Intersectionaliteit

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Intersectionaliteit (ook wel kruispuntdenken[1]) is in de sociologie en binnen bepaalde politieke discussies de notie dat individuen in een samenleving discriminatie en onderdrukking ondervinden op grond van een veelvoud van factoren. Het begrip werd voor het eerst in 1989 door de Amerikaanse feministe Kimberlé Williams Crenshaw gebezigd.[2]

Uitgangspunten[bewerken]

In het kruispuntdenken worden de verschillende vormen van onderdrukking en discriminatie niet onderscheidelijk bestudeerd, maar neemt men een holistischer aanpak. Hierbij worden de banden tussen de verschillende vormen van discriminatie en onderdrukking (seksisme, racisme, homofobie, evenals mogelijke andere vormen van onderdrukking), gezamenlijk bestudeerd omdat anders niet alle oorzaken en gevolgen van een dergelijk gedrag verklaard kunnen worden. Intersectionaliteit beoogt dus een studie naar de samenhang tussen deze verschillende fenomenen. De theorie is overigens niet geheel onomstreden, ook niet in feministische hoek.[3]