Engel
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
|
De aartsengel Gabriël verschijnt aan Zacharias (interpretatie van de schilder Paul de Limbourg, zie Gebroeders Van Limburg)
|
Een engel (< Latijn: angelus < Oud-Grieks: ἄγγελος / ángelos < Hebreeuws: מלאך / mal'ach (Genesis 19.): « booschapper ») is een bovennatuurlijk, verstandelijk wezen, dat wordt teruggevonden in verscheidene (vaak monotheïstische) religies. In het Christendom, de Islam, het Jodendom en Zoroastrisme, treden engelen, als bediendes of beschermers van de mens, gewoonlijk op als boodschappers van God (of de goden), van wie ze duidelijk zijn onderscheiden, en beschikken over bovenmenselijke capaciteiten en eigenschappen.
Inhoud |
[bewerk] Etymologie
Het woord engel is afkomstig van het Latijnse angelus, wat op zijn beurt is afgeleid van het Griekse ἄγγελος, ángelos, wat "boodschapper" betekent. Het Hebreeuwse woord voor engel is מלאך, mal'ach, en dat betekent ook "boodschapper". Zo wordt de auteur van het laatste Bijbelboek van het Oude Testament aangeduid met 'malach'. Ook het Arabische woord ملاك, malak, is hieraan verwant.
[bewerk] Oorsprong van het concept
Volgens verschillende onderzoekers is het concept van engelen ontleend aan archaïsche mythologieën en religies zowel in Mesopotamië, het Oude Egypte als het tussenin liggende oude Kanaän.
[bewerk] Egyptische neteru
In de Egyptische mythologie kende men geen onderscheidend woord voor grotere en kleinere 'goden' of wezens die enige goddelijke kwaliteit bezaten. Ze werden allen met de term neter (meervoud neteru) aangeduid. Andere volken groepeerden klassen van deze goddelijke wezens elk onder een eigen term door rangorden van engelen te ontwerpen, waaraan zij verschillende namen toekenden naargelang hun verschillende taken in verband met de dienst van de oppergod. Maar zoals de lagere godheden van de Egyptenaren aan kwalen en tekorten van menselijke aard konden lijden, en zelfs konden verouderen en sterven, zo ook was dit het geval met de lagere engelenklassen van Mohammedanen en Hebreeën.[1]
[bewerk] De cherubs
De voorstelling die men zich maakte van engelen gaat terug op die van de cherubs, sfinxachtige mythologische monsters die door de Israëlieten ontleend waren aan Mesopotamië en aangepast aan de eigen iconografie.[2] Ze bestonden uit een samenstelling van leeuw, vogel en mens, en er stonden vier dergelijke beelden rond de ark in de tempel, zoals ze gedateerd worden uit circa de 10e eeuw v.Chr. De Karibu, waaraan de Cherubs ontleend zijn, waren apotropaeïsche bewakers van tempels en paleizen in het oude Sumerië en Babylonië. Tijdens hun Babylonische ballingschap zouden de Joden vertrouwd geraakt zijn met deze wezens, en mogelijk om die reden zijn ze verwerkt in de Bijbel en de joodse geschriften. De Karib was het wezen dat de Assyrische Boom des Levens bewaakte, het symbool van vruchtbaarheid in de oude cultus.
Het voorstellen van mythische wezens met vleugels ten teken van hun goddelijke macht stamt uit oeroude tijden, waar vogels vaak als verbinding tussen het aardse en het hemelse werden gezien. Zo beeldden de Egyptenaren bijvoorbeeld de ba als 'ziel' af in de vorm van een vogel met eventueel een mensenhoofd. Met name de gier werd grote eerbied betoond, aangezien deze vogel in oude tijden (neolithicum) de lijken van de overledenen die op een hoogte waren neergelegd ontbeende, waarna het gebeente met rode oker werd gekleurd en bijgezet. Men geloofde dat de ziel van de voorouders in deze vogels was overgegaan. Belangrijke godinnen van leven en dood zoals Hathor droegen dan ook een typisch kapsel in de vorm van een gierenpruik als symbool van hun hemelse verbondenheid.
Voorafgaand aan de cherubs uit de tempel van Salomo waren er ook afbeeldingen van bijvoorbeeld de godin Astarte die hieraan refereerden, zoals een ivoren plaket uit de 14e eeuw v.Chr. opgegraven in Ugarit door een Frans expeditieteam van archeologen aantoont. Het gaat om een hangertje waarop de gevleugelde vruchtbaarheidsgodin naakt staat afgebeeld met Hathorgezicht en kapsel, in beide handen slangen ophoudend en ermee geflankeerd.
De oorspronkelijke relatie tot vruchtbaarheidswezens wordt ook nog eens sterk benadrukt door een bijna identiek Sumerisch reliëf uit 2000 v.Chr. waarop een eveneens naakte en gevleugelde Lilith staat afgebeeld, met voetklauwen rustend op twee bokken, en met driehoekig hoofddeksel met lagen hoornen op elkaar (Collectie Norman Colville). Een gelijkaardige afbeelding is ook in Egypte gevonden.
[bewerk] De Syrische traditie
Een van de oudste tradities die tot de indeling van goddelijke machten en krachten in de hoedanigheid van engelen kwam was de Syrische. Er waren negen klassen en drie orden, een hoogste, middelste en laagste. De hoogste orde bestond uit Cherubim, Seraphim en Tronen. De middelste uit Heren, Machten en Heersers, en de laagste waren de dienaren die de geschapen entiteiten bewaakten. De middelste klasse ontving revelaties van de hoogste. In de Syrische traditie hebben de engelen nog veel gemeen met de lagere godheden van de Egyptenaren.[1] Hoogste en meest toonaangevende engel is Gabriël, die bemiddelt tussen God en zijn schepping. In dit systeem zijn engelen een 'beweging' die spirituele kennis bezit omtrent alles dat zich op aarde of in de hemel bevindt. Aartsengelen worden beschreven als een "gezwinde werkende beweging", die overmacht heeft over elk levend wezen, behalve de mens.
[bewerk] De joodse, christelijke en islamitische traditie
Engelen komen voor in de tradities van het jodendom, christendom en islam. In andere religies worden bovennatuurlijke wezens soms vergeleken met engelen, omdat zij enkele kenmerken met engelen gemeen hebben en gelden als engelachtigen.
[bewerk] Klassen van engelen in het Jodendom
In de Hebreeuwse mythologie worden tien klassen van engelen onderscheiden: Erêlîm, Îshîm, Benê Elôhim, Malachîm,Hashmalîm, Tarshîshîm, Shishanîm, Cherûbîm, Ophannîm en Serâphîm. Volgens hun positie en orde van belang waren onder hen alle taken verdeeld die met het ordenen van hemel en aarde hadden te maken, en werden zij vertolkers van de Wil van God. Uit vergelijkende passages van Rabbijnse litteratuur, die deze en aanverwante zaken over engelen, geesten enz. uit de antieke Hebreeuwse mythologie met Egyptische teksten vergelijken, blijkt dat Egyptenaren en Joden veel ideeën gemeen hadden, en er zijn duidelijke aanwijzingen dat deze laatsten ze aanvankelijk aan de eerstgenoemden ontleenden.[1]
[bewerk] Opdrachten van engelen
In het jodendom, christendom en de islam heerst de mening dat het aantal engelen astronomisch is; er wordt in de Bijbel gesproken over tienduizenden maal tienduizenden. Christus zou een veel geringer aantal engelen hebben genoemd; bij zijn gevangenneming in Getsemane sprak hij van enige legioenen engelen. Er bestaat een zekere rangorde onder de engelen; echter, het aantal orden en de benamingen daarvan loopt per godsdienst uiteen. In de christelijke traditie staan cherubijnen aan het hoofd van de engelenhiërarchie, in de islam zijn dat de aartsengelen.
Afgaande op wat er in de Bijbel en de Koran over engelen verhaald wordt, maakt men onderscheid tussen de verschillende taken van engelen:
- brengen van boodschappen; zij worden uitgezonden om mensen te waarschuwen of woorden van God te verkondigen. In de christelijke traditie verkondigde de aartsengel Gabriël aan de Maagd Maria dat ze de Messias ter wereld zou brengen. Volgens de islam zou Mohammed de Koran van de aartsengel Djibril ontvangen hebben met de opdracht deze van buiten te leren (reciteren).
