ING (bank)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
ING
Het logo van ING
Het logo van ING
Motto of slagzin Oranje is ING
Oprichting 1881
Hoofdkantoor Vlag van Nederland Amsterdamse Poort, Amsterdam
Producten Financiële producten, Verzekeringen
Website ING.nl
Portaal  Portaalicoon   Economie
'NMB-hoofdkantoor' Amsterdamse Poort Architect: Ton Alberts

De ING bank is een onderdeel van ING Groep. Postbank en ING Bank gingen per 10 februari 2009 samen verder als ING. De afkorting ING staat voor Internationale Nederlanden Groep, maar de afkorting is zo bekend dat de volledige naam niet langer wordt gebruikt.

De ING is ontstaan uit de in 1881 als spaarbedrijf onder de vleugels van de overheid begonnen Rijkspostspaarbank en de in 1927 begonnen Nederlandsche Middenstandsbank. Vervolgens werd de Rijkspostspaarbank samengevoegd met de Postcheque- en Girodienst en omgedoopt in de Postbank, en veranderde de NMB in ING Bank. In 1989 wordt het fusiecontract ondertekend tussen de ING Bank en de Postbank.

De ING heeft in Nederland ongeveer 9,2 miljoen rekeninghouders en ruim 250 kantoren. Het hoofdkantoor staat in de Amsterdamse Poort in Amsterdam Zuidoost en is ontworpen door de architecten Ton Alberts en Max van Huut. Het gebouw dat in 1987 voor de NMB Bank gebouwd werd bestaat uit tien geschakelde torens van zes tot acht verdiepingen, waarbij aan de buitenzijde vrijwel geen verticaal vlak te vinden is. Het biedt ruimte aan 2500 werknemers.

ING Bank N.V. heeft zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de schulden voortvloeiend uit rechtshandelingen van ING Groenbank N.V., overeenkomstig artikel 2:403 BW ("403-verklaring").

Internetbankieren[bewerken]

Veel rekeninghouders van de ING bank doen hun transacties via internetbankieren. Ze kunnen op internet hun saldo inzien, geld overschrijven vanaf hun rekening en overige bankzaken regelen. De internetsite van ING is een van de drukst bezochte internetsites van Nederland. Meer dan vijf miljoen rekeninghouders van de bank hebben internettoegang. Het aantal bezoekers aan de website van de bank kan oplopen tot meer dan een miljoen per uur.

Voor voormalige Postbankrekeninghouders en nieuwe ING-rekeninghouders geldt, dat indien een klant een betalingsopdracht wil uit laten voeren via het internet, hij een tancode moet invullen. Deze tancode is een authenticatiebewijs voor het uitvoeren van de boeking. Het is sinds 1 september 2008 voor particulieren niet meer mogelijk een papieren tancodelijst met 100 tancodes van tevoren te ontvangen; er wordt nu steeds het systeem gehanteerd dat de tancode per sms wordt gestuurd als er een overboeking gedaan moet worden. Er is bij deze bank, behalve voor voormalige ING Bank rekeninghouders, daardoor geen speciaal apparaatje benodigd om een overschrijving via het internet uit te voeren. Inloggen op de internetsite kan overal ter wereld en men kan overal ter wereld iemand betalen, ook met een mobiele telefoon met internettoegang, mits men bereik heeft.

Betaalkaart[bewerken]

Contactloos betalen met een NFC-chip

De betaalkaart (bankpas) kan gebruikt worden voor betalen en geld opnemen (standaard in Europa, in te stellen op wereldwijd gebruik). Het gebruikte systeem is Maestro, dit werkt overal in Nederland, en in het buitenland bij locaties die voorzien zijn van het Maestro-logo. In eurolanden is het gratis. De limiet per dag is € 2500. Deze kan tijdelijk verhoogd worden. Vanaf voorjaar 2014 kan de houder de limiet ook verlagen.

De bankpas die na juli 2013 aan rekeninghouders verstrekt wordt is voorzien van een nfc-chip. Met deze pas kunnen ook contactloze betalingen worden gedaan.[1] Vanaf 15 april 2014 kan hiermee contactloos worden betaald tot een hoogte van € 25,00 met een maximum van € 50,00. Hierna volgt een eenmalige betaling met pincode.

Controle rekeningnummers[bewerken]

Bij het samengaan van de ING bank en de Postbank bleven de Postbank rekeningnummers hetzelfde. Er zijn daarmee bankrekeningnummers van 9 cijfers die voldoen aan de elfproef, en van de Postbank afkomstige nummers ("gironummers") tussen de 1 en 7 cijfers lang zonder controlecijfer. Soms worden deze met voorloopnullen aangevuld tot 7 cijfers, bijvoorbeeld 0000001, of voorafgegaan door een hoofdletter P, bijvoorbeeld P1.

De oud-Postbanknummers bevatten geen controlecijfers en zijn dus in het geheel niet beveiligd tegen verschrijvingen[2]. Om ondanks het ontbreken van een controlegetal fouten op te kunnen sporen, zou een naam/nummer controle uitgevoerd kunnen worden door de ING (benutting van redundantie voor controle). Volgens de nationale en internationale bankregels, expliciet vermeld in de kleine lettertjes van de overeenkomst tussen bank en rekeninghouder, zijn banken niet verplicht tot naam/nummer controle. Banken maken niet bekend in welke mate ze naam/nummer controle uitvoeren. Op 29 oktober 2009 kwam een geval in het nieuws waarbij iemand door het verwisselen van twee cijfers van een oud-Postbanknummer op een overschrijving 43 duizend euro stortte op een verkeerde rekening. Juristen buigen zich over de kwestie of de in de Wet op het financieel toezicht opgenomen zorgplicht ook niet inhoudt dat er een naam/nummer controle zou moeten uitgevoerd door de banken.

Aanbieders die grote hoeveelheden acceptgiro's aanmaken zijn verplicht de naam/nummer controle uit te voeren voordat de acceptgiro afgedrukt wordt. Bij het internetbankieren van ING wordt bij het opslaan van een overschrijving naar een gironummer de tenaamstelling getoond, bijvoorbeeld "-S RIJKS SCHATKIST S GRAVENHAGE" voor gironummer 1. Het tonen van de tenaamstelling zorgt voor een ander veiligheidsprobleem: vreemden kunnen een rekeningnummer aan een identiteit koppelen.

Op acceptgiro formulieren wordt in de machineleesbare regel onder het formulier wel een controle getal - bepaald met een gewogen elfproef - opgenomen, maar dan voor het 7-cijferige rekeningnummer. Een IBAN bevat een controlegetal bestaande uit twee cijfers. Daarnaast kan op het nationale banknummer opgenomen in een IBAN-nummer nog een elfproef worden uitgevoerd, tenzij het een oud-Postbanknummer betreft.

Een nieuw betalingssysteem voor bijvoorbeeld facturen en acceptgiro's is de FiNBOX.

Geschiedenis[bewerken]

