Kaki (plant)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kaki
Kaki
Kaki
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Asteriden
Orde: Ericales
Familie: Ebenaceae
Geslacht: Diospyros
Soort
Diospyros kaki
Thunb. (1780)
boom
boom
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De kaki, ook lotus genoemd, (Diospyros kaki) is de economisch belangrijkste Diospyros, die wordt gekweekt voor zijn vruchten. De kaki komt van nature voor in de Himalaya en in de bergen van Myanmar, Thailand, Indochina, Korea en Japan. Wereldwijd wordt de kaki gekweekt in de subtropen en in de tropen hoger dan 1000 meter. Het is de nationale vrucht van Japan, maar er zijn berichten dat de origine van de kaki in China ligt.

Plantkenmerken[bewerken]

Het is een tot 15 m hoge, bladverliezende, eenhuizige of tweehuizige boom met een afgeronde, open kruin. De alternerend geplaatste, leerachtige bladeren zijn ovaal en tot 25 × 10 cm groot. Ze zijn van boven glanzend en donkergroen en aan de onderkant bezet met een zilverbruine beharing. Als ze in het najaar afvallen zijn ze geel tot rood van kleur. De mannelijke bloemen staan met drie bijeen in de bladoksels. De vrouwelijke bloemen staan solitair in de bladoksels. Het hout van de kakiboom is evenals het nauw verwante ebbenhout zeer hard en wordt gebruikt voor de fabricage van meubels.

Pomologie[bewerken]

De pomologie van Diospyros kaki is zeer complex. Om te beginnen is een kaki parthenocarp, wat wil zeggen dat er ook zonder bestuiving vruchten gevormd worden, die dan uiteraard geen zaden bevatten.

Kaki-vruchten bevatten in harde toestand, zelfs wanneer ze al mooi oranje-rood gekleurd zijn, zeer veel tannine, wat een bijzonder wrange smaak geeft, en bij overdadige consumptie kan leiden tot vorming van bezoarstenen in de maag, die alleen operatief verwijderd kunnen worden.

De vrucht moet daarom narijpen en zacht worden: daardoor verdwijnen de tannines volledig en wordt de vrucht zeer zoet en aromatisch. De zaden in de kaki scheiden de stof aceetaldehyde af, dat de tannines afbreekt. Commercieel wordt dit proces versneld door de vruchten onder hoge concentraties CO2 te bewaren. [1]

Rassen[bewerken]

In de duizenden jaren dat de kaki reeds geteeld wordt zijn er rassen ontwikkeld die ook hard gegeten kunnen worden. Er bestaan eenvoudig gesteld 3 basistypen:

  • "pca"-rassen ("pollination constant astringent"), wrang, moeten narijpen tot ze zacht zijn, ongeacht of er zaden aanwezig zijn of niet;
  • "pcna"-rassen ("pollination constant non astringent"): nooit wrang, kunnen hard gegeten worden, ongeacht of er zaden aanwezig zijn of niet;
  • "pvna"-rassen ("pollination variant non astringent"): alleen hard te eten als er (voldoende) zaden aanwezig zijn; wanneer er weinig zaden zijn kan het soms voorkomen dat slechts het gedeelte van de vrucht waar de zaden zitten hard eetbaar is, de rest smaakt wrang.
Boven: vrucht met laag tanninegehalte (links: onrijp, rechts: rijp).
Onder: vrucht met hoog tanninegehalte (links: onrijp, rechts: rijp).

Sharonfruit is de handelsnaam van het ras 'Triumph', afkomstig uit de Sharonvallei in Israël. De vrucht is meestal pitloos en het vruchtvlees van het rijpe fruit is lichtoranje, terwijl dat van de meeste andere kaki's donker-oranje gekleurd is.

Veel naaste familieleden van de kaki brengen eetbare vruchten voort, bijvoorbeeld de Amerikaanse persimoen en de bergpersimoen.

Afbeeldingen[bewerken]

Diosporos kaki var. "Triumph"
Kakivrucht aan boom
Bronnen, noten en/of referenties