Simone de Beauvoir

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Simone de Beauvoir
Simone de Beauvoir, 1968
Simone de Beauvoir, 1968
Algemene informatie
Geboren 9 januari 1908, Parijs
Overleden 14 april 1986, Parijs
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Franstalige schrijvers
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Simone-Lucie-Ernestine-Marie Bertrand (Simone) de Beauvoir (Parijs, 9 januari 1908 – aldaar, 14 april 1986) was een Frans filosofe, schrijfster en feministe.

Biografie[bewerken]

Simone de Beauvoir werd geboren als oudste dochter van een deftig, maar niet al te bemiddeld gezin. Al vanaf haar tweede krijgt ze godsdienstonderwijs van haar moeder en op latere leeftijd volgt ze haar onderwijs aan de kloosterschool. Maar Beauvoir maakte haar eigen keuzes en geloofde niet in God. Zij koos voor haar waarheid, voor haar zijn de zonden van de mens niet te beboeten; je bent verantwoordelijk voor je eigen daden.

Omdat haar ouders niet genoeg geld hadden om een bruidsschat voor hun dochters te bekostigen, moest Simone in haar eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Beauvoir moest gaan studeren, wat ze heerlijk vond. Aan de Parijse universiteit de Sorbonne studeerde ze literatuurwetenschap, wiskunde en filosofie. Na haar studies werd ze toegelaten op de docentenopleiding, waarvoor ze bij de École normale supérieure moest zijn. Daar leerde Beauvoir een intellectuele jongeman genaamd Jean-Paul Sartre kennen. Hij zou haar gezel voor het leven worden. Zijn koosnaampje voor haar werd Castor. Sartre verbond zich aan Beauvoir met een pact: ze zouden beiden tot elke prijs hun zelfstandigheid bewaren, wat vooral inhield dat seksuele omgang met anderen mogelijk moest zijn, waarna ze hierover aan elkaar verslag uitbrachten. Van een klassiek huwelijk, dat ze beiden als bourgeois aanzagen, kon geen sprake zijn. Simone nam een aanstelling in het middelbaar onderwijs in Marseille aan, ver van Sartre en Parijs. Dit pact met Sartre (die in 1980 stierf), gebaseerd op onderlinge afspraken en medeplichtigheid, heeft echter niet tot het laatst toe stand gehouden.[1] Een poging van een Amerikaanse uitgever-schrijver, Nelson Algren, om eerder al hun entente te verbreken, mislukte wel.[2] Zowel in het werk van Sartre als in dat van Beauvoir is de invloed van de ander merkbaar aanwezig.

In de oorlog kreeg de positief ingestelde Simone een harde les; Sartre was naar het front gestuurd en de scheiding viel haar zwaar. Voor haar literaire carrière betekende de oorlog juist een positieve wending. Hoewel ze al jaren bezig was met allerlei voorzichtige beginnetjes van boeken, schreef ze haar eerste volledige boek pas in 1938. Uitgenodigd zou echter pas in 1943 uitkomen. Zelf zegt ze: Literatuur wordt geboren als er in het leven iets misloopt.

Ontmoeting van Simone de Beauvoir, Jean-Paul Sartre en Che Guevara op Cuba in 1960

Vanaf de oorlog begon ze zich ook meer te interesseren voor de politiek, die een belangrijke rol speelt in haar werk. Op latere leeftijd zou Beauvoir zelf ook een belangrijke rol gaan spelen, onder andere, in de vrouwenbeweging. In 1943 werd Beauvoir als onderwijzeres ontslagen en nam ze alle tijd om zich op het schrijven te concentreren. Haar debuut uit 1943 werd al in 1944 gevolgd door het boek, De anderen. Voor in dat boek staat: Maar de mens is gedoemd te leven; zijn eigen leven te leven. Dat houdt in dat hij niet anders kan dan indringen in het leven van een ander. Want het is onmogelijk te leven zonder vuile handen te maken.

Simone de Beauvoir werd na de oorlog gerekend tot het existentialisme, een stroming waarin Sartre en Albert Camus een prominente rol speelden. Deze gaat uit van ieders eigen verantwoordelijkheid ten opzichte van zichzelf en de hele wereld om hen heen, zonder die af te schuiven op externe omstandigheden of op religieuze of sociale conventies. In 1947 kwam het boek Niemand is onsterfelijk uit en groeide haar bekendheid vanwege haar actieve politieke bestaan.

In 1949 schreef ze het boek De tweede sekse, waarin ze pleit voor de economische onafhankelijkheid van de vrouw. Beauvoir beweerde dat de positie van de vrouw al sinds 1919 niet meer verbeterd was en wilde dit aan de kaak stellen. Ze was tegen de rol van de vrouw in het klassieke huwelijk omdat de vrouw dan volledig afhankelijk was van de man. Ze zei: Je moet leven in een morele, psychische, totale innerlijke afhankelijkheid van een man; dat zou geen enkel menselijk wezen mogen accepteren. Tevens is haar bekendste uitspraak in "le deuxieme sexe" te lezen: "Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt vrouw". Hiermee doelt ze op het feit dat vrouwen zich niet onderscheiden door fysiologische of anatomische verschillen, maar de mannen maken vrouwen tot vrouwen. Volgens Beauvoir maken mannen geen volwaardige individuen van vrouwen. Mannen zouden subjecten zijn die voor zichzelf kunnen leven, vrouwen zouden objecten zijn, die dienstbaar moeten zijn richting mannen. Voor in haar boek stond een citaat van de cartesiaanse filosoof Poullain de la Barre (1647-1725): Al wat door mannen over vrouwen is geschreven moet als verdacht worden beschouwd omdat ze zowel rechter als partij in het geschil zijn. Onder andere door dit boek kan Simone de Beauvoir als inspirator van de tweede feministische golf beschouwd worden.

