Rok (kleding)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Fotomodel dat een minirok draagt
Een Romeinse rok. Eugène Delacroix, De rechtvaardigheid van Traianus

Een rok is een buis- of kegelvormig kledingstuk dat om de taille wordt gedragen en de benen minstens gedeeltelijk bedekt. In tegenstelling tot een broek, heeft een rok geen pijpen.

Typen[bewerken]

De lengte van een rok kan zeer verschillen: lange rokken komen bijna tot de grond, terwijl minirokjes maar tot het bovenbeen worden gedragen. Eenvoudige rokken zijn gedrapeerde kledingstukken, bestaande uit één enkel stuk materiaal, hoepelrokken hebben zo'n zware lading dat een 'geraamte' (inz. van baleinen) moet ingebouwd worden. Tegenwoordig hebben de meeste rokken echter vlakken en plooien, en zijn doorgaans gemaakt van stoffen als denim of katoen. In het Westen is de rok een voornamelijk vrouwelijk kledingartikel.

  • In de 18e eeuw droeg men paniers, de rok stond dankzij een met ijzerdraad gevlochten kussen vol stro op iedere heup zo ver uit dat een tijdgenoot een dame zag naderen "die op twee ezeltjes gezeten leek te zijn".
  • De vorm en snit van de rok heeft enorme veranderingen ondergaan, onder invloed van de wisselende modes. In de jaren 1850 droegen Europese dames rokken met een diameter van meer dan 3 meter: crinolines. Die gevaarten werden met baleinen en houten hoepels verstevigd.
  • Later in dezelfde eeuw werd de rok kleiner maar aan de achterkant voorzien van een queue de Paris ('Parijse staart'), een op de billen rustend kussen dat een merkwaardige anatomie suggereerde.
  • Een tutu is een rok met meerdere tule-lagen die gedragen wordt door ballerinas.

Rokken voor mannen[bewerken]

In tal van traditionele culturen en historische perioden was het niet ongewoon dat mannen een rok droegen. Bekende voorbeelden daarvan zijn natuurlijk de Keltische kilt, de Aziatische sarong en het uniform van de Griekse evzonen. Afbeeldingen over de prehistorie en de Romeinse tijd laten mannen zien, gehuld in een lendendoek die we vandaag de dag als een rok zouden omschrijven. Bij de oude Romeinen en Grieken gold een broek als een bij uitstek 'barbaars' kledingstuk, onder meer geassocieerd met de gevreesde Germanen en Perzische volkeren die hun hellenistische rijksgrenzen bedreigden.

In de loop van de geschiedenis is het dragen van een mannenrok echter in veel culturen in onbruik geraakt. Als kilt heeft de rok voor mannen overleefd in Schotland, onder meer als deel van het parade-uniform van bepaalde regimenten en korpsen (ook van veiligheidsdiensten), ook in bepaalde eenheden elders in huidige en vroegere delen van het Britse rijk (zelfs buiten het Commonwealth). Geplisseerde, korte wijd uitstaande rokken zijn onderdeel van het uniform van de evzones, de traditioneel in het wit geklede parade- en elitesoldaten van de Griekse presidentiële en (vroeger) koninklijke garde.

In West-Europa werden kleine jongens tot in de 19e eeuw in een rok gekleed. Pas wanneer zij een jaar of acht waren kregen de zogenaamde 'broekventjes' een (korte) broek.

In Zuid- en Zuidoost-Azië zijn nog de sarong (een lange lendendoek) en andere om de heupen gewikkelde stoffen traditioneel voor mannen zowel als vrouwen. Ze worden thans echter in vele landen in snel tempo verdrongen door westerse kledij, met name in de geürbaniseerde gebieden. In Indonesische steden zal men bijvoorbeeld zelden een man in sarong meer aantreffen, terwijl velen spijkerbroeken dragen.

Zelfs pogingen van modeontwerpers zoals Jean Paul Gaultier en Yohji Yamamoto om de mannenrok in de mode te introduceren hebben niet geleid tot blijvend succes.

In de fetisj-, gothic- en cyberscene ziet men de laatste jaren steeds vaker mannen in (voornamelijk) lange rokken, terwijl men in de punkscene meer de kilt ziet. Deze mannenrokken zijn gemaakt van uiteenlopende natuurlijke stoffen (katoen, leder, rubber, wol, zijde) of synthetische stoffen (lak, nylon) en in diverse uiteenlopende kleuren, maar vaak wordt toch gekozen voor zwart omdat dit het beste en mooiste afkleedt. Versieringen zijn heel divers, zoals riempjes, buisjes, (bondage-)straps, veters, knopen, klittenband, gespen, ritsen, haakjes en oogjes, kettingen, veiligheidsspelden en spikes of studs.

Verder is er nog de apron, bestaande uit een voor- en achterpaneel, in de taille bijeengehouden met riempjes of klittenband. Hieronder dient wel een (onder)broek gedragen te worden, maar dat is lang niet altijd het geval.

In 2002 organiseerde het Victoria & Albert Museum in Londen een tentoonstelling over mannenrokken, die nadien rondreisde. Van 4 november 2003 tot 8 februari 2004 werd in het Metropolitan Museum of Art in New York de tentoonstelling "Bravehearts: Men in Skirts" gehouden.

Rokkostuum[bewerken]

In de 19e eeuw ontstond uit de geklede jas het rokkostuum, een kostuum met schuin weglopende voorzijde en twee lange panden op de rug. Ook dit kledingstuk, dat met de rokken van de mannen in de oudheid of vrouwenkleding niets te maken heeft, wordt kortweg 'rok' genoemd.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties