Drie-eenheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Deel van een serie artikelen over het
christendom
Christendom
..Pijlers
..Christelijke feesten

Portaal  Portaalicoon  Christendom

Drie-eenheid door El Greco
Drie-eenheid, Maria van Jessekerk in Delft
Verering van de drie-eenheid door Hugo van der Goes
Drie-eenheid door José de Ribera

De Heilige Drie-eenheid, Drievuldigheid of Triniteit (v. Lat.: trinitas) is de theologische opvatting in veel takken van het christendom dat er één God bestaat in drie goddelijke personen: de Vader, de Zoon (Jezus Christus) en de Heilige Geest. In deze betekenis krijgt het woord een hoofdletter. Met name van belang is het standpunt dat Jezus God én mens is. De Drie-eenheid is in de Late Oudheid en de vroege middeleeuwen onderwerp van strijd geweest: vooral Arianen hebben zich verzet tegen de erkenning hiervan. Tegenwoordig zijn het onder andere de unitaristen, de Jehova's getuigen, de Mormonen en de Broeders in Christus, die het leerstuk afwijzen.

Monotheisme en Jezus[bewerken]

Het christelijk geloof is monotheïstisch, net als de islam en het joodse geloof. In het Oude Testament vinden we de tekst (Deuteronomium hoofdstuk 6 vers 4): Hoor Israël, De HERE is onze God de HERE is één!. Dit is te beschouwen als de geloofsbelijdenis van het Jodendom, waarbij de Vader als enige God wordt aangemerkt.

Jezus, de hoofdfiguur van het Nieuwe Testament en de belangrijkste persoon in het christendom, nam - zelf jood - deze getuigenis expliciet over (Marcus 12 vers 29). Toch is in het christelijk geloof ook sprake van God als de Vader, de Zoon (Jezus) en de Heilige Geest, maar volgens bijvoorbeeld sommige Messiasbelijdende Joden is dit niet in lijn met het Joodse Godsbeeld. Reeds in de apostolische belijdenissen van het vroege christendom wordt over de Vader, de Zoon en de Heilige Geest gesproken. De christelijke doopformule spreekt (waarschijnlijk naar aanleiding van Matteüs 28 vers 19) over een doop in Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest.

In de geschriften van de Apostolische Vaders wordt niet alleen aan God de Vader, maar ook aan Jezus, de zoon, eer bewezen. Dit was voor niet-christenen een wonderlijke zaak, want een strikt menselijke persoon wordt niet aanbeden binnen het jodendom. Niet-christenen stelden vragen aangaande dit spreken over God als Vader, Zoon en Heilige Geest en aangaande het aanbidden van Jezus. Een bekende joodse schrijver die hieromtrent vragen had was Tryphon (2e eeuw na Christus).[bron?]

In deze context waren de christelijke theologen genoodzaakt zich te verdedigen. Jezus zelf immers dacht uitgesproken monotheïstisch. Het trinitarisch vraagstuk kwam honderden jaren later opeens op de agenda te staan. Ze vroegen zich af hoe God gezien moest worden, of God één of drie is en hoe het zit met de eerbewijzen aan Jezus als de Zoon. Met andere woorden, wilde men het christendom behouden als monotheïstische godsdienst (zoals Jezus zichzelf uitsprak) en tevens vasthouden aan het goddelijk eerbewijs aan Jezus en aan de Heilige Geest, dan moest onontkoombaar antwoord gegeven worden op de vragen rond de triniteit. De drie-eenheid (of triniteit) van God is daarom een belangrijk thema in het christendom.

