Amélie Nothomb

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Amélie Nothomb
Amélie Nothomb in 2009.
Amélie Nothomb in 2009.
Algemene informatie
Volledige naam Fabienne Claire Nothomb
Geboren Etterbeek, 9 juli 1966
Land België
Handtekening Handtekening
Werk
Genre Roman, Kort verhaal
Bekende werken Hygiène de l'assassin (1992)
Stupeur et tremblements (1999)
Cosmétique de l’ennemi (2001)
Uitgeverij Albin Michel
Website
Lijst van Franstalige schrijvers
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Amélie Nothomb, schrijversnaam van jkvr. Fabienne Claire Nothomb, (Etterbeek, 9 juli 1966)[1], is een Franstalig Belgische schrijfster, die afwisselend in Parijs en Brussel woont en werkt.

Biografie[bewerken]

Doordat haar vader, Patrick Nothomb, diplomaat was, bracht Nothomb haar jeugd achtereenvolgens door in Japan, China, de Verenigde staten, Laos, Myanmar en Bangladesh.
Toen zij op 17-jarige leeftijd in België kwam wonen, voor het beëindigen van de middelbare school en voor haar studie Romaanse filologie aan de Université Libre de Bruxelles, voelde ze zich eenzaam en onbegrepen. Om de eenzaamheid te verdrijven, begon ze te schrijven.

Na haar universiteitsdiploma te hebben behaald, keerde Nothomb terug naar Tokio, waar ze tolk Japans wilde worden. Ze ging bij een grote Japanse onderneming werken, wat geen succes werd. De onaangename en bizarre ervaringen die ze in haar baan opdeed, schreef ze van zich af in haar roman Stupeur et tremblements (1999), waarvoor ze de Grand Prix du roman de l'Académie française ontving, en die haar internationale bekendheid opleverde.

Eenmaal terug in Brussel, besloot ze het manuscript van haar debuutroman Hygiène de l'assassin (1992) te publiceren. Het werd een groot succes voor de dan 25-jarige Nothomb. Sindsdien publiceert ze, volgens een vast ritme, elk jaar een nieuwe roman. Deze grote productie ligt, zoals Amélie Nothomb zelf zegt, aan het feit dat ze last heeft van de schrijfziekte ("la maladie de l'écriture").[2] Ze zegt elk jaar wel drie romans te schrijven, waarvan ze er dan vervolgens slechts één laat publiceren[3][4].

Werk[bewerken]

De constant veranderende omgevingen uit haar kinderjaren drukken hun stempel op Nothomb en haar oeuvre. Men zou kunnen spreken van een soort vervreemding, die in haar romans doorklinkt. De verhalen van Nothomb zijn vaak kort en fantasievol en lijken op sprookjes, maar dan met een duistere en ironische ondertoon. Haar stijl, woordkeuze, onderwerpkeuze en voortdurende zelfspot zijn haar handelsmerken.

Zelf noemt ze zich vaak, maar wel met lichte spot, een erfgename van het Belgisch surrealisme: ze wil haar lezers schokken, vermaken en verbazen door realiteit en fantasie door elkaar te halen en te spotten met conventies. Ze is gefascineerd door schoonheid, lelijkheid, gemeenheid en voedsel en munt uit in het schilderen van karikaturale portretten.
Haar werk werd naar het Nederlands vertaald vanaf 1994 door Chris van de Poel, tussen 2010 en 2015 door Daan Pieters, vanaf 1996 en na 2015 door Marijke Arijs.

Publicaties[bewerken]

  • Hygiène de l'assassin (Hygiëne van de moordenaar), roman, Albin Michel, 1992
  • Le Sabotage amoureux (Vuurwerk en ventilators), roman, Albin Michel, 1993
  • Légende un peu chinoise (Menslievende verhalen zijn altijd oneerlijk), verhaal, Longue Vue, 1993
  • Les Combustibles, toneel, Albin Michel, 1994
  • Les Catilinaires (Filippica's), roman, Albin Michel, 1995
  • Péplum(Peplos), roman, Albin Michel, 1996
  • Attentat (Aanslag op de goede smaak), roman, Albin Michel, 1997
  • Mercure (De spiegel van Mercurius), roman, Albin Michel, 1998
  • Stupeur et tremblements (Met angst en beven), roman, Albin Michel, 1999 (Grand Prix du roman de l'Académie française)
  • Le Mystère par excellence, novelle, Le Grand livre du mois, 1999
  • Métaphysique des tubes (Gods ingewanden), roman, Albin Michel, 2000
  • Brillant comme une casserole, verhalen met illustraties van Kiki Crèvecoeur, La Pierre d'Alun, 2000 (uitverkocht)
  • Cosmétique de l’ennemi (Cosmetica van de vijand), roman, Albin Michel, 2001
  • Aspirine, novelle, Albin Michel, 2001
  • Sans nom, novelle, Elle, 2001
  • Robert des noms propres (Plectrude), Albin Michel, 2002
  • Antéchrista (Antichrista), Albin Michel, 2003
  • L'Entrée du Christ à Bruxelles, novelle, Elle, 2004
  • Biographie de la faim (De hongerheldin), roman, Albin Michel, 2004
  • Acide sulfurique (Zwavelzuur), roman, Albin Michel, 2005
  • Journal d’Hirondelle (Dagboek van Zwaluw), roman, Albin Michel, 2006
  • Ni D'Eve Ni D'Adam (De verloofde van Sado)*, roman, Albin Michel, 2007
  • Le Fait du Prince (Champagne!), roman, Albin Michel, 2008
  • Le Voyage d'Hiver (De winterreis), roman, Albin Michel, 2009.
  • Une Forme de vie (Een vorm van leven, vertaald door Daan Pieters, 2010), roman, Albin Michel, 2010
  • Tuer le père (Vadermoord), roman, Albin Michel, 2011.
  • Barbe bleue, (Blauwbaard, vertaald door Daan Pieters. De Bezige Bij, 2013) roman, Albin Michel, 2012.
  • La nostalgie heureuse, (Nostalgie van het geluk, vertaald door Daan Pieters, 2014), roman, Albin Michel, 2013
  • Pétronille (Petronilla, vertaald door Daan Pieters. De Bezige Bij, 2015), roman, Albin Michel, 2014.
  • Le Crime du comte Neville (De misdaad van Graaf Neville, vertaald door Marijke Arijs. Xander Uitgevers, 2016), roman, Albin Michel, 2015
  • Riquet à la houppe, (Riket met de kuif, vertaald door Marijke Arijs. Xander Uitgevers, 2017), roman, Albin Michel, 2016.
  • Frappe-toi le cœur, (Het doorboorde hart, vertaald door Marijke Anijs. Xander uitgevers, 2018), roman, Albin Michel, 2017.
  • Les Prénoms épicènes, Albin Michel, 2018