Jaar Gebeurtenis
1881 Overheid richt de RijksPostSpaarbank (RPS) op om het sparen onder brede lagen van de bevolking te stimuleren.
1914 Oprichting van de Algemeene Nederlandsche Centrale Middenstandsbank (de Algemeene Centrale), op 19 september 1914. De Algemeene Centrale verstrekte kredieten aan de middenstand.Niet rechtstreeks aan bedrijven, maar via bij haar aangesloten banken (Middenstandscredietbanken, Spaar- en Voorschotbanken en Coöperatieve Middenstandsverenigingen).
1917 Oprichting van de Amsterdamse Gemeentegiro. Het eerste girale betalingssysteem in Nederland.
1918 Oprichting Postcheque- en Girodienst (PCGD). Hiermee ontstaat het eerste landelijke girale betalingssysteem. De administratie wordt op de postkantoren gevoerd. RPS en PCGD zijn aparte instellingen die vallen onder het Staatsbedrijf der PTT.
1923 Centralisatie van de administratie van de postgiro met behulp van ponskaarten apparatuur. De giro begon op 24 augustus op de nieuwe manier te werken. Er ontstonden echter enorme problemen, zodat de gehele dienst op 4 oktober gesloten moest worden.
1924 Nadat de stand van de rekeningen o.a. aan de hand van opgaven van rekeninghouders gereconstrueerd was werd de giro op 1 oktober heropend. De administratie werd handmatig, maar wel centraal in Den Haag, gevoerd.
1927 Oprichting van de Nederlandsche Middenstandsbank, een fusie van de Algemeene Nederlandsche Centrale Middenstandsbank, de Hanzebanken, de BOAZ-banken en de Middenstandsbank voor Limburg. Drijvende kracht achter deze fusie was de Regeerings-commissie inzake het Middenstandscrediet, met als voorzitter mr.dr. A. van Doorninck. De gang van zaken in het middenstandsbankwezen was desastreus, in die tijd gingen meerdere banken failliet door de situatie in de markt, maar met name door mismanagement. De commissie Van Doorninck onderzocht een reorganisatie en ging er van uit dat er één centrale middenstandskrediet-instelling moest komen, aansluitend op de bestaande instellingen. De concurrentie tussen de verschillende instellingen werd als een van de belangrijkste oorzaken van de problemen gezien.
1955 Wegens gebrek aan personeel wordt bij de giro een rekeningenstop voor particulieren ingesteld.
1956 Een tweede girokantoor wordt geopend in Arnhem. In 1957 kan de rekeningenstop weer worden opgeheven. Overname door NMB van de Noord-Friesche Middenstandsbank N.V.. Oprichting van financieringsbedrijven Nederlandsche Middenstands Financieringsbank N.V.
1961 De postgiro neemt de eerste proef met de inschakeling van computers voor de automatisering van de overschrijvingen. Gekozen wordt voor de IBM-1401. De automatisering wordt in 1965 afgerond, waarbij het aantal personeelsleden ongeveer wordt gehalveerd. Tijdens de omschakeling bestaat van 1961 tot 1963 opnieuw een rekeningenstop. Door de automatisering wordt een enorme groei van het girale betalingsverkeer mogelijk. Een belangrijke stimulans is de mogelijkheid dat werkgevers magneetbanden met salarisoverschrijvingen aanleveren waardoor het loonzakje overbodig wordt. De postgiro krijgt concurrentie van de algemene banken, spaarbanken en boerenleenbanken die het ook mogelijk maken betaalrekeningen te openen. Oprichting van de Nederlandsche Middenstands Financierings Maatschappij voor Bedrijfsobjecten N.V. (MOB, investeringen in onroerend goed). Overname door NMB van de Stichtsche Boaz-Bank N.V.
1966 Overname door NMB van de Verenigde Bank Bedrijven (fusiebank van de Zuidhollandse Bank en de Crediet en Effectenbank).
1969 Introductie van het eerste gegarandeerde betaalmiddel in Nederland: de Girobetaalkaart, vanaf 1970 ook te gebruiken in het buitenland.
1975 Postgiro introduceert 'Giroblauw past bij jou' (zie ook John Cleese, die optrad in reclamespotjes).
1979 Postgiro neemt de Amsterdamse Gemeentegiro over.
1986 Postgiro en RPS vormen samen de geprivatiseerde Postbank.
1986 De Postbank introduceert elektronisch bankieren voor particulieren. Dit product heet Girotel.
1989 Fusie tussen de Postbank en de NMB tot NMB Postbank Groep: Postbank houdt eigen gezicht en gaat ook in effecten bemiddelen.
1991 Fusie NMB Postbank Groep en Nationale-Nederlanden tot ING Groep; ING is wereldwijd actief en biedt een compleet assortiment financiële producten en diensten via diverse distributiekanalen.
1992 Naamsverandering van NMB in ING Bank.
2007 De ING Groep maakt bekend dat in 2009 Postbank N.V. en ING Bank N.V. worden samengevoegd tot ING. Het depositogarantiestelsel geldt dan voor het geheel en niet meer apart voor twee banken. Ook de handelsnaam Postbank verdwijnt.
2009 Postbank houdt op te bestaan en gaat samen met de ING Bank verder als ING. Het 'giroblauw' maakt plaats voor 'ING-oranje'. Voor deze combinatie werd een korte periode intern de werknaam NWE-Bank gehanteerd. De samenvoeging vindt geleidelijk plaats in een aantal zogenaamde waves. De eerste wave was op 10 februari 2009 voor de particuliere relaties van de Postbank. De particuliere relaties van de ING Bank zullen hier spoedig op volgen. De zakelijke relaties volgen pas veel later.

Tijdlijn[bewerken]

De Rijkspostspaarbank (de latere Postbank, en nu ING) was een instelling die viel onder het Staatsbedrijf der PTT. Hieronder is een tijdlijn weergegeven waarin de evolutie hiervan tot de aparte bedrijven KPN, PostNL, TNT Express en ING is weergegeven.

Hieronder een tijdlijn van de bedrijven die onderdeel waren van de APT/PTT en de opvolgers. Alleen de jaartallen waarin er wijzigingen waren worden in de tabel genoemd. De witte tekst zijn links naar de betreffende pagina's.

Vanaf 1881 1915 1918 1928 1977 1986 1989 1998 2002 2006 2009 2011 heden
Telefonie APT PTT PTT Telecom KPN
Koeriersdiensten PTT Post TPG Post TNT Post TNT Express
Post(pakketten) PostNL
Spaarbank Rijkspostspaarbank (RPS) Postgiro en
RPS
Postbank ING
Bank Postcheque- en Girodienst
Bronnen, noten en/of referenties