Hildegard van Bingen
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Hildegard van Bingen (Bockelheim, 1098 – Rupertsberg, 17 september 1179) was een Duitse benedictijnse abdis en geldt als eerste vertegenwoordiger van de Duitse middeleeuwse mystiek. Zij was onder meer actief op het gebied van religie, kosmologie, wetenschappen, filosofie, muziekcompositie, poëzie, plantkunde en linguïstiek. Zij was de eerste componiste uit de geschiedenis van de klassieke muziek die bij naam bekend is.
Inhoud |
[bewerk] Leven
Zij werd geboren in een adellijk gezin dat woonde op het slot van Bermersheim, niet ver van Mainz. Voor haar opvoeding werd ze op haar achtste aan de recluse Jutta van Sponheim toevertrouwd, die in een cella woonde die tegen de kerk van het klooster Disibodenberg was gebouwd. Op haar veertiende werd ze ook kluizenares. Ze leerde van Jutta in de eerste plaats Latijn, maar ook het zingen van het officie en de geneeskunst van die tijd. Toen Jutta in 1136 stierf, werd Hildegard gekozen tot abdis van het nonnenkloostertje dat was ontstaan.
Het was in deze tijd dat Hildegard, met behulp van haar secretaris Volmar, de visioenen die zij vanaf haar 43e levensjaar kreeg, begon op te tekenen. De officiële kerkelijke autoriteiten volgden haar visioenen in eerste instantie argwanend. Dit veranderde toen tijdens de synode van Trier in 1147 de heilige Bernardus van Clairvaux en de aartsbisschop van Mainz haar onder de aandacht van Paus Eugenius III brachten, die haar aanspoorde en bemoedigde om haar werk voort te zetten. Zo kon zij met de zegen van de Kerk haar eerste grote werk, Scivias voltooien: Ken de wegen van de Heer.
In 1147 wilde Hildegard, met nieuw zelfvertrouwen, haar vrouwenklooster onafhankelijk van Disibodenberg maken. Deze (voor die tijd eigenwijze) wens wekte de woede van abt Kuno van Disibodenberg, die de beroemde zuster voor zijn klooster wilde behouden. Na een beroep op de bisschop dat met het nodige drama gebracht werd ging de stichting toch door, en nog in datzelfde jaar (1150) vertrok Hildegard met haar zusters naar de Rupertsberg bij Bingen.
Het was in het nieuwe klooster dat Hildegards meest productieve jaren vielen. Daar componeerde ze bijvoorbeeld ook de muziek die haar tegenwoordig opnieuw beroemd maakt. Deze muziek is net zo afwijkend van het gebruikelijke als haar andere werken, en vormt in feite een geheel eigen tak aan de boom van het Gregoriaans, als het daar al onder te rangschikken valt.
Naast de muziek schreef ze nog twee grote visioenenboeken: Liber vitae meritorum oftewel Boek van de verdiensten van het leven (1150-1163) en Liber Divinorum Operum oftewel Boek van Goddelijke werken (1163.) Ook van haar hand zijn de Physica en Causae et Curae (1150), twee werken die samen beter bekend staan als Liber Subtilitatum (Het boek van subtiliteiten). Deze handelen niet over theologie, maar over de natuur en de geneeskunst.
De invloed van Hildegard nam ondertussen een hoge vlucht, doordat allerlei hooggeplaatsten aan haar raad kwamen vragen. Zij schreef vele brieven. Ook met verschillende andere heiligen was zij bevriend, zoals met de heilige Gerlach van Houthem, die ze het kransje van haar professie stuurde.
Aan het einde van haar leven kwam ze nog in ernstige moeilijkheden doordat ze een geëxcommuniceerde in gewijde grond had laten begraven. Daardoor liep ze met haar hele gemeenschap dezelfde straf op. Haar gemeenschap mocht zich geen klooster meer noemen, de zusters mochten geen Sacramenten meer ontvangen en mochten zelfs niet meer zingen bij de getijden. Uiteindelijk kreeg ze, hoewel ze geen duimbreed wilde toegeven, toch gelijk, wat haar tekent.
Op 17 september van het jaar 1179 stierf Hildegard van Bingen op de leeftijd van 81 jaar. De aanwezigen beweerden dat op dat moment vanuit de hemel een helder licht op haar sponde viel. Haar relieken werden in 1642 overgebracht naar de parochiekerk in Eibingen. Ze is nimmer heiligverklaard, maar staat toch gewoon op de heiligenkalender.
[bewerk] Werk
Door de hernieuwde belangstelling voor vrouwen van de middeleeuwse kerk krijgt is er tegenwoordig ook voor Hildegard van Bingen, in het bijzonder voor haar muziek, heel wat interesse. Ongeveer 80 van haar composities zijn ons overgeleverd, een repertoire dat tot de uitgebreidste onder de middeleeuwse componisten behoort.
[bewerk] Hildegard als componiste
Als componiste schreef Hildegard (Hilde=strijd) het mysteriespel Ordo Virtutum"Orde der deugden", een gezongen drama voor vrouwenstemmen met 1 partituur voor mannenstem (de duivel), dat ze componeerde voor de nonnen van haar klooster. Daarnaast componeerde zij ongeveer 75 gezangen voor de liturgie op basis van haar visioenen: een kyrie, een alleluia, 35 antifonen, 19 responsoria, 7 hymnen en 7 sequenties, in de Middeleeuwen belangrijke poëtische en muzikale vormen in de liturgie.
Al is de toonomvang van haar composities uitgestrekter en de melodievorming persoonlijk met soms veel melismen, notenslierten op één lettergreep, toch liggen deze gezangen muzikaal in het verlengde van de Gregoriaanse traditie van het Rijnland. Inhoudelijk zijn ze individueel gekleurd door de lyrische ontboezemingen. Vaak hebben de teksten betrekking op populaire heiligen zoals Ursula en Rupert. Van Hildegards liederen is een handschrift bewaard in de Sint Pieters & Paulus abdij te Dendermonde (B) dat even authentiek is als dat te Wiesbaden getiteld Symphonia Harmoniae Caelestium Revelationum.
Er is veel van Hildegard's werk bewaard gebleven. Hildegard was een buitengewoon machtige vrouw voor haar tijd. De wetenschappelijke belangstelling voor vrouwen in de middeleeuwse kerk heeft geleid tot grote belangstelling voor Hildegard.
[bewerk] Opnamen van Hildegard’s composities
Er bestaan verschillende opnamen van haar muziek, met name door ensembles als Gothic Voices en Sequentia Köln. De muziek van Hildegard van Bingen is vandaag vrij populair geworden in de stroming van de New Age en beïnvloedt zelfs hedendaagse toondichters als Arvo Pärt en Sofia Gubaidulina. Soms horen we de eenstemmige muziek van Hildegard van Bingen met een discrete instrumentale begeleiding uitvoeren.
Om te beluisteren: Muziek van Hildegard von Bingen
[bewerk] Ander werk
Behalve haar muziekwerken schreef Hildegard ook medische, plantkundige en geologische verhandelingen.. Ze vond ook een eigen, alternatief alfabet uit. Zo tonen haar teksten en composities haar aanpassing van het middeleeuwse Latijn met zelfbedachte woorden en vervoegingen. Mede door de neologismen die ze aanwendt in haar liederen, en haar geconstrueerd alfabet, bekijken moderne aanhangers van artificiële talen haar als een middeleeuwse voorganger.
Hildegard’s 'wetenschappelijke' inzichten waren afgeleid van de Griekse kosmologie van de 4 elementen: [1] vuur, lucht, water en aarde met hun respectieve kwaliteiten van hitte, droogheid, vochtigheid en koude. Daarmee correspondeerden de 4 temperamenten in het lichaam: cholerisch (gele gal), sanguinisch (bloed), flegmatisch en melancholisch (zwarte gal). De menselijke persoonlijkheid werd dan bepaald door het overwicht dat een of twee van die temperamenten had. Ziekte ontstond doordat het delicate evenwicht tussen deze temperamenten verstoord was, en kon enkel hersteld worden door de juiste plant of het juiste dier te eten dat de kwaliteit bezat die het lichaam nodig had. Hildegard had vooral belangstelling voor het beschrijven van planten, vogels, dieren en stenen om de kwaliteit van een object te achterhalen waaruit zij dan de geneeskrachtige toepassing afleidde.
Hildegard’s geschriften zijn ook in dat opzicht uniek te noemen, omdat zij op een algemeen positieve manier schrijft over seksuele relaties, en over het plezier vanuit een vrouwelijk standpunt. Van haar is ook een geschrift overgeleverd, dat zou kunnen gelden als de vroegst gekende beschrijving van het vrouwelijk orgasme:
-
- (citaat) vert. uit het Engels: "Als een vrouw de liefde bedrijft met een man, voelt ze de warmte tot in haar brein, het brengt een zinnelijke verrukking teweeg…"[2]
[bewerk] Bibliografie
- Liber Scivias (1141-1151)
- Liber vitae meritorum (1148-1163)
- Liber Divinorum Operum (1163-1173/74)
- Vita Sancti Ruperti (um 1168)
- Physica
- Causae et curae
[bewerk] Uitgaven en manuscripten van Hildegard's werken
- Wiesbaden, Hessische Landesbibliothek, Hs. 2 (Riesen Codex) or Wiesbaden Codex (ca. 1180-85)
- Dendermonde, Belgium, St.-Pieters-&-Paulusabdij Cod. 9 (Villerenser codex) (ca. 1174/75)
- Muenchen, University Library, MS2∞156
- Leipzig, University Library, St. Thomas 371
- Paris, Bibl. Nat. MS 1139
- Hildegardis Bingensis, Epistolarium pars prima I-XC edited by L. Van Acker, Corpus Christianorum Continuatio Mediaevalis CCCM 91A (Turnhout: Brepols, 1991)
- Hildegardis Bingensis, Epistolarium pars secunda XCI-CCLr edited by L. Van Acker, Corpus Christianorum Continuatio Mediaevalis CCCM 91A (Turnhout: Brepols, 1993)
- Hildegardis Bingensis, Epistolarium pars tertia CCLI-CCCXC edited by L. Van Acker and M. Klaes-Hachmoller, Corpus Christianorum Continuatio Mediaevalis XCIB (Turnhout: Brepols, 2001)
- Hildegardis Bingensis, Scivias. A. Führkötter, A. Carlevaris eds., Corpus Christianorum Scholars Version vols. 43, 43A. (Turnhout: Brepols, 2003)
- Hildegardis Bingensis, Liber vitae meritorum. A. Carlevaris ed. Corpus Christianorum Continuatio Mediaevalis CCCM 90 (Turnhout: Brepols, 1995)
- Hildegardis Bingensis, Liber divinorum operum. A. Derolez and P. Dronke eds., Corpus Christianorum Continuatio Mediaevalis CCCM 92 (Turnhout: Brepols, 1996)
- Friedrich Wilhelm Emil Roth, "Glossae Hildigardis", in: Elias Steinmeyer and Eduard Sievers eds., Die Althochdeutschen Glossen, vol. III. Zürich: Wiedmann, 1895, 1965, pp. 390-404.
- Analecta Sanctae Hildegardis, in Analecta Sacra vol. 8 edited by Jean-Baptiste Pitra (Monte Cassino, 1882).
- Patrologia Latina vol. 197 (1855).
[bewerk] Zie ook
[bewerk] Externe links
- Britannica 11th Edition online over St. Hildegard (Engels)
- The Life and Works of Hildegard von Bingen (1098-1179) (Engels)
- Spot op... Hildegard van Bingen
- Nederlandse Hildegard van Bingen website
[bewerk] Bronnen en referenties
- Encyclopaedia Britannica 2008 Ultimate reference suite: lemma "Hildegard of Bingen"