In 1954 kwam haar roman De Mandarijnen uit, waarvoor Beauvoir in datzelfde jaar de Prix Goncourt ontving. Het werd in 1958 gevolgd door haar memoires in Mémoires d'une jeune fille rangée waarin zij de in haar bourgeois-omgeving heersende vooroordelen en vernederende tradities beschrijft en hoe zij zich daaraan als vrouw ontworsteld heeft. Na de dood van haar moeder schreef Simone het boek, Une mort très douce, dat in 1964 uitkwam. Les belles images kwam in 1966 uit en La vieillesse in 1970.

Graf van Beauvoir en Sartre

Toen in 1980 haar levensgezel Jean-Paul Sartre overleed, was ze kapot. Ze schreef niettemin in 1981 een hoogst persoonlijk en zelfs intiem verslag van haar laatste tien jaren met Sartre: La Cérémonie des adieux: Jean-Paul Sartre. Simone de Beauvoir overleed zes jaar later op 78-jarige leeftijd in Parijs, lichamelijk en geestelijk uitgeput door verslavingen aan alcohol en amfetaminen.

Bibliografie[bewerken]

romans
  • 1943 L'Invitée; (Ned. vert.: 1964; Uitgenodigd; door: Greetje van den Bergh)
  • 1945 Le Sang des autres; (Ned. vert.: 1965; De anderen; door: L.P.J. Braat en 1980; Bloed van anderen; door: Ernst van Altena)
  • 1946 Tous les hommes sont mortels; (Ned. vert.: 1962; Niemand is onsterfelijk; door: Jan Hardenberg en 1982; Alle mensen zijn sterfelijk; door: Greetje van den Bergh)
  • 1954 Les Mandarins; (Ned. vert.: 1963; De mandarijnen; door: Jan Hardenberg)
  • 1966 Les Belles Images; (Ned. vert.: 1967; De schone schijn; door: Jan Hardenberg en 1979; Een wereld van mooie plaatjes; door: Ernst van Altena)
  • 1967 La Femme rompue; (Ned. vert.: 1968; De gebroken vrouw; door: J. Huijts)
  • 1979 Quand prime le spirituel; (Ned. vert.: 1981; Met kramp in de ziel; door: Jeanne Holierhoek)
essays
  • 1944 Pyrrhus et Cinéas
  • 1947 Pour une Morale de l'Ambiguïté; (Ned. vert.: 1958; Pleidooi voor een moraal der dubbelzinnigheid; door: Paul Rodenko)
  • 1948 L'Existentialisme et la Sagesse des nations; (Ned. vert.: 1989; Oog om oog; door: Ivo Gay)
  • 1949 Le Deuxième Sexe; (Ned. vert.: 1982; De tweede sekse; door: Jan Hardenberg)[3]
  • 1955 Privilèges
  • 1957 La Longue Marche
  • 1963 Faut-il brûler Sade; (Ned. vert.: Marquis De Sade en 1985; Markies De Sade; door: C. Veerman)
mémoires
  • 1948 L' Amérique au jour le jour
  • 1958 Mémoires d'une jeune fille rangée; autobiografie, deel 1; (Ned. vert.: 1965; Herinneringen van een welopgevoed meisje en 1974; Een welopgevoed meisje; door: Jan Hardenberg)
  • 1960 La Force de l'âge; autobiografie deel 2; (Ned. vert.: 1968; De bloei van het leven; door: Christopher Logue)
  • 1963 La Force des choses; autobiografie deel 3; (Ned. vert.: 1969-70; De druk der omstandigheden; door: L. Witsenburg)
  • 1964 Une mort très douce; (Ned. vert.: 1979; Een zachte dood; door: Greetje van den Bergh)
  • 1970 La Vieillesse; (Ned. vert.: 1975; De ouderdom; door: Jan Hardenberg)
  • 1972 Tout compte fait; autobiografie deel 4; (Ned. vert.: 1979; Alles welbeschouwd; door: Pieter Grashoff)
  • La Cérémonie des adieux; Jean-Paul Sartre; (Ned. vert.: 1985; Het afscheid; door: Frans de Haan)
toneel
  • 1945 Les bouches inutiles
brieven
  • Lettres à Nelson Algren; (Ned. vert.: 1981; Een transatlantische liefde; door: Marianne Gossije | Sylvie Le Le Bon de Beauvoir)
  • 1964 La bâtarde; Violette Leduc met bijdrage van SdB; (Ned. vert.: 1965; De bastaard; door: Thérèse Cornips)
  • 1983 ''Lettres au Castor et à quelques autres; (Ned. vert.: 1986; Brieven aan Castor en aan enige anderen; door: P.P.J. Klinkenberg)
    • Deel 1. 1926 - 1939
    • Deel 2. 1940 - 1963
  • 1990 Lettres à Sartre; (Ned. vert.: 1991; Brieven aan Sartre; door: Truus Boot | Sylvie Le Le Bon de Beauvoir)
    • Deel 1. 1930 - 1939
    • Deel 2. 1940 - 1963
  • 2004 Correspondance croisée, 1937-1940; Jacques-Laurent Bost
overige werken
  • 1960 Les écrivains en personne; Madeleine Chapsal
  • 1966 Simone de Beauvoir ou l'entreprise de vivre; Francis Jeanson
  • 1966 Treblinka. La révolte d'un camp d'extermination; Jean-François Steiner
  • 1967 L'âge de discrétion; novelle; (Ned. vert.: 1969; De gevoelige leeftijd; door: J. Huijts)
  • 1977 Sartre. Texte intégral; Alexandre Astruc | Sartre, Jean-Paul
  • 1978 Sartre. Images d'une vie; Liliane Sendyk-Siegel
  • 1978 Simone de Beauvoir et le cours du monde; Christopher Logue | Claude Francis
  • 1979 Les écrits de Simone de Beauvoir; Claude Francis | Fernande Gontier; (Ned. vert.: 1981; Wij vrouwen Over emancipatie en feminisme; door: Jeanne Holierhoek)
  • 1982 La cérémonie des adieux, suivi de Entretiens avec Jean-Paul Sartre, août-septembre 1974; Jean-Paul Sartre
  • 1985 Shoah; Claude Lanzmann
  • 1990 Journal de guerre : septembre 1939 - janvier 1941; (Ned. vert.: 1991; Oorlogsdagboek; door: Truus Boot | Sylvie Le Le Bon de Beauvoir)

