Hebron (Palestina)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hebron
الخليل
חברון
Stad in Palestina Vlag van Palestina
Hebron (Palestina)
Hebron (Palestina)
Situering
Gouvernement Hebron
Coördinaten 31° 32′ NB, 35° 6′ OL
Algemeen
Inwoners (2007) 163.146[1]
Hoogte 930 m
Foto's
Het centrum van Hebron
Het centrum van Hebron
Portaal  Portaalicoon   Azië

Hebron (Hebreeuws: חברון Chevron; Arabisch: الخليل Al Khalil) is een Palestijnse stad op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. De stad valt onder het bestuur van de Palestijnse Autoriteit. Hebron heeft ongeveer 163.000, overwegend Palestijnse, inwoners. Daarnaast kent Hebron een kleine Joodse gemeenschap van 500 mensen.

Sinds het begin van 1997 valt circa 80% van het grondgebied de stad ("H1" genoemd) onder het bestuur van de Palestijnse Autoriteit (PA), overeenkomstig de Hebronakkoorden tussen de toenmalige premier van Israël Benjamin Netanyahu en PA-voorzitter Yasser Arafat. De overige 20% ("H2") staat onder controle van Israël. In dit gebied wonen ongeveer 30.000 Palestijnen en circa 500 Joden[2].

Geschiedenis[bewerken]

Hebron is een van de oudste steden in het Midden-Oosten en een van de oudste steden van de wereld die onafgebroken bewoond is gebleven. Het was een koninklijke Kanaänitische stad die in Bijbelse tijd door Israëlieten werd veroverd. In het bijbelboek Jozua wordt beschreven dat de Gibeonieten van Gibeon, een stad die tot het Amoritische verbond hoorde, een verdrag sloten met de Israëlieten, en de Amorieten besloten Gibeon om deze reden te vernietigen als voorbeeld voor andere steden. De overheersers van Gibeon gingen naar de Israëlitische generaal Jozua, en vroegen hem de legers van de Amorieten te vernietigen, hetgeen hij deed. Vervolgens nam hij alle steden van de Amorieten in, waaronder Hebron.

Waarschijnlijk is Hebron in de 18e eeuw v.Chr. gesticht. De stad wordt in de Tenach genoemd.

In Hebron staat de Grot van de Patriarchen, die heilig is voor zowel joden als moslims. Joden kennen de plek als Ma'arat HaMachpelah (Grot van de Patriarchen); moslims als de Ibrahimi-moskee (Abrahams moskee). Deze plek wordt traditioneel beschouwd als de plaats waar de aartsvaders en -moeders Abraham, Sara, Izaäk, Rebekka, Jakob en Lea begraven zijn. In deze 'grot' is er voor joden, moslims en christenen een heiligdom geweest. Zowel in het jodendom als in de islam is Hebron een heilige stad. Op deze plaats is ook een christelijk heiligdom geweest, waarvan nog getuigenissen en resten zijn aan te treffen in de architectuur ervan. In 1288, nadat moslims de stad veroverd hadden, werd er een moskee van gemaakt.

David werd in Hebron tot koning van Israël benoemd en regeerde in deze stad totdat Jeruzalem veroverd werd, en dat de hoofdstad werd[bron?].

Behalve misschien gedurende een aantal periodes waarbij de feiten onduidelijk zijn, en behalve tijdens de periodes 1929-1931 en 1936-1968, is er sinds bijbelse tijden een joodse gemeenschap geweest. Al honderden jaren leven er Joden tussen een overwegend Arabische bevolking[3]. In 1834 vond in de stad een grootschalige pogrom plaats, gericht tegen de Joodse bevolking van de stad. Hierbij kwamen naar schatting ongeveer 500 mensen om het leven[bron?].

De immigratie van Joodse zionisten in Palestina veroorzaakte overal vele spanningen tussen de bevolkingsgroepen. In Hebron liep dit in 1929 uit op een bloedbad, waarbij 67 joden werden gedood en 60 gewond; Joodse huizen en synagoges werden geplunderd en vernietigd. De overgebleven Joodse bevolking vluchtte de stad uit. Tot 1968 was er geen Joodse aanwezigheid meer.

