Şuşa (stad)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Şuşa / Շուշի (Sjoesji)
Stad in Azerbeidzjan Vlag van Azerbeidzjan
Şuşa (Azerbeidzjan)
Şuşa
Situering
district Şuşa
Coördinaten 39° 45′ NB, 46° 45′ OL
Algemeen
Oppervlakte 381,3 km²
Inwoners 4.446
Hoogte 1.400 m
Politiek
Gesticht 1752
Overig
Netnummer +374 477
Portaal  Portaalicoon   Azerbeidzjan
Het paleis van Xurşidbanu Natəvan, de dochter van de laatste heerser van het KarabachKanaat. Eind 19e, begin 20e eeuw.
Het centrum van Şuşa aan het begin van de 20e eeuw.
Wapen van Şuşa tijdens de Russische heerschappij in 1843.
Een foto genomen in 1918 van de Karabach verzoening commissie, die bestond uit religieuze leiders en ouderlingen van zowel de Azerbeidzjaanse en Armeense gemeenschappen.

Şuşa (bijwijlen gespeld als Sjoesja, Armeens: Շուշի, Sjoesji; ook: Shusha of Shushi) is een stad in Azerbeidzjan. De stad fungeert als hoofdstad van het Azerbeidzjaanse district Şuşa en maakt er zelf deel van uit. De stad werd in 1752 gesticht door Panah Ali Khan en vormde de hoofdstad van het Turkse Kanaat van Karabach.[1][2][3]

Als een vestingstad was het indertijd een belangrijk strategisch punt tussen het Russische Rijk en Perzië. In de 19de eeuw was het een belangrijk cultureel centrum voor de lokale Azerbeidzjaanse en Armeense bevolking. De stad stond bekend om haar vele intellectuelen, dichters, schrijvers en vooral muzikanten zoals zangers en mughamspelers en muziekvormen als de ashiq en kobuz.[4] In de jaren tussen de overheersing door het tsaardom Rusland en de Sovjet-Unie en tijdens de oorlogen van 1988 - 1994 en die van 2020 was de stad een twistappel tussen de Armeniërs en Azerbeidzjanen. Daarom wordt het ook wel het “Jeruzalem” van de Zuidelijke Kaukasus genoemd.[5] In 1920 werden in Şuşa de Armeniërs het slachtoffer van een slachtpartij, waarbij - de schattingen lopen nogal uiteen - 500[6] tot meer dan 20.000.[7]

In 2015 telde de stad 4.446 inwoners en vrijwel de hele bevolking was etnisch Armeens.[8]

Etymologie[bewerken | brontekst bewerken]

De stad werd vroeger Panahabad genoemd, naar de stichter van de stad Panah Ali Khan, de heerser van het Turkse Kanaat Karabach. Later werd de naam veranderd naar Şuşa. [9][10] Şuşa betekent fles in het Azerbeidzjaans. Het woord komt van het Perzische Shīsha.

Volgens de meeste historici ontleende de burcht haar naam aan het dichtbijgelegen dorp Sjoesjikent.[11][12] De historicus Arakel Babachanian vond dat het juist andersom was: het dorp zelf kreeg zijn naam van de burcht.[13]

Ligging[bewerken | brontekst bewerken]

Şuşa ligt slechts tien kilometer ten zuiden van de stad Chankendi/Stepanakert, bij de verkeersader A 317 die de hoofdstad van Nagorno-Karabach met de Armeense stad Goris verbindt. De stad is gevestigd op een steil rotsplateau, circa 1.500 meter boven de zeespiegel.

Klimaat[bewerken | brontekst bewerken]

De stad heeft een gematigd klimaat. De gemiddelde temperatuur in januari is +2,9; in april +7,4; in juli +18,9; in november +4,7 °C. De laagst gemeten temperatuur is -19,5 °C. De gemiddelde hoeveelheid neerslag bedraagt ca. 640 mm per jaar.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Voorgeschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Şuşa is vanouds bekend geweest als een natuurlijke, ongenaakbare vesting. Archeologische vondsten als grafstenen, kruisstenen en antieke keramiek bevestigen dat het al lang voor de 18e eeuw bewoond was. Bovendien getuigen de drieduizendjarige hunebedden bij het oude kerkhof van bewoning in prehistorische tijden.

