Liberal Democrats

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Liberal Democrats
Afbeelding gewenst
Functiehouders
Partijleider Nick Clegg
Mandaten
Lagerhuis
Hogerhuis
London Assembly
Europees Parlement
Lokale overheid
Politie commissarissen
Geschiedenis
Opgericht 1988
Algemene gegevens
Actief in Verenigd Koninkrijk
Hoofdkantoor Londen
Richting Centrum tot Centrumlinks
Ideologie Sociaalliberalisme
Kleuren Goud
Europese fractie ALDE
Website libdems.org.uk
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Verenigd Koninkrijk

De Liberal Democrats (Nederlands: Liberaal-democraten, Welsh: Y Democratiaid Rhyddfrydol, Schots-Gaelisch: na Libearalaich Dheamocrataich) is een politieke partij in het Verenigd Koninkrijk. Het is een sociaal-liberale partij, ontstaan in 1988 door een samengaan van de Liberal Party en de Social Democratic Party (SDP). Tot 1989 werd de partij Social and Liberal Democratic Party genoemd. De partij zit momenteel in een Britse regeringscoalitie.

De Liberal Democrats bezetten 57 zetels in het Britse Lagerhuis. Bij de Lagerhuisverkiezingen van 2005 kregen de LibDems 22% van de stemmen. Maar door het districtenstelsel vertaalde deze uitslag zich in slechts 10% van de zetels, namelijk 62 zetels. De huidige partijleider is Nick Clegg. Hij ging in mei 2010 een coalitie aan met de Conservative Party van David Cameron, waardoor de partij voor het eerst sedert David Lloyd George opnieuw aan de macht is.

De Liberal Democrats hebben grote moeite met het districtenstelsel zoals dat in het Verenigd Koninkrijk geldt. De kandidaat die de meeste stemmen haalt in een district wordt gekozen en dat is meestal een kandidaat van een van de twee grote partijen (Labour en de Conservatieven). Hierdoor krijgen de LibDems altijd minder parlementsleden dan ze op grond van evenredige vertegenwoordiging zouden krijgen.

In het Schots Parlement, dat wel volgens evenredige vertegenwoordiging wordt gekozen, vormden de Liberal Democrats van 1999 tot 2007 een regeringscoalitie met Labour. De LibDems vormden ook een coalitie met Labour in het Nationale Assemblée van Wales van 2001 tot 2003.

Geschiedenis[bewerken]

Gedurende de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw waren de liberalen en de Conservatieven de grootste partijen van het Verenigd Koninkrijk, maar in de jaren '20 verloor de partij de positie van tweede partij aan Labour, en in de jaren '50 zakten ze terug tot een dieptepunt van 6 van de 630 zetels en ongeveer 3% van de stemmen.

Het herstel begon in de jaren '80, toen een aantal rechtse Labour-leden zich afscheidde en de SDP oprichtte. De SDP en de Liberalen sloten zich aaneen voor de verkiezingen (de 'Alliance'), wat inhield dat ze elkaars kandidaten steunden. De alliantie haalde in 1983 bijna evenveel stemmen als Labour (25,4% tegen 27,6%), maar zag dat maar matig vertaald in zetels, omdat de SDP-kandidaat vaak met een behoorlijk stemmenaantal tweede was geworden. De partijen stegen van 9 naar 23 zetels (van de 550).

De Alliantie, en later de Liberal Democrats bleven op dit niveau tot de verkiezingen van 1997, waarin weliswaar een lichte daling van het stemmenpercentage optrad, maar het aantal zetels bijna werd verdubbeld tot 46. Oorzaak van deze paradoxale situatie was 'strategisch stemgedrag': Labour-aanhangers in districten waar de Conservatieven de grootste partij waren en de Liberal Democrats tweede stonden, gaven hun stem aan de liberalen om zo de Conservatieven uit het zadel te wippen. Met dit resultaat waren de Liberal Democrats definitief gevestigd als de derde partij van het Verenigd Koninkrijk, en daaropvolgende verkiezingen (in 2001 en 2005) leverden de partij opnieuw duidelijke overwinningen op, waardoor zij thans groter is dan zij sinds de jaren '20 geweest is.

Paddy Ashdown

Vanaf het ontstaan van de Liberal Democrats, tot augustus 1999 was Paddy Ashdown partijleider. Hij werd opgevolgd door Charles Kennedy, die door interne druk en een schandaal over alcoholproblemen gedwongen werd om af te treden als partijleider in januari 2006. Lagerhuislid en buitenlandwoordvoerder Menzies Campbell volgt Kennedy tijdelijk op als leider. In maart 2006 wordt dan een nieuwe leider van de Liberal Democrats gekozen. Dit bleek Menzies Campbell, gemeenzaam bekend als 'Ming'. Hij kreeg veel kritiek te verduren, omdat zijn gezegende leeftijd hem een weinig krachtdadig imago gaf. Op 18 december 2007 werd hij opgevolgd door Nick Clegg.

