Biodiversiteit

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Vogelvriendelijk akkerrandbeheer in de Belgische Condroz (Hamois) met graanonkruiden zoals korenbloemen (blauw), klaprozen (rood) en kamille.
De kwartelkoning (Crex crex), in de eerste helft van de 20e eeuw nog een algemene broedvogel van hooilanden in de Lage Landen, is sinds de jaren zestig met uitsterven bedreigd door intensivering van het maaibeheer van weilanden.[1] In Vlaanderen broeden sporadisch nog maar enkele koppeltjes.[2]

Biodiversiteit of biologische diversiteit is een graad van verscheidenheid aan levensvormen (soorten, genen etc.) binnen een gegeven ecosysteem, bioom of een gehele planeet. De biodiversiteit wordt vaak gebruikt als een indicator voor de gezondheid van een ecosysteem. Daarvoor wordt de aanwezige biodiversiteit vergeleken met historische gegevens of gegevens uit vergelijkbare gebieden.

Biodiversiteit hangt nauw samen met het klimaat. Zo zijn onder de terrestrische habitats, de tropische regio's typisch veel soortenrijker dan de polaire regio's. Zowel Brazilië als Colombia, de landen met de grootste en op een-na-grootste biodiversiteit, liggen in Zuid-Amerika. Colombia kent de grootste globale biodiversiteit in vogels (rond de 1900 soorten, waarvan 150 soorten kolibries), kikkers, vlinders (14.000) en bloemen (>50.000).[3][4]

Het jaar 2010 werd door de Verenigde Naties uitgeroepen tot het Internationaal Jaar van de Biodiversiteit.

Biodiversiteit van de aarde[bewerken]

Hoe groot de aardse biodiversiteit is, blijkt uit het feit dat het aantal beschreven levensvormen ongeveer 4 miljoen bedraagt. En aangezien de mens nog lang niet alle gebieden op aarde goed bestudeerd heeft, zullen er waarschijnlijk nog veel meer zijn. Biologen schatten de totale hoeveelheid verschillende levensvormen op ongeveer 40 miljoen soorten.[5] De biodiversiteit staat echter onder druk. Het aantal soorten neemt door de jaren heen sterk af. Zo waren er in Nederland in het jaar 1950 1400 soorten hogere planten. Sindsdien zijn hiervan 70 uitgestorven en zijn 500 in aantal/oppervlakte ernstig achteruitgegaan. Het aantal broedvogelsoorten is in dezelfde periode met een derde afgenomen.

Taxonomie[bewerken]

Voor de beschrijving van de soorten is een ordening en een eenduidige naamgeving (de taxonomie) erg belangrijk. Eén van de eerste serieuze pogingen hiertoe, was in de 18e eeuw door de Zweed Linnaeus. Zijn indeling in respectievelijk klasse, orde, familie en geslacht wordt nog steeds gebruikt. Dit geldt ook voor zijn naamgeving van soorten: eerst de naam van het geslacht, gevolgd door de soortaanduiding. Dit heet ook wel binominale nomenclatuur.

Opdeling[bewerken]

In de biologie en de ecologie kan de biodiversiteit op verschillende manieren worden gedefinieerd:[6]

Voor het berekenen van de diversiteit kunnen verschillende diversiteitsindices gebruikt worden. Een diversiteitsindex is een statistiek bedoeld om de diversiteit van de populatie waarin elk lid behoort tot een unieke groep, type of soort onder te verdelen. Er zijn verschillende diversiteitsindices, die weer verschillende aspecten van de diversiteit weergeven.

Beleid, initiatieven en onderzoek[bewerken]

Internationaal[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Biodiversiteitsverdrag voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
1rightarrow blue.svg Zie Intergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en Ecosysteemdiensten voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De bescherming van de biodiversiteit wordt internationaal geregeld door het Biodiversiteitsverdrag van 1993, waarvan de Verenigde Staten echter helaas geen partij zijn.

Europa[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Natura 2000 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Natura 2000, het Europees netwerk van beschermde natuurgebieden binnen de Europese lidstaten, vormt de hoeksteen van het beleid van de Europese Unie voor het behoud en het herstel van de biodiversiteit.

Nederland[bewerken]

Ruimte voor de Rivier goed voor de biodiversiteit

Onderzoek[bewerken]

In Nederland wordt onderzoek naar biodiversiteit onder andere gedaan door Naturalis, het Nationaal Herbarium Nederland, het Westerdijk Fungal Biodiversity Institute, EIS-Nederland, het Zoölogisch Museum Amsterdam en het Ministerie van Economische Zaken.

Ecologische hoofdstructuur[bewerken]

In Nederland wordt gewerkt aan een ecologische hoofdstructuur om de afname van de biodiversiteit in Nederland af te remmen. Dit beleid is gebaseerd op de eilandtheorie die stelt dat een groter aaneengesloten natuurgebied een relatief grotere biodiversiteit heeft. Natuurgebieden kunnen ook met kleine corridors (bv. ecoducten) aaneengesloten worden.

Taskforce Biodiversiteit en Natuurlijke Hulpbronnen[bewerken]

De Taskforce Biodiversiteit werd in januari 2009 in het leven geroepen om het kabinet concrete maatregelen aan te reiken voor het behoud van biodiversiteit en het duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen.

De Taskforce heeft als doel een visie te ontwikkelen op de manier waarop Nederland zijn beslag op natuurlijke hulpbronnen kan verminderen. Ook zal de Taskforce de extra inspanningen die Nederland kan leveren voor het behoud van waardevolle ecosystemen in binnen- en buitenland in kaart brengen en samen met maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven concrete projecten implementeren om het verlies aan biodiversiteit op de langere termijn tegen te gaan.