Secundaire literatuur[bewerken]

  • 1964 The sexually responsive woman; Phyllis Kronhausen | Eberhard Kronhausen en Simone de Beauvoir | Thérèse Cornips; (Ned. vert.: 1965; De vrouw en haar seksualiteit)
  • De vogel heeft geen vleugels meer; van P. Schwiefert; (Ned. vert.: 1975 door: Evelien van Leeuwen)
  • 1983 Simone de Beauvoir heute. Gespräche aus zehn Jahren; (Ned. vert.: Gesprekken met Simone de Beauvoir; door: José Rijnaarts)
  • 1990 Journal de guerre; Sylvie Le Le Bon de Beauvoir
  • Filosofie als passie; proefschrift; (Ned. vert.: 1992; door: Karen Vintges)
  • 1979 Simone de Beauvoir; Josée Dayan | Malka Ribowska | Jean-Paul Sartre
  • 2006 Tête-à-tête; Hazel Rowley; (Ned. vert.: 2006; Tête-à-tête; door: Rob van Essen)
  • 2006 Jean-Paul Sartre, De Beauvoir, vrijheid en terreur; Frans de Haan, Uitg. Aspekt, ISBN 90-5911-344-6
  • 2008. Alles welbeschouwd , essays over Simone de Beauvoir, red. Joke J. Hermsen, Uitgeverij Klement 2008.

Filmografie[bewerken]

T = televisie

  • Le' at Yote Hebr; regie: Avraham Heffner; cast: Avraham Ben-Yosef | Fanny Lubitsch
  • 18 Hon ; T; Fras; regie: Josée Dayan; cast: Malka Ribowska | Pierre Zimmer
  • 4 Le Sang des au Engels; 131 min.; regie: Claude Chabrol; cast: Jodie Foster | Michael On
  • 1 Weil's solche enicht täglich gibt; T; Duits; 100 min.; regie: Frank Guthke; cast: Anja Franke |ristine ermayer; (naar het boek: La Femme rompue)
  • 8 Una Donna ata; It.; min.; : Marco Letcast: Lea Massari | Erland Jose
  • 1 All men aretal; Engels; 103 min.; regieng; cast: Irène Jacob | Stephen Rea
documentaires
  • 1949 Désordre; 18 min.; regie: Jacques Baratier
  • 1958 Derrière la grande muraille; 68 min.; regie: Robert Ménégoz
  • 1967 Le Désordre à vingt ans; 60 min.; regie: Jacques Baratier; cast: Arthur Adamov | Antonin Artaud
  • 1975 Maso et Miso vont en bateau; 55 min.; regie: Nadja Ringart | Carole Roussopoulos
  • 1976 Sartre par lui-même; 191 min.; Alexandre Astruc | Michel Contat
  • 1979 Simone de Beauvoir; 115 min.; regie: Josée Dayan

Externe link[bewerken]

Voetnoten

  1. Jean-Paul Sartre: zijn biografie / Annie Cohen-Solal; Amsterdam, Van Gennep, 1989, e.v.
  2. Brieven aan Nelson Algren
  3. 1999: vijftig jaar Le Deuxième Sexe