Joachim von Sandrart

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De maand februari

Joachim von Sandrart (Frankfurt am Main, 12 mei 1606Neurenberg, 14 oktober 1688) was een Duits graveur, kunsthistoricus, barokschilder en vertaler; tussen 1637 en 1642 was hij actief in Amsterdam, en tekende een opvallend aantal maal leden van de Bicker, maar ook Vossius, Barlaeus, en Samuel Coster.

Biografie[bewerken]

Sandrart stamde uit een rijke Calvinistische koopmansfamilie en kreeg de bijbehorende goede opleiding. Hij nam lessen bij Gerard van Honthorst in Utrecht en reisde met Rubens door de Nederlanden. Met Honthorst reisde hij naar Engeland; bij Thomas Howard kopieerde hij werk van Holbein?

Vervolgens trok hij naar Napels en Malta. In Rome leerde hij Pieter van Laer, en de Bentvueghels kennen. Paus Urbanus VIII verstrekte hem diverse opdrachten en in 1635 was hij terug in Frankfurt.

De maand november

In 1637, bij de komst van Maria de' Medici naar Amsterdam, kreeg Sandrart een opdracht voor een schuttersstuk bestemd voor de Kloveniersdoelen: met Cornelis Bicker als kapitein?[1]

In 1642 trok hij naar Beieren en schilderde in opdracht van Maximiliaan I, keurvorst van Beieren de maanden van het jaar. August van Saksen-Weißenfels schonk hem het lidmaatschap van een kunstbroederschap.

In 1670 richtte hij de eerste kunstacademie op in Augsburg. Willem van Bemmel is mogelijk aangesteld als docent.

Sandrart schreef na veertig jaar reizen de Teutsche Akademie, met biografieën over (Duitse) schilders, zoals Matthias Grünewald, en waarin hij stelling nam tegen het werk van Gerard de Lairesse. Sandrart was beïnvloed door het werk van Karel van Mander, genaamd het Schilder-boeck.[2] Zowel Sandrart en Van Mander baseerden zich weer Giorgio Vasari. Het werk van Sandrart was op haar beurt een bron voor Arnold Houbraken, toen die zijn Schouburg schreef.[3]

Bronnen, noten en/of referenties