Huidig leiderschap[bewerken]

Als in januari 2006 Charles Kennedy aftreedt als partijleider volgen er interne verkiezingen voor zijn post. Er dienen zich vier kandidaten aan. Buitenlandwoordvoerder Menzies Campbell, binnenlandwoordvoerder Mark Oaten, financiënwoordvoerder Chris Huhne en partijvoorzitter Simon Hughes. Oaten trekt zich als eerste terug uit de race als blijkt dat hij op weinig steun kan rekenen binnen de partij. Hughes is populair in de linkerflank van de partij. Huhne legde veel nadruk op groene politiek en lastenverlaging voor de armen; tevens werkte hij mee aan het libertarische Orange Book. Campbell was de centrumkandidaat die werd gezien als de kandidaat die eenheid in de partij kon behouden. Op 2 maart wordt Campbell verkozen tot partijleider. Hij krijgt 45% van de stemmen, 32% steunt Huhne en 23% steunt Hughes.

Tijdens het leiderschap van Campbell, dat gekenmerkt werd door een publiek optreden dat als zwak werd beschouwd, kreeg de partijleider met groeidende kritiek in de eigen rangen te maken, hoofdzakelijk omdat men hem als te oud beschouwde. Campbell werd op 18 december 2007 opgevolgd door Nick Clegg.

Ideologie[bewerken]

De LibDems is een sociaal-liberale partij, die grotere persoonlijke vrijheid en sociale rechtvaardigheid voorstaat. Zij wil overheidsinmenging in privézaken minimaliseren, maar wijst economisch laisser-faire liberalisme van de hand. In plaats daarvan willen de LibDems een sterke verzorgingsstaat en een vrije markt zo veel mogelijk combineren. Met het opschuiven van Labour naar centrum-rechts worden de LibDems in het Verenigd Koninkrijk als de meest linkse van de grote partijen beschouwd.[bron?]

Standpunten[bewerken]

  • De LibDems zijn grote voorvechters van burgerrechten. Zo wil de partij de homorechten bevorderen en softdrugs legaliseren. Ook verzet de partij zich tegen inperkingen van burgerrechten door anti-terreurmaatregelen.
  • De LibDems ijveren voor gratis onderwijs. Zo wil de partij collegegeld afschaffen. (Hoewel ze de regering wel gesteund hebben in een besluit om studiegelden voor hoger onderwijs sterk op te drijven. Liberal Democrat MP's stemden 27 voor, 21 tegen en 8 onthoudingen.)
  • De LibDems zijn voorstanders van evenredige vertegenwoordiging als kiesstelsel.
  • De LibDems willen macht decentraliseren naar lokale overheden.
  • De LibDems willen het hoogste belastingtarief verhogen met 10%.
  • De LibDems willen vervuiling meer belasten.
  • De LibDems willen het Ministerie van Economische Zaken afschaffen.
  • De LibDems zijn uitgesproken pro-Europees en willen de euro in het Verenigd Koninkrijk invoeren.
  • De LibDems waren tegen de invasie van Irak.

Vleugels binnen de partij[bewerken]

Binnen de Liberal Democrats zijn er twee hoofdstromingen:

De sociaal-liberale vleugel heeft de partij gedomineerd sinds de oprichting in 1988. Geïnspireerd door sociaal-liberalen als David Lloyd George, William Beveridge en John Maynard Keynes, wil deze stroming de verzorgingsstaat versterken door hogere belastingen en regulering van de markt. De sociaal-liberalen zijn ook grote voorvechters van burgerrechten. Leden die tot deze stroming behoren zijn onder andere Paul Holmes, Norman Baker en Simon Hughes.

De vrije markt, of libertarische vleugel, deelt de opvattingen van de sociaal-liberalen over burgerrechten. Maar deze vleugel staat weinig overheidsinmenging voor op sociaal-economisch vlak. Deze opvatting staat op gespannen voet met de meningen binnen de sociaal-liberale stroming. Een aantal Lagerhuisleden uit deze vleugel hebben bijgedragen aan het "Orange Book" uit 2004, een collectie essays die het debat binnen de partij moeten stimuleren over een eventueel meer libertarische koers van de partij. Leden die tot deze stroming behoren zijn onder andere Vincent Cable, David Laws en Chris Huhne.

Verkiezingsuitslagen[bewerken]

De LibDems zien vanaf 1992 het zetelaantal gestaag toenemen. Daarmee wordt de positie van de derde partij alsmaar versterkt.

Verkiezingen Naam Kiezersaandeel Zetels
1983 SDP-Liberal Alliance 25,4% 23
1987 SDP-Liberal Alliance 22,6% 22
1992 Liberal Democrats 17,8% 20
1997 Liberal Democrats 16,8% 46
2001 Liberal Democrats 18,3% 52
2005 Liberal Democrats 22,0% 62
2010 Liberal Democrats 23,0% 57

In de Britse verkiezingen voor het Europees Parlement van 2004 kregen de LibDems 15% van de stemmen. Dat leverde de LibDems 12 Europarlementariërs op. De delegatie van de Liberal Democrats in het Europees Parlement maakt deel uit van de fractie Alliantie van Liberalen en Democraten voor Europa.

Externe link[bewerken]