- aanbidden van God; in de Bijbel aangeduid als 'serafs' en in de Koran 'seraphim'.
- dienen van mensen; zij beschermen mensen en 'dragen hen op handen'.
- strijden; zij voeren zowel geestelijke als natuurlijke strijd in de hemelse gewesten en op aarde tegen kwade geesten en mensen die Gods plan willen dwarsbomen.
- uitvoeren van Gods besluiten en gerichten (in de Tenach).
- bewaken van de muren en toegangspoorten van de hemel en de hel.
- noteren van alle daden van iedere mens.
- aanwezig zijn tijdens het gebed van de gelovigen.
[bewerk] De uiterlijke verschijning van engelen
Engelen kunnen een willekeurige uiterlijke vorm aannemen. Meestal hebben engelen een volmaakt menselijk uiterlijk, veelal dat van een jongeling. In de verhalen uit de Bijbel worden engelen in een aantal gevallen in eerste instantie niet als zodanig door de mens herkend. Ook in de islam wordt dit vermeld: zo dacht Mohammed, bij de verschijning van aartsengel Gabriël, te doen te hebben met een djinn. Soms komen engelen ook voor in de gedaante van een vreeswekkend en lichtuitstralend wezen en is hun verschijning voor de mens fysiek bijna ondraaglijk.
Engelen worden - in de kunst en op bijvoorbeeld iconen - meestal afgebeeld als wezens met vleugels, hoewel er in de Bijbel en in joodse geschriften geen teksten zijn te vinden die op een dergelijk uiterlijk van engelen wijzen; Jacob zag bijvoorbeeld engelen met behulp van een (Jacobs)ladder uit de hemel neerdalen. De wijze waarop engelen worden afgebeeld berust echter grotendeels op conventie: voor de mens zijn engelen, bovennatuurlijke en onlichamelijke wezens, niet waarheidsgetrouw af te beelden. De Koran maakt wel expliciet melding (Soera Schepper) dat engelen geschapen zijn met twee, drie of vier vleugels en stelt dat engelen zijn geschapen uit licht.
In de traditie van het oosterse christendom worden cherubijnen vaak aangeduid als "veelogig" en serafijnen als "zesvleugelig", waarbij deze wel een menselijke gedaante hebben. Dit komt overeen met wat in de Bijbel over serafijnen te lezen is. In de iconografie worden serafijnen afgebeeld als zesvleugelige, vlammende wezens, die hun gelaat en benen met hun vleugels bedekken uit ontzag voor de majesteit van God.
[bewerk] Vrije wil
Volgens de christelijke traditie hebben engelen net als de mensen een vrije wil en kunnen voor of tegen God kiezen. In het Bijbelboek Genesis wordt verhaald over een opstand van de aartsengel Lucifer (lichtdrager), waarbij een derde van het aantal engelen zijn zijde koos. Lucifer werd bekend als de duivel of de satan en zijn engelengevolg als 'gevallen engelen', demonen, kwade en onreine geesten of duivels. De christelijke traditie maakt een groot onderscheid tussen engelen en mensen: engelen kunnen éénmaal kiezen voor of tegen God, in tegenstelling tot de mensen, die zich door hun zonden veelvuldig van God afkeren, maar voor wie tot aan hun sterven de mogelijkheid tot berouw blijft bestaan.
Volgens de islam hebben engelen geen vrije wil, waardoor zij ook niet kunnen zondigen.
[bewerk] Bovennatuurlijke macht
In vele Bijbelboeken waarin engelen voorkomen, blijkt dat engelen over bovennatuurlijke macht, kennis en capaciteiten beschikken; de theologie ondersteunt deze eigenschappen van engelen eveneens. Engelen staan boven de natuurwetten en zijn tot dingen in staat die voor de mens onmogelijk zijn.
De gevallen engelen, c.q. demonen, hebben deze macht over de natuurwetten gehouden; hun val heeft hun bovennatuurlijke macht, kennis en vermogens niet aangetast. Dit stelt hen in staat grote invloed uit te oefenen op de mens en op de atmosfeer.
[bewerk] Engelen in het christendom
[bewerk] Engelenorden volgens de indeling van Dionysius de Areopagiet
In het christendom hebben de theorieën van Dionysius de Areopagiet grote invloed op de theologie gehad en hebben ze menig mysticus geïnspireerd. Dionysius deelde de engelen in negen rangen of orden in, waarbij hij zich liet leiden door de neoplatonische filosofie, getuige de triadenstructuur van zijn hiërarchische indeling van engelen:
de hoogste orde
de middelste orde
- Vorstendommen
- Machten
- Krachten
de laagste orde
- Heerschappijen
- Aartsengelen
- Engelen (beschermengelen)
Zij bevinden zich in steeds engere cirkels rond God. De serafijnen en cherubijnen staan hierin het dichtst bij Gods troon. Veel theologen wijzen op het arbitraire karakter van Dionysius' indeling. Zo krijgen aartsengelen belangrijke taken toebedeeld, hoewel ze tot het laagste orden behoren, wat niet te rijmen is met hun functies.
[bewerk] Verering van engelen
De verering (Latijn veneratio of dulia) van de engelen kwam in Europa vooral vanaf de vijfde eeuw op gang, nadat Laurentius van Siponto het Apuliaanse heiligdom ter ere van de Aartsengel Michaël vestigde. In de theologie houdt de angelologie zich bezig met de engelen. De kerken onthouden zich in het algemeen van verdere expliciete uitspraken over de engelen, omdat de heersende opvatting is dat de mensen heel weinig weten over engelen. Voor christenen bestaan engelen zonder meer, maar de opvattingen over engelen maken deel uit van de fides implicita en vormen derhalve geen onderdeel van de fundamentele christelijke dogmata. De rijke volksdevotie is geïnspireerd door met name Dionysius de Areopagiet en Hildegard van Bingen.
De Engel des Heren of Engel van de HEER die in het Oude Testament meer dan vijftig maal optreedt wordt door christenen soms als voorverschijning van Jezus gezien.
De traditie van de rooms-katholieke kerk leert dat een mens vanaf de geboorte tot de dood omringd wordt door de bescherming en de voorspraak van engelen. Iedere gelovige wordt terzijde gestaan door een engel (beschermengel of engelbewaarder) om hem als een behoeder en herder door het leven te leiden. In de rooms-katholieke kerk wordt het feest van de beschermengel gevierd op 2 oktober, het feest van de aartsengelen op 29 september. In de Rooms-katholieke Kerk bestaat er één geestelijke orde, die expliciet leeft vanuit de engelenspiritualiteit. Deze orde van de Reguliere kanunniken van het Heilig Kruis begeleidt het uit leken en priesters bestaande Engelenwerk (Opus Sanctorum Angelorum).
De oosterse orthodoxie leert dat een mens een beschermengel toebedeeld krijgt na het sacrament van de doop. Als een mens echter veel zondigt en geen berouw heeft, verwijdert hij zijn beschermengel van zich. In de oosterse orthodoxie wordt op 21 november (Juliaanse kalender) het feest gevierd dat alle engelenorden eert; dit feest heet "De vergadering van de Aartsengel Michaël." Deze aartsengel wordt als de aanvoerder van de hemelse heerscharen beschouwd.
[bewerk] Engelambt in Apostolische Kerken
De benaming engel wordt soms ook gebruikt voor mensen. In de Openbaring van Johannes (hoofdstuk 2 en 3) wordt gesproken over een engel van de gemeente. Onder vooral protestanten en apostolischen wordt dit veelal uitgelegd als de opzieners van de zeven gemeenten in Anatolië, aan wie deze apostel zeven profetische brieven richtte. Het ambt van engel in Apostolische Kerken is op deze uitleg gebaseerd. Zo'n engel is in de katholieke hiërarchie vergelijkbaar met een deken. Volgens Rooms-katholieke en oosters-orthodoxe opvattingen heeft engel van de gemeente hier echter de betekenis van beschermengel van de gemeente of is het bedoeld als personificatie van die gemeenten.
