Sociale klasse

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een sociale klasse is een groepering van mensen op basis van een soortgelijke economische positie en de daaruit volgende levenskansen.

De levenskansen worden bepaald door onder meer prestaties, maar ook door bezit. Hiermee onderscheidt de klasse zich van de stand die vooral door afkomst en sociale status wordt bepaald. Binnen de verschillende klassen is minder gemeenschapsgevoel dan binnen een stand waar een sterke tendens is tot sociale uiting. Vaak worden de sociale klassen verdeeld in een bovenklasse, middenklasse en onderklasse.

In principe kan men iedere menselijke eigenschap gebruiken om een maatschappij op te delen in verschillende sociale klassen. Voorbeelden zijn beroep, opleidingsniveau, inkomen, politieke invloed, afkomst, geslacht of seksuele geaardheid.

Marx[bewerken]

Verscheidene wetenschappers hebben gebruikgemaakt van het idee dat de maatschappij uit verschillende klassen zou bestaan. Zo bepaalt het wel of niet de beschikking hebben over productiemiddelen of productiefactoren bij Karl Marx (1818-1883) tot welke klasse men behoort. Vanuit deze toestandsklasse of Klasse-an-Sich zou een klassenbewustzijn moeten ontstaan om zo te komen tot een mentaliteitsklasse of Klasse-für-sich. Tijdens deze politieke bewustwording zou de arbeidersklasse ontdekken dat zij onderdrukt worden om zich daarna via een revolutie onder het juk van de hogere klassen, de burgerij, uit te werken in een klassenstrijd.

Weber[bewerken]

Max Weber (1864-1920) had een gedifferentieerder beeld en deelde de maatschappij op in groepen met behulp van drie elementen: klasse, status en macht. Hierbij wordt de klasse bepaald door de economische relatie ten opzichte van de markt, zoals eigenaar, huurder of werknemer. Status heeft te maken met niet-economische eigenschappen, zoals opleiding en prestige. Macht is gebaseerd op politieke invloed die uitgeoefend wordt via partijen. Hij maakte een scherp onderscheid tussen 'klassen' en 'standen'.

Open samenleving[bewerken]

Het harde kapitalisme uit de tijd van Marx werd nog gekenmerkt door een grote mate van laisser faire. Vanaf het einde van de negentiende eeuw zagen overheden zich echter genoodzaakt om in toenemende mate in te grijpen, vaak tegen wil en dank. Zo probeerde Bismarck met de instelling van sociale verzekeringen de socialisten de wind uit de zeilen te nemen. Hiermee verdwenen de scherpste randen van de klassentegenstellingen. Tegelijkertijd werd onderwijs voor steeds meer mensen bereikbaar. Vooral vlak na de Tweede Wereldoorlog was er steeds meer sprake van een verzorgingsstaat in westerse landen waar het idee begon te leven dat verschillen meer en meer zouden verdwijnen en dat een open samenleving binnen handbereik was.

Klasseverschillen bleken echter niet zomaar te verdwijnen. Dit komt niet alleen tot uiting in economische of statusgerelateerde zaken, maar ook in sociaal-economische gezondheidsverschillen. Als reactie daarop werden nieuwe modellen ontwikkeld.

Goldthorpe[bewerken]

John Goldthorpe beschouwt klassen als beroepscategorieën waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen de markt- en de werksituatie. De marktsituatie is afhankelijk van de herkomst en de hoogte van het inkomen, de economische zekerheid en de mogelijkheden tot verbetering. De werksituatie wordt bepaald door de gezagsverhoudingen binnen een organisatie en de mate van autonomie.

Postmodernisme[bewerken]

De onderscheidende kenmerken van de verschillende klassen zijn na de Tweede Wereldoorlog minder duidelijk te onderscheiden. Volgens de postmodernisten is klasse dan ook een niet langer bruikbaar begrip. Met de groei van de welvaart is de nadruk verschoven van productie naar consumptie. Daarbij wordt gekozen voor een levensstijl die past bij de groep of subcultuur waar men bij wil horen. Het is dan ook makkelijker om te veranderen van levensstijl dan het geval was bij een sociale klasse.

Hier wordt wel tegenin gebracht dat ook levensstijl net als sociale klasse afhankelijk is van het inkomen.

Literatuur[bewerken]

  • Hoof, J.J.B.M. van; Ruysseveldt, J. van (red.) (1996): Sociologie en de moderne samenleving: maatschappelijke veranderingen van de industriële omwenteling tot in de 21ste eeuw, Boom.