Islam in China

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Islam in China
Naam (taalvarianten)
Traditioneel 伊斯蘭教
Vereenvoudigd 伊斯兰教
Hanyu pinyin Yī​sī​lán​jiào
Wade-Giles I-Sh-Lan-Chiao
Jyutping (Standaardkantonees) ji1 si1 laan4 gaau3
Taiwan-Hakka Yî-sṳ̂-làn-kau
Peng’im (Chaozhouhua) i1 seu1 lang5 ga
Minnanyu I-su-lân-kàu
Arabisch الإسلام في الصين
Letterlijke vertaling islam
Moslims verlaten de moskee na het gebed

De islam in China (yisilan jiao) kwam over de Zijderoute door Arabische handelaars naar Sinkiang in de 9e eeuw en verder over zee naar de zuidkust waar nu de meeste moskeeën te vinden zijn. Tegen de Ming-tijd (1388-1644) was er een aanzienlijke moslimgemeenschap ontstaan. Tijdens de Qing-dynastie van de Mantsjoes werd de islam sterk onderdrukt. Ritueel slachten mocht niet meer en ook de hadj naar Mekka werd verboden. Tijdens de Culturele revolutie werden alle geloofsuitingen verboden, dus ook de islam.

De Chinese staat houdt veel rekening met moslims in het land. 2007 was volgens de Chinese astrologie het jaar van het varken. De staatstelevisie CCTV verbood het gebruik van varkensafbeeldingen tijdens de Chinees nieuwjaarprogrammering op televisie om zo moslims niet te beledigen en de eenheid van het Chinese volk te benadrukken. De vrees voor etnische spanningen is groot, daarom benadrukt de Chinese staat harmonie in de samenleving in hun propagandaslogans.

Bevolking[bewerken]

Er zijn thans zo'n 20 tot 30 miljoen moslims in China. Daartoe behoren de minderheden van Sinkiang (Oeigoeren, Kazachen, Kirgiezen, Tadzjieken, Tataren en Oezbeken) en een groot aantal Chinees sprekende Hui, die verspreid over het land wonen, maar vooral in de provincies Gansu, Ningxia, Qinghai en Sinkiang. Doordat moslims overal in China wonen, moet men niet vreemd opkijken bij het bestaan van een moslimgemeenschap in Lhasa. Tibetanen die de islam aanhangen, stammen af van Arabische en Perzische handelaren die honderden jaren geleden in Tibet aankwamen. De islamitische Tibetanen hebben vrijwel allemaal een niet-Tibetaanse familienaam. In elke stad van China zijn halal restaurants te vinden. Deze worden vooral gerund door Hui-Chinezen en men verkoopt veelal rundvleesnoedels. In de grootste steden zijn moslimbuurten te vinden. Hier bevinden zich veel moskeeën, halal restaurants en kapsalons waar man en vrouw gescheiden geknipt worden. Ook buiten China zijn er islamitische Han-Chinezen te vinden. Deze wonen vooral in Maleisië, Brunei, Indonesië en Canada.

De belangen van Chinese moslims wordt vooral behartigd door het staatsorgaan van religieuze zaken, afdeling van moslims.

Het islamitische hart van China bevindt zich in Kashgar, in de provincie Xinjiang. Daar bevindt zich de Aidkahmoskee.

Vrijwel alle moslims in China zijn soennieten uit de School van Hanafi.

Gebedshuizen[bewerken]

De moskeeën in China worden vaak gekenmerkt door Han-Chinese invloeden zoals pagoden die ook als minaret dienen en opkrullende daken van het hoofdmoskeegebouw. Verder zijn de moskeeën veelal versierd met Chinese schilderingen, Chinese kalligrafie en Arabische kalligrafie. Afbeeldingen van mensen in de moskee zijn streng verboden. De moskeeën in Tibet laten weer Tibetaanse invloeden zien. De meeste moskeeën in Xinjiang lijken op de moskeeën in Centraal-Azië. Een van de oudste moskeeën van China is de Huaishengmoskee in Guangzhou. Sinds de opendeurpolitiek in 1980 wordt de bouw van nieuwe moskeeën weer toegestaan en veel oude moskeeën worden gerenoveerd.

Koran[bewerken]

De Koran werd voor het eerst in het Chinees vertaald in 1927. Meer dan honderd jaar geleden werd het Arabische schrift Xiao'erjing ontwikkeld voor Hui en Han-Chinese moslims om makkelijker de Koran in het Arabisch te kunnen lezen.

Zie ook[bewerken]


Bronnen, noten en/of referenties
  • De Spiegeleer, Marie-Hélène(2011), "De Islam in China", Kramat Docu, p.152, ISBN 9789079552474