Drie-eenheid in de Bijbel[bewerken]

De terminologie 'Drie-eenheid' wordt niet in de Bijbel gebruikt, noch in het Oude, noch in het Nieuwe Testament, hoewel de formuleringen Vader, Zoon en Heilige Geest er wel in voorkomen. Een marginale aantekening, een glos, kwam tussen de tekst van de Vulgaat terecht en werd geleidelijk niet meer als aantekening herkend. Toen Erasmus een Grieks Nieuw Testament uitgaf, werd het comma Ioanneum er pas in opgenomen toen hij een Grieks handschrift vond waar het in stond. Vermoedelijk wist hij niet dat men, om hem zover te krijgen het Latijnse stukje tekst naar het Grieks had terugvertaald. In de vertalingen die uitgaan van de Textus receptus is het te vinden. Zo geeft bijvoorbeeld de Statenvertaling 1 Johannes 5:7 en 8 als volgt weer:

Want Drie zijn er, Die getuigen in den hemel, de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn Een. En drie zijn er, die getuigen op de aarde, de Geest, en het water, en het bloed; en die drie zijn tot een.

Sinds tekstcritici aantoonden dat deze passage uit de Vulgaat in die vorm in geen enkele Griekse tekst voorkwam laten de meeste vertalingen de toevoeging weg. Zo schrijft de Leidse vertaling 1 Joh 5: 7,8:

Want drie zijn de getuigen; de Geest, het water en het bloed; en die drie zijn eenstemmig.

Andere teksten in de Bijbel wijzen wel op een Drie-eenheid. Zo zegt Mattheüs 28: 19:

Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht te nemen

en 2 Korinthe 13:13 zegt:

De genade van de Heere Jezus Christus, de liefde van God en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met u allen. Amen.

Ook kan men uit verscheidene teksten in het Nieuwe Testament opmaken dat de Vader, de Zoon en de Heilige Geest God zijn. Van de Vader is het duidelijk uit het Oude Testament. Van de Zoon uit teksten als Johannes 1 waar staat dat het Woord God was en mens is geworden. Thomas zei: "mijn Heere en mijn God." Ook berispt Jezus niemand als die Hem aanbidt. Dat Ananias liegt tegen de Heilige Geest wijst erop dat ook de Heilige Geest God is.

Verwerping van de Drie-eenheid[bewerken]

Vanwege onder andere het ontbreken van het woord Drie-eenheid in de Bijbel zijn er diverse groeperingen (zoals de Jehova's getuigen) die het begrip van een goddelijke Drie-eenheid verwerpen. Nog enkele redenen daarvoor zijn dat Jezus herhaaldelijk aangeeft dat de Vader groter is dan Hijzelf, zoals in Johannes 14:28:

Gij hebt gehoord dat ik tot U heb gezegd: Ik ga heen en Ik kom tot u [terug]. Indien gij liefhadt, zoudt gij u verheugen dat Ik heenga naar de Vader, want de Vader is groter dan Ik.


Jezus wordt sprekend ingevoerd in Johannes 20:17:

Ik vaar op naar mijn Vader en uw Vader, naar mijn God en uw God.

en in Marcus 10:18:

Waarom noemt gij Mij goed? Niemand is goed dan God alleen.

Johannes 1:18: "Geen mens heeft ooit God gezien; de eniggeboren god,* die in de boezem[positie] bij de Vader is, die heeft hem verklaard."

  • „De eniggeboren god”: „de eniggeboren Zoon.”


Ook binnen de islam wordt de Drie-eenheid duidelijk afgewezen. In de Koran staan verschillende verwijzingen naar de afwijzing van Jezus als Zoon van God. De twee sterkste afwijzingen staan in Soera De Vrouwen 171:

Gelooft dus in God en Zijn boodschappers en zegt niet: 'Drie (in één).' Houdt daarmee op, dat is beter voor u

en Soera De Tafel 73:

Waarlijk zij lasteren God, die zeggen: "God is Eén der Drie." Er is geen godheid dan de enige God.

Er bestaan tevens Christenen (soms ook wel modalisten genoemd) die wel geloven dat Jezus helemaal God is, maar niet onderdeel is van een theologische Drie-eenheid. Zij leiden af uit de Bijbel dat God de Vader zichzelf openbaarde als de Zoon. Jezus zegt in Johannes 14:9-11 immers dat de Vader in Hem is:

Joh 14:11 "Geloof Mij, dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is, en zo niet, geloof Mij dan om de werken zelf."

