Bestuiving

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Bestuiving is een belangrijke stap in de voortplanting van zaadplanten: de overdracht van stuifmeelkorrels (waarin de mannelijke geslachtscellen of zelfs alleen de spermakernen worden gevormd) uit de helmhokjes van de meeldraad naar de stempel van de stamper. De stempel en stijl zit bovenop het vruchtbeginsel dat één of meer eicellen (vrouwelijke geslachtscel) bevat. De studie van bestuiving vindt plaats in vele disciplines, zoals plantkunde, tuinbouw, entomologie en ecologie. Bestuiving is belangrijk in de tuinbouw omdat de meeste vruchten zich niet zullen ontwikkelen als de eicellen niet worden bevrucht.

Bestuiving en bevruchting[bewerken]

Bestuiving en bevruchting worden vaak door elkaar gehaald. Bestuiving kan leiden tot bevruchting maar dat hoeft niet. Na bestuiving moeten de spermacellen uit de stuifmeelkorrel via de stuifmeelbuis naar de eicel gebracht worden en moeten de kern van de spermacel en de kern van de eicel met elkaar versmelten. Dit is het moment van bevruchting. In de lucht zitten zeer veel verschillende stuifmeelkorrels en alleen een specifieke combinatie van stuifmeelkorrel en stempel geeft bevruchting. Dit voorkomt bij kruisbevruchters kruisbevruchting tussen soorten of nauw-verwante planten, zodat deze soortecht blijven.

Er zijn verschillende barrières tegen kruisbevruchting tussen soorten. Deze kunnen door de bouw van de bloem komen, maar er zijn ook genetische barrières. Deze kunnen sporofytisch of gametofytisch van aard zijn:

  • gametofytisch: de reactie van het stuifmeel hangt af van het genotype van de haploïde kernen van het stuifmeel en het genotype van de moeder, waardoor de stuifmeelbuis al of niet kan uitgroeien.
  • sporofytisch: de reactie van het stuifmeel hangt af van het genotype van de vader en het genotype van de moeder, en niet af van het genotype van de haploïde kernen van het stuifmeel. Eenslachtige bloemen aan aparte vrouwelijke en mannelijke planten geeft doorgaans een zeer goede bescherming.

Ook tweeslachtige bloemen kunnen kruisbevruchting tegengaan, doordat het stuifmeel en de stamper niet tegelijk rijp zijn, zoals bij Geranium macrorhizum of doordat de helmhokjes van de meeldraden ver van de stamper verwijderd zijn.

Methoden van bestuiving[bewerken]

Het proces van bestuiving vereist bestuivers die de stuifmeelkorrels verplaatsen naar de eicel. Wijzen van bestuiving, die naar bestuiverstype zijn gecategoriseerd, zijn:

Bestuiving in de tuinbouw[bewerken]

Zweefvliegen op Hemerocallis

Het beheer van de bestuiving is een tak van de tuinbouw die tot doel heeft om bestuivers te beschermen en te verbeteren, en vaak toevoeging impliceert van bestuivers in monocultuursituaties, zoals commerciële fruitboomgaarden. Bijen worden uitgezet op commerciële aanplantingen van komkommers, pompoenen, meloenen, aardbeien, en veel andere gewassen. Honingbijen zijn niet de enige geleide bestuivers. Andere soorten bijen worden ook gecultiveerd als bestuivers. De bladsnijderbij is een belangrijke bestuiver voor luzerne in westelijk Verenigde Staten en Canada. Hommels worden meer en meer gecultiveerd en gebruikt voor serretomaten en andere gewassen.

Typen bestuiving[bewerken]

  • allogamie: het stuifmeel komt op de stempel van een andere bloem terecht.
    • kruisbestuiving (xenogamie): het stuifmeel wordt geleverd aan een bloem van een andere plant.
    • buurbestuiving (geitonogamie): het stuifmeel komt op een andere bloem, die op dezelfde plant zit en dit resulteert dus ook in zelfbestuiving.
  • zelfbestuiving (autogamie): stuifmeel wordt overgebracht naar de stempel van dezelfde bloem.

Kruising is een efficiënte bestuiving tussen bloemen van verschillende soorten van hetzelfde geslacht, of zelfs tussen bloemen van verschillende geslachten (zoals in het geval van verscheidene orchideeën).

Perziken worden beschouwd als zelfbestuivers omdat een commercieel gewas zonder dwarsbestuiving kan worden geproduceerd, hoewel de dwarsbestuiving gewoonlijk een beter gewas geeft.

Appels worden beschouwd als zelf onverenigbaar.

Om bestuivers aan te trekken, hebben sommige bloemen, zoals de zonnebloem, een donkerder centrum wanneer ze bekeken worden onder ultraviolet licht (wat bijen zien). Er kunnen ook patronen zijn op de bloemblaadjes. Deze worden nectargidsen genoemd.

Milieu[bewerken]

Bestuiving van voedingsgewassen is een milieu- en economische kwestie geworden. De tendens naar monocultuur betekent dat er in bloeitijd grotere concentraties bestuivers dan ooit tevoren nodig zijn. De andere tendens is de daling van bestuiversaantallen, wegens excessief pesticidegebruik, nieuwe ziekten en parasieten van bijen, afname van imkerij, ontwikkelingen in voorsteden en verwijdering van hagen en ander habitat van landbouwbedrijven. Het gebruik van insecticiden tegen muggen veroorzaakt een versnelling van het verlies van bestuivers.

Bestuiving door bijen en hommels[bewerken]

Hommels en bijen vliegen van bloem naar bloem en verzamelen nectar (later omgezet in honing). Stuifmeel wordt actief en passief meegenomen. De insecten verzamelen het stuifmeel door te wrijven tegen de meeldraden van de plant. Het stuifmeel verzamelt zich op de achterste poten in de dichte haren die als stuifmeelkorf worden gebruikt. Bij het bezoek aan meerdere bloemen kunnen stuifmeelkorrels overgebracht worden.

Nectar levert koolhydraten en het stuifmeel verstrekt proteïne. Wanneer larven grootgebracht worden, wordt stuifmeel verzameld om aan hun voedingsbehoeften te voldoen. Een bij of hommel die doelbewust stuifmeel verzamelt is een tot tien keer efficiëntere bestuiver dan een insect die hoofdzakelijk nectar verzamelt en slechts ongewild stuifmeel verzamelt.

Goed bestuivingsbeheer heeft tot doel om vooral honingbijen maar ook hommels als ondersteuners tijdens de bloeiperiode van gewassen nectar te laten verzamelen, zodat zij stuifmeel verspreiden.

Aantal bijenkorven nodig per 4000 m² gewassenbestuiving[bewerken]

  • Appels: 1-2
  • Bosbessen: 4
  • Kanteloep: 3-4
  • Komkommer 2-1
  • Pompoen: 1
  • Watermeloen: 1-3

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties