Koffiehuis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wiener Melange 0363wien img 9691.jpg
Vrouw in café, een droge-naaldprent van Lesser Ury (1861-1931)

Een koffiehuis is een wat verouderde benaming voor een horecagelegenheid die overdag is geopend, en waar vooral koffie en soms ook alcoholische dranken worden genuttigd.

Koffiehuizen in traditionele zin noemt men tegenwoordig een café, naar het Franse woord voor koffie. De term koffiehuis wordt nog wel gebruikt voor vaak eenvoudige zaken waar mannen van Turkse en Marokkaanse afkomst samen komen.

Een koffiehuis werd vroeger ook wel coffeeshop genoemd, maar die term wordt tegenwoordig in Nederland alleen nog gebruikt voor een zaak waar softdrugs verkocht worden.

Geschiedenis[bewerken]

Koffiedrinken heeft zich in de 15e eeuw van Ethiopië naar Mekka en het Ottomaanse Rijk verspreid. Alcohol was voor moslims niet toegestaan, maar koffiehuizen vervulden de behoefte aan gezelligheid. Koffiehuizen werden geopend in onder andere Damascus, Istanbul en Caïro. Het eerste Europese koffiehuis is in 1645 in Venetië geopend. Andere, grote Europese steden bleven niet achter: in 1650 volgde Oxford, in 1651 Londen, in 1664 Den Haag, in 1677 Hamburg en in 1689 Parijs, Boston en New York.

In veel Europese landen bestaat een koffiehuis-cultuur. Dat wil zeggen dat mensen naar een koffiehuis gaan om daar onder het genot van koffie langdurig de krant te lezen, met anderen te praten of naar anderen te kijken. Veel schrijvers schreven in koffiehuizen; Midden-Europese steden als Praag, Wenen en Boedapest hebben wat dit betreft een naam hoog te houden. De filosoof George Steiner meent dat het koffiehuis een fenomeen is waarin Europa zich onderscheidt van de Verenigde Staten.

In Nederland stonden de koffiehuizen in de negentiende eeuw vaak laag in aanzien; er werd veel gedronken en gegokt. Vandaar dat de Volksbond tegen Drankmisbruik rond de eeuwwisseling in de grote steden koffiehuizen voor geheelonthouders oprichtte, waarin geen alcohol werd geschonken.

Andere bezwaren tegen koffiehuizen waren dat ze soms ontmoetingsplaatsen voor politiek ontevredenen waren, en dat uit dergelijke discussies wel eens de vonk van de revolutie kon ontstaan. Verschillende politieke bewegingen zijn inderdaad in de Weense koffiehuizen geboren. Leo Trotski (communisme), Adolf Hitler (nazisme) en Theodor Hertzl (zionisme) waren vaste koffiehuisbezoekers.

Door de combinatie van de beschikbaarheid van het laatste nieuws en de mogelijkheid van discussie kan het koffiehuis als internet avant la lettre gezien worden.