Dit vers is in tegenspraak met de leer van de Drie-eenheid, die zegt dat de Vader geheel buiten Christus bestaat als aparte persoon. Ook in het oude testament wordt de Zoon "eeuwige Vader" genoemd (Jesaja 9:5-6). Men zou dus het geloof dat Jezus God is theologisch kunnen onderbouwen zonder gebruik te maken van een Drie-eenheid. Dat kan door te stellen dat God één persoon is die zich openbaart in vlees en bloed als de Zoon Jezus Christus. In Hebr 1:3 wordt Jezus de persoon (Grieks: hypostase) van de Vader genoemd, wat een dergelijke visie ondersteunt.

Dogmatiseringsproces[bewerken]

De leer van de goddelijke Drie-eenheid werd in de 4e eeuw tot dogma verheven. Na alle discussies in de voorgaande eeuwen was de directe aanleiding het standpunt van de Egyptische priester Arius, die van mening was dat de Zoon, omdat Hij door de Vader was verwekt, niet altijd zou hebben bestaan en daarom een lagere positie zou innemen.
Hiertegen kwam verzet van de kant van bisschop Athanasius, die stelde dat de Zoon geheel gelijkwaardig was aan de Vader. In de uitspraken van het Concilie van Nicaea (325) werd die gelijkwaardigheid vastgelegd. Op het Concilie van Constantinopel I in 381 na Chr. werd de Heilige Geest aan deze goddelijke gelijkwaardigheid toegevoegd. Definitief werd de leer van de Drie-eenheid vastgesteld op het Concilie van Chalcedon in 451 na Chr.

De uiteindelijke discussie ging over hoe men de verhouding van de Zoon ten opzichte van de Vader moest omschrijven. In het Grieks scheelde het maar een letter, de iota (i): was Jezus gelijkend (homoi-ousios) op God of was Jezus gelijk (homo-ousios) aan God. Het eerste bijvoeglijk naamwoord liet ruimte voor speculaties over de verhouding tussen de Vader en de Zoon, het tweede niet. De twee-naturenleer van de Zoon maakt deel uit van de leer van de Drie-eenheid. Deze houdt in dat de Zoon zowel mens als God is (twee naturen bezit) en dat kwam het beste tot uiting in de tweede term homo-ousios. Daarom behaalde deze term de overwinning op het Concilie van Chalcedon.

Theologische formulering[bewerken]

Het dogma luidt dat de God bestaat uit God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest en dat deze drie Personen (personae) weliswaar zijn te onderscheiden maar niet zijn te scheiden, oftewel God is Eén.

Sommige theologen brengen een hiërarchie aan tussen de drie Personen van de Drie-eenheid. De 'Vader' zou dan de 'schepper' zijn die ademend is. De 'Zoon' ( = Christus) is de verlosser, die ook ademend is. En de Heilige Geest is de 'helper' ofwel de heiliging, de Heilige Geest wordt geademd. Deze gedachten zijn opmerkelijk, omdat een theoloog geen "externalistisch standpunt" kan innemen: hij of zij kan niet buiten de werkelijkheid stappen om God van buitenaf te bestuderen en te beschrijven. Daarom is het in de hedendaagse (wetenschappelijke) theologie gebruikelijk om wel te spreken over de God als Drie-eenheid en te spreken over de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, maar geen uitspraken te doen over hun onderlinge verhoudingen. In het Latijn:

opera ad intra divisa sunt, opera ad extra indivisa sunt:

het handelen is voor de personen binnen de Triniteit onderscheiden, maar naar buiten toe is het handelen ongescheiden, en alleen te benoemen als "het handelen van God". Deze weergave van de Drie-eenheid waarbij de drie personen, Vader, Zoon en Heilige Geest, elkaar zodanig doordringen dat er sprake is van één goddelijke natuur wordt wel omschreven met de term perichorese.

Andere standpunten[bewerken]

  • De arianen, de aanhangers van de priester Arius, achtten de Zoon van een lager niveau dan de Vader. Men geloofde dat de Zoon vóór de eeuwigheid door de Vader werd geschapen. Men bad wel tot Jezus en Arius en zijn aanhangers noemden Jezus zonder enige reserve "God", waar zij dan wel lagere godheid mee bedoelden dan God de Vader. Of Arius de Heilige Geest als God zag of beschouwde als een onpersoonlijke kracht valt niet uit zijn geschriften af te leiden. De Arianen hadden succes bij de diverse Germaanse stammen zoals de Goten, die het West-Romeinse Rijk overspoelden, maar uiteindelijk is hun beweging verdwenen.
  • De Socinianen, de aanhangers van Fausto Socinus verwierpen in navolging van hun stichter de Drie-eenheid en de meeste gangbare dogma's die in de meeste Christelijke kerken gangbaar zijn, zoals de erfzonde en de predestinatie maar geloofden wel in de wonderverhalen in de Bijbel, waaronder de Verrijzenis. Volgens Socinus is er maar één God, de Vader. Jezus nam pas zijn aanvang bij zijn geboorte uit de maagd Maria.
  • De modalisten die leren dat God uit één Persoon bestaat die zich in drie verschillende verschijningsvormen (modi), namelijk Vader, Zoon en Heilige Geest heeft geopenbaard.
  • De unitariërs, rationalisten die geloven in de eenheid van God. Jezus was een voorbeeldig mens die door God de Vader uit de doden is opgewekt (men speculeert niet over het hoe en wat) en navolging behoeft.

De Drievuldigheid in de kunst[bewerken]

De Drievuldigheid, God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, wordt sinds de 10e eeuw als drie personen, naast elkaar zittend voorgesteld, sinds de 13e eeuw als een gestalte met drie hoofden. In latere tijd werd de Heilige Geest voorgesteld als een duif, die, evenals de Vader en de Zoon een gekruiste nimbus draagt. De voorstelling wordt ook wel Triniteit genoemd.

Voorchristelijke drievuldigheden[bewerken]

De opvatting van één godheid met drie verschijningsvormen, is veel ouder dan het christendom. Het huidige hindoeïsme en sommige andere voorchristelijke religies kennen een goddelijke Drie-eenheid in de vorm van bijvoorbeeld Trimurti (hindoeïsme), Devi Mahatmya shaktisme, en de schikgodinnen in verscheidene voorchristelijke culturen: de Nornen in de (Noordse religies), de Moirae en de Horae in de (Griekse mythologie), de Fata (Italische en Romeinse mythologie) Zie ook panentheïsme; Noordse mythologie; Griekse mythologie; Theogonia; Romeinse mythologie.

Trivia[bewerken]

  • In discussies tussen christelijke predikers enerzijds en joden en moslims anderzijds over de triniteit van God kwam dikwijls de volgende bekende redenering voor: God kan nooit uit drie personen bestaan en daarmee nog steeds één zijn; 1 + 1 + 1 is immers 3 en geen 1, waarna dan de christen antwoordde: 1 × 1 × 1 = 1.
  • Ook bestaat er de vergelijking met de drie toestanden waarin water zich openbaart: vaste stof (ijs), vloeistof (water) en gas (waterdamp), net zoals de ene God zich in drie gedaantes zou laten zien. Water is echter opgebouwd uit een aantal atomen.
  • Een logische uitleg van de triniteit gaat als volgt: a + a + a = b. Dit geeft het onderscheid weer tussen de personen die samen God vormen. Wel kun je hierbij afvragen of er geen verschil bestaat tussen de delen en het geheel.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • In het woordenboek der oudheid, deel 3, pag. 2992, merkt G. Bartelink het volgende op: In Adversus Praxean polemiseert Tertullianus tegen Praxeas ... en behandelt de leer van de Drie-eenheid. Voor het eerst komt hier de term Trinitas voor.
  • Aan het slot van hoofdstuk 8 in zijn boek tegen Praxeas gebruikt Tertullianus voor het eerst het begrip Trinitas. Daar kunnen we lezen: ita Trinitas per consertos et connexos gradus a patre decurrens et monarchiae nihil obstrepit et oeconomiae statum protegit . [Vertaling: Op deze wijze daagt de Drie-eenheid, voortkomend uit vermengde en verbonden graden van de Vader, in geen geval het koningschap uit terwijl het de kwaliteit van de economie bewaart].