Groene belegging

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Maatschappelijke beleggingen)
Ga naar: navigatie, zoeken

Voor de Nederlandse Wet inkomstenbelasting 2001 (IB) kan de belastingdienst vormen van sparen en beleggen goedkeuren als groene belegging. Ondanks de term "beleggingen" kan het ook gaan om sparen, veelal op een spaardeposito. Tot een maximum per belastingplichtige (€56.420) telt het tegoed dan niet mee als vermogen.

Bij het aan het einde van het jaar verwerven en aan het begin van het nieuwe jaar weer verkopen van een maatschappelijke belegging, met als enig doel het behalen van fiscaal voordeel, kan de belastingdienst dit voordeel weigeren op basis van fraus legis. Soms neemt ook het betreffende beleggingsfonds maatregelen om dit te voorkomen.[1]

Soms wordt de rente over een groene belegging geschonken aan een gelieerde algemeen nut beogende instelling zodat naast de al genoemde belastingvoordelen er ook giftenaftrek in box 1 is.

Voorbeelden:[2]

  • ING Groen Spaardeposito van ING Groenbank N.V.
  • Groenrentecertificaat van oorspronkelijk Postbank Groen N.V., nu ING Groenbank N.V.
  • Groenbank Groen Discovery Note uitgegeven door ABN AMRO Groenbank B.V.
  • ABN AMRO Groen Fonds
  • ASN Groenprojectenfonds
  • Triodos Groenfonds

Consequenties voor inkomstenbelasting en vermogenstoetsen [bewerken]

De vrijstelling vermindert het forfaitaire rendement in box 3 met 4% van het vrijgestelde vermogen aan groene beleggingen (maar niet tot minder dan nul), die de belasting in box 3 vermindert met 1,2% van dit vermogen (maar niet tot minder dan nul).

Tevens is er de korting voor groene beleggingen (een heffingskorting) van 0,7% van het vrijgestelde vermogen aan groene beleggingen. Deze vermindert de belasting in de drie boxen samen, maar niet tot minder dan nul.

Bij een vermogenstoets kunnen groene beleggingen wel of niet meetellen. Zo definieert de Wet op de rechtsbijstand vermogen als de rendementsgrondslag bedoeld in artikel 5.2 van de Wet op de inkomstenbelasting 2001; daarbij bepaalt art. 5.13 dat tot de bezittingen niet behoren groene beleggingen (tot het maximum); als gevolg daarvan worden deze niet meegeteld bij de bepaling van het vermogen.

De Overige fiscale maatregelen 2013 hebben aan de Wet op de zorgtoeslag en de Wet op het kindgebonden budget toegevoegd dat er wordt uitgegaan van een afwijkende grondslag sparen en beleggen, die geen rekening houdt met de vrijstelling bedoeld in artikel 5.13 van de Wet inkomstenbelasting 2001; groene beleggingen worden dus wel meegeteld bij de bepaling van het vermogen.

Tot en met 2012 [bewerken]

Maatschappelijke beleggingen kunnen zijn groene beleggingen en sociaal-ethische beleggingen.

De waarde van de spaartegoeden en beleggingen zijn vrijgesteld in box 3 tot een maximum per belastingplichtige (2011: € 55.476; 2012: €56.420) voor al zulke beleggingen bij elkaar.

Tevens is de korting voor maatschappelijke beleggingen hierop van toepassing: deze maakt deel uit van de heffingskorting die na het berekenen van de te betalen belasting hiervan afgetrokken mag worden. Hierdoor hoeft dus minder belasting betaald te worden. De korting is een percentage (2011: 1%; 2012: 0,7%) van het bedrag dat is vrijgesteld op grond van de bepalingen in box 3.

Bij de geleidelijke afschaffing van de heffingskorting is er geen verdere overgangsregeling voor reeds ingelegde bedragen, zelfs niet bij een spaardeposito met een vaste looptijd.[3]

De Wet uitwerking fiscale maatregelen Begrotingsakkoord 2013 (UFM) heeft de vrijstelling en heffingskorting voor sociaal ethische fondsen per 1-1-2013 afgeschaft. De vrijstelling voor groen beleggen is gehandhaafd; bovendien gaat de afschaffing van de heffingskorting voor groen beleggen (in het Belastingplan 2011 geregelde wijzigingen van de Wet IB per 1 januari 2013 en 2014) niet door, zie boven.

Voorbeelden sociaal-ethische beleggingen:

Zie ook [bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties