Natuurlijke hulpbron

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Natuurlijke hulpbronnen zijn alle in de natuur aanwezige stoffen die van economisch nut kunnen zijn en onmisbaar zijn voor de levenskwaliteit van de mens. Ook planten, dieren en vissen zijn afhankelijk van een constante steun door de hulpbronnen om te kunnen voldoen aan hun fysieke behoeften.

Onderverdelingen van natuurlijke hulpbronnen[bewerken]

Natuurlijke hulpbronnen kan men als volgt verder onderverdelen:

  • Niet vernieuwbare hulpbronnen. Het betreft onder andere mineralen, ertsen en fossiele brandstoffen. Deze hulpbronnen worden door de aarde niet of slechts heel langzaam opnieuw gemaakt.
  • Vernieuwbare hulpbronnen zoals hout, rubber en biomassa, die steeds opnieuw worden aangemaakt, mits het gebruik niet hoger is dan de natuurlijke aanwas.
  • Milieuvoorraden: water, lucht, ruimte en de bodem.
  • Biodiversiteit.

Hulpbronnen worden ook op andere wijzen ingedeeld:

  • Bewezen reserves tegenover onbewezen (ingeschatte) reserves.
  • Hulpbronnen die (al) commercieel winbaar zijn tegenover hulpbronnen waarbij het zich economisch nog niet loont om ze te winnen.
  • Hulpbronnen die technisch (al) kunnen worden gewonnen tegenover hulpbronnen die door een gebrek aan techniek (nog) niet kunnen worden benut.

De technologische ontwikkeling is van grote invloed op de twee laatstgenoemde punten. Nieuwe technieken maken het soms mogelijk om hulpbronnen die eerder om technische of economische redenen niet winbaar waren, alsnog winbaar te maken.

Het verbruik van hulpbronnen[bewerken]

Hoeveel hulpbronnen er worden verbruikt, wordt met name bepaald door:

Verstandig en duurzaam gebruik[bewerken]

Omdat de bevolking van de aarde en de consumptie per persoon sterk groeien, en de geleidelijk verhoogde efficiency bij de inzet van hulpbronnen (hulpbronnenefficientie) dit maar voor een deel kan compenseren, is er een zeer grote en over het algemeen sterk stijgende vraag naar natuurlijke hulpbronnen. Anderzijds zijn de hulpbronnen schaars. Hierdoor is het van groot belang dat de natuurlijke hulpbronnen duurzaam worden beheerd. Er zijn pogingen gedaan om op een kwantitatieve wijze te bepalen in welke mate het gebruik van hulpbronnen zou moeten worden beperkt om te voorkomen dat de natuurlijke hulpbronnen worden uitgeput. Deze benaderingen proberen ten eerste de omvang te bepalen van de vernieuwbare hulpbronnen die de aarde op een duurzame wijze kan produceren. Deze omvang wordt wel aangeduid met termen zoals de milieugebruiksruimte of de biocapaciteit. Deze ruimte of capaciteit kan worden geconsumeerd, zonder dat dit leidt tot een uitputting van de natuurlijke hulpbronnen. Vervolgens wordt deze milieugebruiksruimte of biocapaciteit gedeeld door het aantal personen, om op die wijze te laten zien hoeveel een persoon maximaal kan consumeren binnen grenzen van duurzaamheid. Een voorbeeld hiervan is de ecologische voetafdruk.

Genoemde berekeningen leiden tot de conclusie dat het gebruik van natuurlijke hulpbronnen hoger is dan het duurzame productievermogen van de aarde. Er worden meer hulpbronnen gebruikt, dan de natuur kan herstellen. De grenzen van de biocapaciteit en de milieugebruiksruimte worden overschreden. Dit wordt aangeduid met de term overshoot. De Earth Overshoot Day probeert de aandacht te richten op dit verschijnsel. Deze ecologische overshoot is niet duurzaam en zal, indien zij blijft aanhouden, op termijn leiden tot een afname van de opbrengst van vernieuwbare hulpbronnen. Zo zal bijvoorbeeld een sterke ontbossing op den duur leiden tot een verminderde aanwas van nieuw hout.

Beperking van verbruik[bewerken]

Beperking van gebruik kan plaatsvinden via:

  • Geboortebeperking. (Het neomalthusianisme is de ideologie die streeft naar geboortebeperking als middel tot het aanpakken van sociale en economische wantoestanden die volgens de aanhangers van het neomalthusianisme voortspruiten uit overbevolking.)
  • Reductie van de consumptie per persoon.
  • Een efficiënter gebruik van hulpbronnen. Wanneer men door de inzet van nieuwe technologieën en verbeterde productieprocessen, met behulp van minder hulpbronnen meer weet te produceren, stijgen de hulpbronnenefficiëntie, de hulpbronnenproductiviteit en de eco-efficiëntie.

De besparing op hulpbronnen door de introductie van nieuwe technologieën die leiden tot een hogere energie- en hulpbronnenefficiëntie, valt in de praktijk vaak tegen. Dit komt door het terugslageffect oftwel het rebound effect. De nieuwe technologie zorgt voor een efficienter gebruik van hulpbronnen. Bij een gelijkblijvende consumptie, zou dit leiden tot een beperking van het verbruik van hulpbronnen. In de praktijk zorgt de verhoging van de efficientie echter ook voor een daling van de prijs van de hulpbron en de energie, waardoor de consument er meer van zal gaan gebruiken. Dit effect beperkt de besparing.

Beschikbaarheid van hulpbronnen in de toekomst[bewerken]

Regelmatig worden er pogingen gedaan om te berekenen hoeveel natuurlijke hulpbronnen er in de toekomst nog beschikbaar zullen zijn, en wanneer de niet-vernieuwbare hulpbronnen uitgeput zullen zijn. De Club van Rome ondernam hiertoe met zijn rapport De grenzen aan de groei een bekende poging.

Het is echter erg moeilijk om het moment te bepalen dat een bepaalde hulpbron uitgeput zal zijn, omdat dit afhankelijk is van vele factoren waaronder de ontwikkeling van de vraag, de economische groei, de bevolkingsgroei, keuzes van consumenten, de stand van de techniek, de hulpbronnen- en energie-efficiëntie, en de ontdekking van nieuwe reserves van niet-vernieuwbare hulpbronnen.

Vele van de niet-vernieuwbare hulpbronnen zoals fossiele brandstoffen worden in hoog tempo uitgeput. Bijvoorbeeld aardolie. Als het gebruik van vernieuwbare natuurlijke hulpbronnen hoger blijft dan de natuurlijke aanwas, zal ook de beschikbaarheid van deze hulpbronnen in de toekomst afnemen.

Zie ook[bewerken]