Het initiatief voor de Taskforce Biodiversiteit is genomen door een aantal natuurbeschermingsorganisaties en de ministeries van VROM en LNV. De leden zijn afkomstig uit het bedrijfsleven, de wetenschap, maatschappelijke organisaties en overheid. Hans Alders is voorzitter van de Taskforce. In maart 2010 werd, vooruitlopend op de parlementsverkiezingen, een tussentijds advies uitgebracht aan de programmacommissies van de politieke partijen. In oktober 2011 volgt het eindadvies aan de regering, waarna het initiatief wordt opgeheven.

De Nationale Proeftuin[bewerken]

Stichting De Nationale Proeftuin heeft als doel Nederlanders actief te betrekken bij het onderwerp biodiversiteit, en het agro-cultureel erfgoed in het bijzonder.

België[bewerken]

Onderzoek[bewerken]

Het onderzoek door de overheid is sedert de staatshervorming gespreid over de federale en gewestelijke overheden. In Vlaanderen gebeurt het onderzoek onder meer door het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, en door de Plantentuin Meise, beide agentschappen van de Vlaamse Overheid. Het Instituut publiceerde in 2014 een tweede editie van Biodiversiteit als basis voor ecosysteemdiensten in Vlaanderen.[9] . Daarnaast doet het Vlaams Instituut voor de Zee zeewetenschappelijk onderzoek.

Het Brussels Gewest publiceert gegevens over de diversiteit.[10] Wallonië biedt via een portaalsite toegang tot de verschillende programma's en onderzoeken.[11]

De federale overheid fungeert als verzamelpunt en internationaal contactorgaan[12], en voert het mariene milieubeleid en -onderzoek.[13] Het Belgisch Biodiversiteitsplatform wil een brug slaan tussen overheid, wetenschap en publiek, en de toegang tot wetenschappelijke data vergemakkelijken.

Ook Vlaamse en Waalse natuurorganisaties (Natuurpunt, Natagora...) dragen bij tot het natuuronderzoek, bijvoorbeeld met natuurtellingen.

Beleid[bewerken]

Op federaal niveau keurde de Interministeriële Conferentie Leefmilieu[14] in oktober 2006 een Belgische Nationale Biodiversiteitsstrategie 2006-2016 (NBS) goed,[15] die in november 2013 werd geactualiseerd.[16]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Soortenbanken[bewerken]

Documentatie[bewerken]

Educatie[bewerken]

Ecologisch tuinieren[bewerken]

Plantkunde en deelgebieden
Bijzondere plantkunde:algologie · bryologie · dendrologie · fycologie · lichenologie · mycologie · pteridologie
Paleobotanie:archeobotanie · dendrochronologie · fossiele planten · gyttja · palynologie · pollenzone · varens · veen
Plantenmorfologie & -anatomie:beschrijvende plantkunde · adventief · apoplast · blad · bladgroenkorrel · bladstand · bloeiwijze · bloem · bloemkroon · boomkruin · celwand · chloroplast · collenchym · cortex · cuticula · eicel · epidermis · felleem · fellogeen · felloderm · fenologie · floëem · fytografie · gameet · gametofyt · groeivorm · haar · houtvat · huidmondje · hypodermis · intercellulair · intercellulaire ruimte · kelk · kroonblad · kurk · kurkcambium · kurkschors · levensduur · levensvorm · merg · meristeem · middenlamel · palissadeparenchym · parenchym · periderm · plantaardige cel · plastide · schors · sclereïde · sclerenchym · spermatozoïde · sponsparenchym · sporofyt · stam · steencel · stengel · stippel · symplast · tak · thallus · topmeristeem · trachee · tracheïde · tylose · vaatbundel · vacuole · vrucht · wortel · xyleem · zaad · zaadcel · zeefvat · zygote
Plantenfysiologie:ademhaling · bladzuigkracht · evapotranspiratie · fotoperiodiciteit · fotosynthese · fototropie · fytochemie · gaswisseling · geotropie · heliotropisme · nastie · plantenfysiologie · plantenhormoon · rubisco · stikstoffixatie · stratificatie · transpiratie · turgordruk · vernalisatie · winterhard · worteldruk
Plantengeografie:adventief · areaal · beschermingsstatus · bioom · endemisme · exoot · flora · floradistrict · floristiek · hoogtezonering · invasieve soort · Plantengeografie · status · stinsenplant · uitsterven · verspreidingsgebied
Plantensystematiek:taxonomie · botanische nomenclatuur · APG II-systeem · APG III-systeem · algen · botanische naam · cladistiek · Cormophyta · cryptogamen · classificatie · embryophyta · endosymbiontentheorie · endosymbiose · evolutie · fanerogamen · fylogenie · generatiewisseling · groenwieren · hauwmossen · kernfasewisseling · korstmossen · kranswieren · landplanten · levenscyclus · levermossen · mossen · roodalgen · varens · zaadplanten · zeewier
Vegetatiekunde & plantenoecologie:abundantie · associatie · bedekking · biodiversiteit · biotoop · boomlaag · bos · Braun-Blanquet (methode) · broekbos · climaxvegetatie · clusteranalyse · concurrentie · constante soort · differentiërende soort · ecologische gradiënt · ecologische groep · Ellenberggetal · gemeenschapsgradiënt · grasland · heide · kensoort · kruidlaag · kwelder · minimumareaal · moeras · moslaag · ordinatie · pioniersoort · plantengemeenschap · potentieel natuurlijke vegetatie · presentie · regenwoud · relevé · ruigte · savanne · schor · steppe · struiklaag · struweel · successie · syntaxon · syntaxonomie · Tansley (methode) · toendra · tropisch regenwoud · trouw · veen · vegetatie · vegetatieopname · vegetatiestructuur · vegetatietype · vergrassing · verlanding