Ismaël

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Abraham laat zijn zoon Ismaël gaan (Jan Soens)

Ismaël, Yishma'el of Ismail is de oudste zoon van Abraham, geboren uit Sara's slavin Hagar, met wie zijn vrouw Sara hem geslachtsgemeenschap liet hebben, toen zij kinderloos bleef. Ismaël is bekend uit de Tenach, Bijbel en Koran. Volgens alle drie de religies is Ismaël de voorvader van de Arabieren. Tussen de verhalen over Ismaël in de Koran enerzijds en in de Bijbel/Tenach anderzijds bestaan opvallende parallellen, maar ook grote verschillen.

Ismaël in de Tenach en Bijbel[bewerken]

In de Tenach en daarmee het Oude Testament komt Hagar voor in het boek Genesis. Het boek verhaalt dat Ismaël (יִשְׁמָעֵאל in het Hebreeuws, Yishma'el) werd geboren als de oudste zoon van Abram bij zijn Egyptische slavin Hagar. Volgens het verhaal in Genesis 16 schonk Abrams vrouw Saraï haar dienstmeid Hagar aan Abram, omdat Abraham bij haar geen kinderen kon krijgen hoewel God eerder beloofd had dat zij beiden wel nakomelingen zouden krijgen.

Nadat Hagar zwanger was geworden van Ismaël verloor ze haar respect voor Saraï omdat zij Abraham wel een zoon kon geven en Saraï niet. Saraï stuurde Hagar daarom weg naar de woestijn. Volgens Genesis werd ze daar door de engel des Heren gevonden vlak bij een bron. Deze bron kreeg de naam Lachai-Roï. Nadat Hagar op verzoek van de engel weer was teruggekeerd naar Abram (inmiddels Abraham geheten) en Saraï (inmiddels Sara) kreeg ze haar zoon Ismaël, wat "God luistert" betekent.

Ook Saraï (toen inmiddels Sara) kreeg een zoon, Isaak. Volgens de joodse en christelijke traditie zou Ismaël op de dag dat Isaak voor het eerst geen borstvoeding meer kreeg spottend hebben gelachen. Sara drong er toen bij Abraham op aan om Hagar en haar zoon opnieuw weg te sturen. Abraham, die veel hield van zijn eerstgeborene Ismaël, wilde daar aanvankelijk niet aan meewerken maar in een visioen gaf God hem te kennen dat dit toch moest gebeuren. God zou verder zorgen voor Ismaël en zijn moeder. Ismaël en Hagar werden daarop door Sara weggestuurd de woestijn Berseba in.

Toen het water dat ze meegekregen hadden op was, legde Hagar Ismaël onder een struik neer en ging op een kleine afstand zitten omdat ze niet kon aanzien hoe haar kind stierf. God hoorde Ismaël huilen en een engel van God riep Hagar toe om verder te gaan met de jongen. Op dat moment werden de ogen van Hagar geopend en zag ze een waterput. Zo werden de jongen en zijn moeder gered (Genesis 21).

Volgens Genesis werd Ismaël een geoefend boogschutter die in de woestijn van Paran bleef wonen. Zijn moeder vond voor hem een vrouw uit Egypte. Hij zou de vader van 12 prinsen worden die ieder een eigen koninkrijk zouden stichten. Volgens de traditie waren dit de 12 stammen van de latere Arabieren. Verder zouden zijn nakomelingen in voortdurende strijd met elkaar en hun verdere familie (de nakomelingen van Isaak de latere Israelieten) leven (Gen 16 en verder).

Nog eenmaal hadden Isaak en Ismaël contact met elkaar: toen hun vader Abraham overleden was begroeven ze hem samen in Hebron.

Ismaël in het Boek van Mormon[bewerken]

Een andere Ismaël is tevens een persoon uit het boek van Mormon, een heilig boek voor de leden van Mormoonse kerk.

De Mormoonse aartsvader Lehi stuurt zijn zoons na de moord op hun oom Laban terug naar Jeruzalem om Ismaël te smeken om met zijn dochters mee te vluchten. Zijn familie was door God uitverkoren (1 Nephi 7:2) om met Lehi's familie te trouwen. Hij had vijf dochters en minstens twee zoons (1 Nephi 7:6). Laman, Lemuel, Sam, Nephi en Zoram trouwden elk een van Ismaëls dochters (1 Nephi 16:7). Ismaël overleed gedurende hun reis door de woestijn en werd begraven in een plaats, die Nahom genoemd werd.

Van het historisch bestaan van deze Ismaël uit het Boek van Mormon zijn er geen bewijzen. De officiële mormoonse datering plaatst hem in dezelfde tijdsperiode als een in de Bijbel vermeldde Ismaël, de zoon van Nethanja, die de moord pleegde op Gedalja, een Babylonische gouverneur.

Ismaël in de islam[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Ismail (profeet) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Ismaïl (Arabisch: إسماعيل ) is in de islam een profeet en boodschapper die door God werd gezonden naar het volk van de Hidjaz. Volgens de islamitische traditie en Arabische genealogiegeleerden was Ismaïl de voorvader van het Arabische volk en tevens ook de voorvader (via Kedar en Adnan) van Mohammed.

Volgens de islamitische overleveringen werd Ismaïl bijna geofferd door Ibrahim, maar op het allerlaatst gered. In de Hadith wordt Ismaïl wel bij name genoemd door Mohammed als offerzoon. De bereidheid van Ibrahim om zijn zoon aan God te offeren wordt door moslims elk jaar gevierd tijdens het Offerfeest.