Jordaanse en Israëlische bezetting[bewerken]

Sinds 1948 was de Westelijke Jordaanoever bezet door Transjordanië. In december 1948 spraken de notabelen van Hebron zich uit voor aansluiting bij Transjordanië. Transjordanië annexeerde de Westelijke Jordaanoever in 1950 en veranderde de naam in Jordanië). Gedurende de Jordaanse periode vestigden zich 35.000 mensen in de stad.[4] De resten van de Joodse aanwezigheid in Hebron, waaronder de Abraham Avinu synagoge uit 1540, werden met de grond gelijkgemaakt.[5] Na de Zesdaagse Oorlog in 1967 werd Hebron veroverd en bezet door Israël.

In Hebron vestigde zich - anders dan elders op de Westelijke Jordaanoever waar Israëlische nederzetting opgetrokken werden rond Palestijnse steden en dorpen - een groep Joden midden in de oude stad. Palestijnen werden gedwongen hun huizen en winkelpanden te verlaten en op te geven. Anderen vertrokken omdat ze vanwege de gespannen situatie geen inkomsten meer hadden. Bepaalde gedeelten van de stad werden afgesloten door de Westoeverbarrière en onbereikbaar gemaakt voor Arabische bewoners. Sindsdien bestaan er tussen Joodse en Arabische bewoners spanningen die zich uiten in onderlinge pesterijen. Arabische winkeliers hebben bijvoorbeeld netten gespannen omdat vanuit kolonistenwoningen die bovenop hun winkels gebouwd zijn, vuilnis en stenen in de winkelstraten worden gegooid.[bron?]

In 1994 drong Baruch Goldstein, een Amerikaans-Israëlische arts, gewapend de Ibrahimi-moskee binnen tijdens een gebedsstonde, schoot 29 biddende moslims dood en verwondde 125 moslims. In rellen buiten de moskee werden nog eens 19 Palestijnen gedood. Ook Goldstein zelf werd daarbij gedood. In het kader van de akkoorden van Wye River, die in oktober 1998 als deel van het Arabisch-Israëlische vredesproces werden bereikt, kwamen Israël en de PLO een voorlopige regeling overeen over de toegang voor moslims en joden tot de Grot der Patriarchen. De Waqf kreeg hierbij de controle over 81% van het gebouw, waaronder het zuidoostelijke deel dat boven de toegang tot de grotten ligt. De cenotafen van Isaac en Rebekka, die zich in dit deel van het complex bevinden, zijn voor joden gedurende 10 dagen per jaar toegankelijk. In die tijd zijn de moskee en de straten rondom afgesloten voor moslims. Israëlische militairen laten dan alleen joodse gelovigen toe en sommige toeristen. Op 10 andere dagen per jaar hebben alleen moslims toegang tot het complex.

Na dit bloedbad werd er een internationale waarnemersmissie van burgers naar Hebron gestuurd. Zij documenteren incidenten tussen de Palestijnen en Israëliërs. In maart 2002 werd een waarnemer gedood en een tweede verwond door Palestijnse terroristen, en in 2006 werden na de controverse rond de Mohammedcartoons in het Deense dagblad Jyllands-Posten alle werkzaamheden in Hebron gestaakt nadat Palestijnen waarnemers hadden aangevallen en hadden gedreigd hun hoofdkwartier in brand te steken.[bron?] Patrouilles van de waarnemers in de Joodse gebieden werden tijdelijk gestaakt na herhaaldelijke confrontaties met kinderen in de Joodse wijken.

Afzetting in Hebron

De Joodse aanwezigheid in de oude stad breidt zich gestaag uit. Israël heeft voor zichzelf de gehele Westelijke Jordaanoever in twee districten gesplitst en daar regionale raden ingesteld die een aantal illegale nederzettingen omvatten. Hebron valt onder een dergelijke raad, een groot aantal nederzettingen omvattend in het omliggende Palestijnse grondgebied.