Literaire prijzen en erkenning[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Laureline Amanieux, Amélie Nothomb, l’éternelle affamée, Albin Michel, 2005.
    • Entretien audio avec Amélie Nothomb, éditions Autrement, 2007.
    • Le récit siamois, personnage et identité dans l'œuvre d'Amélie Nothomb, Albin Michel, 2009.
  • Ardolino, Francesco, "La guerra fictícia en la narrativa d'Amélie Nothomb", Femmes et guerre en Méditerranée, Guy Dugas y Marta Segarra (eds.), Barcelona i Montpellier, Publicacions de la Universitat de Barcelona i Presses de l'Université Paul Valéry :p.169-178, 1999.
  • (en) Susan Bainbrigge et Jeanette Den Toonder (dir.), Amélie Nothomb, Authorship, Identity and Narrative Practice, Peter Lang (maison d'édition)|Peter Lang, 2003.
  • Frédérique Chevillot, Amélie Nothomb : L'Invitation à la lecture. Women in French Studies, 2012, vol. 2012, no 1, p.195-212[11].
  • Isabelle Constant: Construction Hypertextuelle: Attentat d’Amélie Nothomb , The French Review, Vol. 76, N°. 5 , April 2003[12].
  • Michel David, Amélie Nothomb, le symptôme graphomane, L'Harmattan, coll. « L'œuvre et la psyché », 2006.
  • Michel David, Amélie Nothomb, l'écriture illimitée, L'Harmattan, coll. "Espaces littéraires", 2013.
  • Aleksandra Desmurs, Le Roman Hygiène de l'assassin : œuvre manifestaire d'Amélie Nothomb, préface d'Amélie Nothomb, éd. Praelego, 2009.
  • Yolande Helm, Amélie Nothomb :‘‘l’enfant terrible’’des Lettres belges de langue française. Études francophones, 1996, vol. 9, p.113-20.
  • Yolande Helm, Amélie Nothomb : une écriture alimentée à la source de l’orphisme. Religiologiques, Orphée et Eurydice : mythes en mutation, 1997, vol. 15, p.151-163.
  • Margaret-Anne Hutton. “Personne n’est indispensable, sauf l’ennemi”: l’œuvre conflictuelle d’Amélie Nothomb. Nouvelles écrivaines, nouvelles voix, 2002, p.253-268.
  • Hélène Jaccomard, Le fabuleux destin d'Amélie Nothomb. L'Esprit créateur, 2002, vol. 42, no 4, p.45-57.
  • Frédéric Joignot, Amélie Nothomb. L’enfance à en mourir. Mauvais Esprit : Le Monde, 2008, vol. 29[13].
  • Anna Kemp, The Child as Artist in Amélie Nothomb's Robert des noms propres. French studies, 2012, vol. 66, no 1, p.54-67.
  • Mark D. Lee, Les identités d'Amélie Nothomb : de l'invention médiatique aux fantasmes originaires, éd. Rodopi, 2010.
  • Jean-Michel Lou, Le Japon d'Amélie Nothomb, L'Harmattan, coll. « Espaces littéraires », 2011.
  • Kobialka Margaux, La Création d’Amélie Nothomb à travers la psychanalyse, Le Manuscrit (éditions), 2004.
  • Claire Nodot, La Dame pipi du quarante-quatrième étage : l’exil et la marge dans Stupeurs et Tremblements d’Amélie Nothomb. Paroles gelées, 2006, vol. 22, no 1.
  • Andrea Oberhuber, Réécrire à l’ère du soupçon insidieux : Amélie Nothomb et le récit postmoderne. Études françaises, 2004, vol. 40, no 1, p.111-128.
  • Marc Quaghebeur, Anthologie de la littérature française de Belgique: entre réel et surréel. Racine Lannoo, 2006.
  • Annick Stevenson, Génération Nothomb, éditions Luce Wilquin, 2010.
  • Christine Suard, Les variantes de l'autobiographie chez Amélie Nothomb. 2008.
  • Ferenc Tóth, Le Japon et l’œuvre romanesque d'Amélie Nothomb. Éditions universitaires européennes, 2013, vol. 15, no 02. p.102.
  • Michel Zumkir, Amélie Nothomb de A à Z : Portrait d'un monstre littéraire, Bruxelles : Grand miroir, «Une vie», 2003. isbn: 978-2-93035-139-1
  • Evelyne Wilmerth, Amélie Nothomb: sous le signe du cinglant, Revue générale, 1997, vol. 132, no 6-7, p.45-51.

Postzegel[bewerken]

Naar aanleiding van de jaarlijkse boekenbeurs gaf de Belgische Post in 2009 een reeks postzegels uit met als thema literatuur[14]. Op de reeks zijn Amélie Nothomb, Hugo Claus, Tom Lanoye, Anne Provoost en Henri Vernes afgebeeld.

Externe link[bewerken]

Wikibooks Wikibooks heeft meer over dit onderwerp: Amélie Nothomb.