetenschappers van verschillende geloofsrichtingen met elkaar te verbinden, kan het [intelligent design] uiteindelijk misschien zelfs wel worden toegepast op scholen en in lessen." Maria van der Hoeven beoogde daarmee een debat over ID te laten voeren tussen wetenschappers en het onderwijsveld. Naar aanleiding van de betreffende tekst op de weblog ontstond in Nederland een storm van protest en werden zelfs Kamervragen gesteld. In België verklaarde Mieke Van Hecke, directeur-generaal van het Vlaams Secretariaat van het Katholiek Onderwijs (VSKO), dat katholieke wetenschappers de evolutietheorie al lang hebben aanvaard. Dat ligt enigszins anders binnen het meer Bijbelvaste protestantisme waar het aantal ID'ers ruimer vertegenwoordigd lijkt dan in de meeste Europese landen met (historisch) een overwegend katholieke bevolking.

[bewerken] Kritiek

Veel tegenstanders van intelligent design zien het hele idee als niet meer dan vermomd creationisme, en stellen bovendien dat het in wetenschappelijke termen geen theorie genoemd mag worden. Zij zeggen dat de enige ondersteuning voor ID uit de religieuze hoek komt, en niet uit die van de biologische wetenschap. Volgens Daniel Dennett berust ID op het gebruik van hemelhaken. Niettemin zijn sommige kritische argumenten van ID tegen de evolutietheorie ook te horen bij 'reguliere' biologen en natuurwetenschappers, zoals Lynn Margulis en Fred Hoyle. Pantheïsten nemen aan dat de natuur zichzelf ontwerpt, wat zich uit in het verschijnsel zelforganisatie. Dit maakt een buiten de werkelijkheid staande, dus transcendente, ontwerper overbodig.

[bewerken] Parodieën

Er zijn verschillende parodieën opgevoerd die als doel hebben om de gedachte van intelligent design in het belachelijke te trekken of om lacunes te tonen in deze theorie. Enkele parodieën zijn:

  • Een andere parodie is de theorie van Intelligent falling als vervanging voor de natuurkundige wetten van de zwaartekracht.
  • De meest 'serieuze' parodie is de theorie van Unintelligent Design. Deze theorie verklaart allerlei feiten als 'onnodig' lange zenuwbanen bij giraffen, onhandigheden in het 'ontwerp' van het oog, redundante organen zoals blind geworden ogen bij dieren die in het donker leven e.d. door te veronderstellen dat de ontwerper uit de ID-theorie eerder 'lui' of 'onhandig' dan 'intelligent' moet zijn geweest.

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken