Zoon van God

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De term Zoon van God is een eretitel binnen verschillende godsdiensten en religies.

Volgens de christelijke leer verwijst Zoon van God naar Jezus. De uitdrukking komt op een enkele plaats ook voor in de Tenach, zowel in enkelvoud als in meervoud. Daarnaast kennen verschillende andere religies deze eretitel. Zo is er onder andere sprake van een goddelijke Zoon in de Inca-cultuur, het mithraïsme en in de voodoo.

Christendom[bewerken]

In de christelijke leer verwijst Zoon van God naar Jezus waarvan zij gelooft dat hij de enige zoon van God is. Allerlei passages uit de Bijbel worden daarvoor aangevoerd, zowel uit het Oude als uit het Nieuwe Testament.

Teruggrijpend op Immanuel Kant[1] betekent zoon van God te zijn een belichaming van het ideaal van de zedelijkheid van een aan God welgevallige mensheid. Hierbij knopen ook interpretaties aan die menen dat wanneer Jezus sprak over zichzelf als de zoon van God, hij hiermee enkel gebruik maakte van beeldspraak (zoals dat vaak voorkomt in de Evangeliën en het Oude en Nieuwe Testament), om zijn verhouding tot God aan te geven; een gelijkenis dus.

Oude Testament[bewerken]

Uit het Oude Testament wijzen theologen bijvoorbeeld op Psalm 110 waar David schrijft over de zoon van God die over alle volken zal heersen en waaraan zij eer moeten bewijzen. Deze plek is van belang omdat hij ook door Jezus wordt aangehaald als hij met de schriftgeleerden spreekt (Mattheüs 22:41-46):

"Als nu de Farizeën samenvergaderd waren, vraagde hun Jezus, en zeide: Wat dunkt u van den Christus? Wiens Zoon is Hij? Zij zeiden tot Hem: Davids Zoon. Hij zeide tot hen: Hoe noemt Hem dan David, in den Geest, zijn Heere? zeggende: De Heere heeft gezegd tot Mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten. Indien Hem dan David noemt zijn Heere, hoe is Hij zijn Zoon? En niemand kon Hem een woord antwoorden; noch iemand durfde Hem van dien dag aan iets meer vragen."

In Genesis 6:2-4 wordt ook gesproken over "Gods zonen"[2] (taalkundig: in het meervoud; het Hebreeuws maakt overigens geen onderscheid tussen hoofdletters of kleine letters), maar wellicht gewoon om te verwijzen naar de nakomelingen van de gelovige voorvaderen (zie kanttekeningen bij de Statenvertaling). Ook worden in het Oude Testament koningen soms met "goden" getiteld en in Psalmen 82:6 spreekt God dat Hij hen "kinderen des Allerhoogsten" heeft genoemd.

Nieuwe Testament[bewerken]

Volgens het Nieuwe Testament werd Maria "overschaduwd" door de Heilige Geest (een theogame relatie is daarmee niet bedoeld). Jezus wordt door veel christenen zodoende letterlijk als de zoon van God beschouwd. Dit geloof brengt met zich mee dat hij de enige is die in staat is te laten zien wie God werkelijk is. In het Nieuwe Testament noemt Jezus God dan ook de Vader en zichzelf de Zoon tussen wie een innige band en vertrouwensrelatie bestaat. Jezus is echter tevens menselijk omdat hij geboren is uit een moeder, Maria. Op grond hiervan is later de zogeheten Twee-naturenleer ontworpen die hierop neerkomt dat Jezus zowel goddelijk is (Jezus als de Zoon van God) alsook menselijk (Jezus als de Zoon van de mensen) en dat deze twee naturen niet van elkaar zijn te scheiden.

Gelovigen in het Nieuwe Testament worden ook genoemd als door God aangenomen als kinderen (Johannes 1:12-13): "Maar zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven; welke niet uit den bloede, noch uit den wil des vleses, noch uit den wil des mans, maar uit God geboren zijn". Deze vergelijking gaat over de vernieuwing of wedergeboorte van de mens tot Gods eer (zie ook 1 Petrus 1:3,23).

Inca's[bewerken]

De Sapa Inca stond aan het hoofd van de Inca's. De Inca's geloofden dat hij de zoon van de zon was. Hij was daarmee de zoon van god. Hij trouwde altijd met zijn zuster, die de titel van koningin van de maan kreeg. Na het sterven werd de Sapa Inca tot mummie gemaakt. De mummie werd regelmatig tevoorschijn gehaald, bijvoorbeeld bij een feestmaal.[3]

Mithraïsme[bewerken]

Aanhangers van het mithraïsme vereerden de god Mithras, mogelijk gebaseerd op de Oud-Perzische god Mithra die ook een belangrijke rol speelde als goddelijk wezen in het Zoroastrisme. Er wordt aangenomen dat Mithras als de zoon van God werd gezien.[4]

Voodoo[bewerken]

Binnen de voodoo bestaat de opvatting dat de Zoon van God satan is. Satan is echter corrupt geworden[5].

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Enkele van belang zijnde Bijbelpassages:

Bronnen, noten en/of referenties
  1. I. Kant, Die Religion innerhalb der Grenzen der bloßen Vernunft, Band 76
  2. [1].
  3. Wijzer door de tijd, geschiedenismethode voor de basisschool 7, uitgeverij Wolters-Noordhoff, eerste druk, achtste oplage 2002, blz. 46, ISBN 90 05 00887 3
  4. Acharya S, The Christ Conspiracy: The Greatest Story Ever Sold, Kempton, 1999. ISBN 0932813747
  5. uitzending van Holy Shit!, KRO, Nederland 3, 30 september 2007, 19.55u-20.25u