In 2008 werden er vijf afzonderlijke groepen woningen verspreid over de binnenstad gesitueerd en bewoond door Joden. Zij worden voortdurend beschermd door circa 2000 Israëlische soldaten. Het Palestijnse stadsbestuur vermoedt dat er op den duur een wig van door Israëliërs bewoond gebied dwars door het stadscentrum van Hebron heen ontstaat die territoriale aansluiting moet kunnen krijgen met Kiryat Arba, de Israëlische nederzetting in de nabije omgeving van Hebron. De hierdoor steeds toenemende druk zorgt voor veel spanningen tussen de Joodse en Arabische bevolking. Door de gehele stad heen bevinden zich Israëlische controlepunten, straten worden door militairen -vaak onaangekondigd- afgesloten, waardoor Palestijnen hun wijken soms niet in of uit kunnen. Kolonisten krijgen uitgebreide militaire bescherming.

Oplopende spanningen en gevolgen[bewerken]

De spanningen vanwege de Israëlische gebiedsuitbreiding en militaire controle over de Palestijnse Gebieden leidden uiteindelijk tot een hevige oorlog (Conflict in de Gazastrook 2014). In het voorjaar van 2014 hadden de Palestijnse verzetsbewegingen van de Gazastrook (Hamas) en de Westelijke Jordaanoever (Fatah) toenadering tot elkaar gezocht om te komen tot een Palestijnse Regering van Nationale Eenheid voor de vredesonderhandelingen met Israël. Netanyahu frustreerde daarop het lopende vredesoverleg met Mahmoud Abbas. In april 2014 erkende Israël een door kolonisten reeds gestichte illegale nederzetting in Hebron.

Op 12 juni 2014 werden drie kolonisten-jongeren nabij Hebron ontvoerd en vermoord.[6]

Na deze ontvoering zette Israël een grootschalige zoekactie op gang op de Westelijke Jordaanoever en arresteerde honderden Palestijnen. Ook werden 1.300 huizen doorzocht en enkele Palestijnen gedood. De huizen van minstens twee verdachten werden verwoest. In Oost-Jeruzalem werd op 1 juli 2014 als wraak een Palestijnse jongen door Joodse inwoners ontvoerd en levend verbrand en een andere jongen mishandeld.[7][8]

Op 24 juni begon het Israëlische leger luchtaanvallen uit te voeren op Hamas in de Gazastrook. Op 8 juli startte Israël de militaire operatie 'Protective Edge' en brak een oorlog uit in de Gazastrook tussen Israël en Palestijnse verzetsgroepen, waaronder Hamas.

Op 31 augustus 2014, tijdens een staakt-het-vuren in de oorlog met de Gazastrook, werd het Israëlische plan bekend gemaakt om, in de buurt van de nederzetting Goesj Etsion bij Bethlehem, 400 hectare grond van Palestijnse boeren, te onteigenen en te annexeren voor de bouw van nederzettingen. De Israëlische radio had gemeld dat dit een reactie was op de ontvoering van de drie tieners in hetzelfde gebied.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. (en) PCBS (Palestijns Centraal Bureau Statistieken), Census 2007 Final Results (p. 128)
  2. Hebron Today, Temporary International Presence in Hebron (tiph.org)
  3. Fred Skolnik, Michael Berenbaum (2007) Encyclopaedia Judaica, Second Edition, Volume 8, pg. 744-749
  4. Elisha Efrat (1984): Urbanization in Israel. Taylor & Francis, p. 192
  5. Jerold S. Auerbach (2009): Hebron Jews: Memory and Conflict in the Land of Israel, Rowman & Littlefield, p. 79
  6. Netanyahu: Hamas heeft tieners ontvoerd vs Hamas: Israël saboteert verzoening Trouw, 15 juni 2014
  7. Escalatie tussen Israël en Hamas, Nu.nl, 16 juli 2014
  8. Onlangs verdwenen drie Israëlische tieners + gevolgen, NRC Handelsblad, 7 juli 2014