16e – 18e eeuw[bewerken | brontekst bewerken]

Van de 16e tot de 18e eeuw lag Şuşa in het domein van het Prinsdom Varanda. Prins Meliek-Sjahnazar II – de prins van Veranda, die een vete uitvocht met de vier andere prinsen van Karabach, gaf Şuşa over aan Panah Ali Kan en werd zijn bondgenoot. In 1751 werd Şuşa de zetelplaats van het Kanaat Karabach tot 1822. Şuşa werd omgeven met muren en er kwamen veel mensen van de omstreken hier wonen – zowel Azerbeidzjanen als Armeniërs, zodat het tot een klein stadje uitgroeide. Vanaf deze periode wordt Şuşa bekend onder haar huidige naam.

Russische heerschappij[bewerken | brontekst bewerken]

Vanwege zijn belang als strategisch punt werd Şuşa dikwijls door Perzische, Armeense Turkse en Russische legers aangevallen. Sinds het begin van de 19e eeuw kreeg het Russische Rijk steeds meer invloed in de Kaukasus. Naar aanleiding van Georgië, sloten vele Azerbeidzjaanse Kanaten zich aan als protectoraat in het Russisch Rijk. In 1805 werd de Kurekchay verdrag getekend tussen het Azerbeidzjaanse Karabachkanaat en het Russische Rijk, hierbij kwam het Karabachkanaat uiteindelijk onder Russische heerschappij.

Als gevolg van twee Russisch-Perzische oorlogen, (1804-1813) en (1826-1828), erkende Iran het gezag van Rusland over het Kanaat Karabach en andere kanaten in de Kaukasus. Het Russische rijk versterkte zijn macht in het Kanaat Karabach na het Verdrag van Gulistan in 1813 en het Verdrag van Turkmenchay van 1828.

Tijdens de Russisch-Perzische oorlog van 1826-1828, hield Şuşa het gedurende enkele maanden uit, de stad werd niet overwonnen door Rusland of Iran. Na deze oorlog werd het Kanaat Karabach afgebroken voor Rusland, in plaats daarvan werd de Karabach provincie opgericht (1822-1840), met Şuşa als de hoofdstad. Vervolgens werd Şuşa een uyezd (district) van het Jelizavetpol gouvernement (1840-1923). Hierna volgde voor Şuşa een langdurige vredestijd. De 19e eeuw werd zodoende de bloeitijd van Şuşa, dat inmiddels een belangrijk cultuur- en handelscentrum was geworden. Aan het begin van de 20e eeuw was Şuşa na Tbilisi de dichtstbevolkte stad van de Zuidelijke Kaukasus. De stad was verdeeld in Azerbeidzjaanse en Armeense wijken. In 1822 bestond de bevolking van de stad uit 936 Azerbeidzjaanse (moslim) gezinnen en 762 Armeense gezinnen.[14]

Begin 20e eeuw[bewerken | brontekst bewerken]

Het begin van de 20e eeuw was bestempeld met Armeens-Azerbeidzjaans confrontaties. Het is onduidelijk of het Russische migratiebeleid in de Kaukasus invloed had op het conflict. Zo nam het percentage van de Armeniërs in het hele gebied van het voormalige Kanaat Karabach toe tot 35 procent in 1832 en 53 procent in 1880, terwijl veel islamitische Azerbeidzjaanse gezinnen juist naar Iran emigreerden.[15] De eerste confrontatie tussen etnische Armeniërs en Azerbeidzjanen vond plaats in Bakoe in februari 1905. Al snel sloeg het conflict over naar andere delen van de Transkaukasus, voornamelijk in Azerbeidzjan (in die tijd was dit de benaming van een geografisch gebied met overwegend moslimbevolking). Zo vond op 5 augustus 1905 het eerste conflict tussen de Armeense en de Azerbeidzjaanse inwoners van Şuşa plaats. Als gevolg van de wederzijdse pogroms en moorden, kwamen honderden mensen om en meer dan tweehonderd huizen werden verbrand.[bron?]

Na de Russische Revolutie, toen Armenië en Azerbeidzjan de onafhankelijkheid riepen en er grensgeschillen tussen beiden ontstonden, nam de etnische spanning in de regio toe. De Democratische Republiek Azerbeidzjan (1918-1920) verklaarde Karabach, evenals Sjoenik tegen de zin van de lokale bevolking deel van de nieuwe staat.[bron?] Deze beslissing werd tevens betwist door buurland Armenië, echter behoorde Nagorno-Karabach niet tot de bestuurlijk onderdeel van Armenië.[16] Na de nederlaag van de Ottomaanse Rijk in de Eerste Wereldoorlog, bezetten de Britse troepen Karabach.