[bewerk] Engelen in de islam
Het geloof in de engelen is een van zuilen van geloof van de islam. In de Koran worden engelen circa tachtig keer genoemd. Volgens de islam zijn engelen uit licht geschapen door God. Zij begaan geen zonden. Zij worden niet beschouwd als mannelijk of vrouwelijk; ze hebben geen geslacht. Alleen krachtens Gods wil kunnen ze de gedaante van een mens aannemen. In de hemel bezingen zij Gods lof, dragen zijn troon en brengen zijn boodschappen over. Daarnaast beschermen zij de mensen en treden op in het leven van de mensen. Zo blazen zij volgens de hadith de ziel in bij ongeborenen.
Een aantal engelen heeft een specifieke taak, zoals Izra'iel, de doodsengel, en Israfiel die op de Dag des oordeels op de bazuin zal blazen. Suleyman wist de macht over de djinns te krijgen door de engelen Harut en Marut. De engelen Nakir en Munkar bezoeken de overledenen in hun graf en vragen om de geloofsbelijdenis volgens de hadith. Malik zorgt voor het hellevuur. Ook de duivel (Iblis) is een engel, maar hij weigerde te buigen voor Adam, zoals vermeld in Soera Al-Hidjr. In de islam wordt de duivel niet gezien als een machtige tegenpool van God.
Volgens Soera De Splijting 10 t/m 12 en Soera Qaaf 18 schrijven twee engelen, links en rechts gezeten, van ieder mens de goede en de slechte daden op. Aan het einde van de salat worden zij dan ook gegroet met een vredeswens.
Tijdens de Slag bij Badr werden de moslims volgens de traditie geholpen door een leger van engelen.
[bewerk] Engelachtigen in andere religies
In andere religies treden vaak wezens op die gemeenschappelijke kenmerken met die van engelen vertonen. Deze wezens zijn veelal goedaardig maar kunnen soms ook slechtere intenties hebben. De goden (pali: deva) in het boeddhisme kunnen kenmerken van engelen vertonen. Soms wordt daarom voor de lagere devas de Nederlandse vertaling engel gebruikt. De Catummaharajika devas, de Tusita devas en de Tavatimsa devas komen het dichtst bij de beschrijving van een engel, omdat ze mensen kunnen beschermen en zich relatief vaak laten zien en soms ook in de gebeurtenissen in het dagelijks leven van de mens ingrijpen. De engelen van de Catummaharajika devas kunnen soms ook minder goede intenties hebben.
In de Noord-Europese mythologie zijn de zogenaamde Alven bekend als natuurgeesten, geassocieerd met vruchtbaarheid. Ook daar werd op zeker moment onderscheid gemaakt tussen Lichtelfen en Svartalfer. Al deze natuurwezens waren toegewezen aan de macht van de vruchtbaarheidsgod die met Freyr werd aangeduid en geassocieerd was met de nog oudere godheid of godin Nerthus.
[bewerk] Verschijningen van engelen in het heden
Niet alleen in vroeger tijden was er sprake van engelen. Ook heden zijn er mensen die zeggen in contact te zijn gekomen met engelen, vaak in levensbedreigende situaties waaruit ze op wonderlijke wijze gered werden. Een engel wordt dan bijvoorbeeld ervaren als "mens" die stoffelijk aanwezig is en hulp of ondersteuning biedt en even later plotseling (in het niets) is verdwenen.
Sommige mensen die paranormale krachten zeggen te hebben getuigen ook van waarneming van engelen. Een moderne beweging waarin engelachtige wezens een rol spelen is New Age.
In sommige talen, waaronder het Nederlands, heeft 'engel' nog als bijbetekenis: een bijzonder lief persoon.
[bewerk] Noten
- ^ a b c E.A. Wallis Budge The Gods of the Egyptians - Studies in Egyptian Mythology, Vol. I p.5-7
- ^ Magnussen, M. Graven in Bijbelse Bodem - Archeologie van de landen van de Bijbel, p. 142
[bewerk] Zie ook
[bewerk] Literatuur
- Budge, E.A. Wallis The Gods of the Egyptians - Studies in Egyptian Mythology, Vol. I, Dover Publications Inc. N.Y. 1969, ISBN 0486220559
- Magnussen, M. 1978: Graven in Bijbelse Bodem - Archeologie van de landen van de Bijbel, Westland, Schoten, ISBN 9024670209