De Britse bevelhebber erkende het gezag van Xosrov bəy Sultanov, die aangesteld was de Azerbeidzjaanse regering als gouverneur-generaal van Karabach en Zangezur, met zijn zitplaats in Şuşa.[17][18]

In augustus 1919 ging het lokale bestuur van Nagorno-Karabach, de Karabach Nationale Raad, een tijdelijk akkoord aan waarmee het Azerbeidzjaanse gezag erkend werd op de voorwaarde dat de definitieve status van Nagorno-Karabach in de Vredesconferentie van Parijs zou beslist worden. Het vredesakkoord duurde echter niet lang en het etnisch conflict barstte los. Op 5 juni 1919 werden zeshonderd Armeniërs van de dorpen rondom Şuşa gedood door Azerbeidzjaanse en Koerdische guerrillastrijders. Sultanov betoogde dat deze guerrillastrijders niet onder zijn controle en gezag waren.[19] Het conflict escaleerde een Armeense opstand[20][21][22], die weer later teruggedrongen werd door het Azerbeidzjaanse leger[bron?]. In in de nacht van 21 op 22 maart 1920 vielen de Armeniërs van Karabach de Azerbeidzjaanse garnizoenen aan in Şuşa, Xankəndi en Askeran. Op dat moment vierden de Azerbeidzjanen de traditionele feestdag Novruz Bayram. De Armeense verrassingsaanval werd tegelijkertijd gecoördineerd met een groot aanval op de grenzen van Azerbeidzjan door Armenië.[23] De verrassingsaanval in Karabach werd echter geen succes en naar aanleiding hiervan viel het Azerbeidzjaanse leger de Armeniërs in Şuşa aan, wat uiteindelijk leidde tot de Armeense pogrom van maart 1920.[23][24] Bij de pogrom kwamen volgens verschillende bronnen tussen de 500 en 20.000 Armenen om het leven. Tevens werden de Armeense wijken van de stad verwoest. De Russische dichter Nadezjda Mandelstam die na het bloedbad in 1920 de stad had bezocht, schreef dat er behalve moslims geen enkele Armenen meer waren.[25]

Sovjetperiode[bewerken | brontekst bewerken]

In april 1920 werd, terwijl Azerbeidzjan en Armenië met elkaar oorlog voerden, Azerbeidzjan binnengevallen door het Rode Leger (11e Leger). Later dat jaar, in november, werd ook Armenië veroverd door het Rode Leger en beide landen werden opgenomen in de Sovjet-Unie.[26] Het Kaukasus Bureau (Kavburo) van de Communistische Partij zou onder toezicht van Jozef Stalin territoriale geschillen oplossen. Op 5 juli 1921 werd de beslissing genomen om Nagorno-Karabach in de Azerbeidzjaanse SSR te laten[bron?][27]. In 1923 werd Nagorno-Karabach een autonome regio in Sovjet-Azerbeidzjan. De nieuwe hoofdstad van de autonome regio werd de stad Xankəndi (uitgesproken als Kankendi), die kort daarna omgedoopt werd tot Stepanakert naar de Armeense bolsjewiek Stepan Sjahoemjan.

Şuşa bleef gedeeltelijk geruïneerd tot de jaren 1960, toen de stad geleidelijk begon te herleven door haar recreatieve mogelijkheden. In 1977 werd de stad uitgeroepen tot een reservaat van Azerbeidzjaanse architectuur en geschiedenis. Zo werd Şuşa een van de grootste resort-steden in de voormalige Sovjet-Unie.[bron?]

Jaren negentig tot 2020[bewerken | brontekst bewerken]

Tijdens de Oorlog in Nagorno-Karabach (1990-1994) werd Şuşa het belangrijkste Azerbeidzjaanse bolwerk in Karabach. Vanuit hier werden Stepanakert en andere Armeense woonplaatsen in Nagorno-Karabach constant onder vuur genomen[28] waarbij een groot aantal burgerslachtoffers vielen.[5] De Armeniërs beschoten op hun beurt de stad.[5]

Op 9 mei 1992 werd de stad ingenomen door Armeense troepen en de Azerbeidzjaanse bevolking, van rond de 15.000, ontvluchtte haar.[29] Volgens het Instituut voor Oorlog en Vrede Rapportage, werd de stad geplunderd en verbrand door de Armeniërs.[30] Tijdens de controle door Armeense troepen lag de stad nog in deels in puin. In 2007 werden twee moskeeën van Şuşa gerestaureerd.[31]

De Azerbeidzjaanse bewoners van de stad konden tijdens deze periode niet terugkeren. Na het einde van de oorlog werd de stad deels herbevolkt door Armeense vluchtelingen uit Azerbeidzjan en andere delen van Nagorno-Karabach.[32] De burgemeester van de stad werd rechtstreeks gekozen. Karen Avagimian werd gekozen op 29 maart 2009. Hij werd in 2013 opgevolgd door Artsvik Sargsian. In 2019 werd Khachatur Hairabian de nieuwe burgemeester. De Azerbeidzjaanse regering in Bakoe benoemde ook burgemeesters, achtereenvolgens Nizami Bahmanov (1992-2008), Bayram Səfərov (2009-2018) en Tural Ganjaliyev (2018-). Alleen Bahmanov verbleef de eerste maand na zijn benoeming in de stad. De autoriteiten van Nagorno-Karabach waren van plan om het parlement in 2022 te verplaatsen van de hoofdstad Stepanakert naar Shusha.[33]

2020[bewerken | brontekst bewerken]

Tijdens de oorlog in Nagorno-Karabach in 2020 veroverden de Azerbeidzjaanse strijdkrachten een gedeelte van Nagorno-Karabach. Op 8 november 2020 claimde president İlham Əliyev van Azerbeidzjan dat Shusha onder controle van Azerbeidzjan stond na een dagenlange strijd om de stad.[34] In eerste instantie werd de herovering ontkend vanuit Armeense zijde. Pas enige dagen later bevestigden de Armeniërs de controle van Azerbeidzjan over de stad.[35][36][36][37] Na de herovering ging men in Azerbeidzjan de straten op om de militaire overwinning te vieren.[38]

Demografische ontwikkeling[bewerken | brontekst bewerken]

Bron: Artikel Shusha van de Engelse Wikipedia
Opm: Bevolkingscijfers in duizendtallen

Cultuur[bewerken | brontekst bewerken]

Azerbeidzjaanse componist Uzeyir Hajibeyov (linksboven) met zijn gezin in Şuşa. (1915)

Şuşa is bekend door muzikale tradities onder Azerbeidzjanen. De stad kent enkele muzikale scholen en instellingen van Mugham, een traditioneel muzikaal genre uit Azerbeidzjan.[39]

Historische gebouwen[bewerken | brontekst bewerken]

  • Stadswallen, gebouwd in de 17e en 18e eeuw, lengte: ca. 2,5 km, hoogte: 7–8 m, met een aantal torens.
    • Drie poorten: in het zuidwesten de Jerevanspoort, in de Jelizavetpolpoort.
  • Stedelijk museum van Sjoesji
  • Kathedraal van Sjoesji, gebouwd tussen 1868-1887.
    • Andere Armeense kerken zijn: Sint-Johannes de Doper (geb. 1847) en Sint-Christus de Zaligmaker (geb. 1838)
    • Nonnenklooster Koesanats (gebouwd 1816)
  • Moskee van Govhar Agha van Beneden-Sjoesja, gebouwd tussen 1875-1876
  • Moskee van Govhar Agha van Boven-Sjoesja, gebouwd tussen 1768-1885
    • Tevens waren er in de 19e eeuw nog twaalf moskeeën waarvan maar een deel bewaard is gebleven
  • Paleis van de dochter van de khan, gebouwd in de late 19e eeuw en was genoemd naar Natavan, een bekende Azerbeidzjaanse dichteres en de dochter van de khan van Karabach.
  • Zjamharian Openbare Ziekenhuis, gebouwd in 1902 door de broeders Zjamharians, was een van de eerste publieke ziekenhuizen in de Kaukasus.
  • Realschule, Russische staatscollege, gebouwd in 1881.
  • Christelijke Middelbare school, gesticht op 22 juli 1938 door Bagdasar Hasan-Jalalian, de aartsbisschop van Karabach.
  • St. Maria (Mariamian) Meisjesacademie, gesticht in 1864 en bevorderd door Mariam Hachoemian.
  • Nikolayevsk Russisch-Tataarse school”, gesticht in 1896
  • Chandamiryan schouwburg, gebouwd in 1891.
  • Azerbeidzjaanse karavanserai uit de 18e eeuw
  • Mausoleum van Molla Panah Vagif (gebouwd in 1982), een Azerbeidzjaanse dichter en vizier van het Karabachkanaat
  • Graftombe van Melik-Daniël, de voorlaatste prins van het Vorstendom Chatsjen uit de familie.

Personen[bewerken | brontekst bewerken]

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Commons heeft mediabestanden in de categorie Shusha (town).

Literatuur[bewerken | brontekst bewerken]

  • (ru) Platon Pavlovitsj Zubov, Karabachse astroloog, of de Stichting van de burcht van Sjoesji in 1752 (Карабахский астролог, или Основание крепости Шуши в 1752), historische roman. Moskou 1834.