Ontdekking van Amerika

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Jump to search
Christoffel Columbus bij zijn aankomst in de Nieuwe Wereld. Geromantiseerd Amerikaans schilderij uit 1893.

Met de ontdekking van Amerika wordt meestal de reis van Christoffel Columbus bedoeld, en zijn landing op 12 oktober 1492 in de Nieuwe Wereld, op een van de eilanden van de Bahama's in het Caraïbisch gebied. De bedoeling van Columbus was om vanuit Europa een westelijke route naar Indië te vinden, en hij dacht ook dat hij die gevonden had. De mensen die hij daar aantrof, noemde hij dan ook "indianen", dat sindsdien de verzamelnaam is geworden van de gehele inheemse menselijke bevolking.

Columbus was lang niet de eerste mens die voet op Amerikaanse bodem zette.

  • De voorlopers van de indianen die het continent in 1492 reeds millennia bevolkten, worden door wetenschappers paleo-indianen genoemd. Zij hadden Noord-Amerika circa 20.000 jaar geleden vanuit Azië bereikt via de Beringlandbrug en werden daarmee de oudste bewoners van Amerika. Vanuit Alaska hebben zij zich verspreid tot diep in Zuid-Amerika. Het oudste archeologisch bewijs van bewoning is gevonden op de Chileense site Monte Verde, waar mensen naar schatting 18.500–14.500 jaar geleden (16.500–12.500 v. Chr.) zouden hebben geleefd.[1]
  • Ook was Columbus niet de eerste Europeaan die het bestaan van Amerika ontdekte: enkele Vikingen onder leiding van Leif Eriksson hadden rond het jaar 1000 n.Chr. de oostkust van Canada (wat Eriksson Vinland noemde) aangedaan en deden een mislukte kolonisatiepoging (vermoedelijk bij L'Anse aux Meadows). Dit gebeurde nadat zijn vader Erik de Rode in 985 al met succes de Oostelijke en de Westelijke Nederzetting op Groenland had gesticht, die in 1262 door Noorwegen werden geannexeerd en bleven bestaan tot ze rond 1400 uitstierven. Kennis over deze ontdekking bleef echter lang beperkt tot Scandinavië en Duitsland (Adam van Bremen) en men rekende Vinland ook als het zoveelste (en soms laatste) (schier)eiland in de noordelijke zee, niet als een geheel nieuw en apart continent.
  • Andere hypothesen over precolumbiaans contact tussen Amerika en de rest van de wereld, zoals door Chinezen, Portugezen, Afrikanen of Polynesiërs, zijn tot op heden nog niet bewezen.

Wel is het zo dat pas na de ontdekking van Columbus uitgebreid en blijvend contact tot stand kwam tussen beide werelddelen.

De Italiaanse zeeman en ontdekkingsreiziger Giovanni Caboto (in Engeland bekend als John Cabot) ontdekte het vasteland van Noord-Amerika op 24 juni 1497, tijdens een expeditie in opdracht van de Engelse koning Hendrik VII. Alhoewel er meningsverschillen bestaan over de exacte plaats van zijn ontdekking, is het officiële standpunt van de regeringen van Canada en het Verenigd Koninkrijk dat hij landde op Newfoundland.

In 1500, zond Portugal Pedro Álvares Cabral op expeditie. Hij wordt beschouwd als ontdekker van Brazilië. Of deze ontdekking een toeval was of Cabral in het zuiden van de Atlantische Oceaan zocht naar een onontdekt continent staat niet vast.

Amerika is vernoemd naar de Italiaanse zeevaarder Amerigo Vespucci, die enkele keren meeging met Spaanse expedities. Hij was een van de eersten die inzag dat het niet om Azië ging, maar om een nieuw continent. Vespucci schreef hierover enkele brieven, Quatuor Americi navigationes en Mundus Novus, die in 1505 gepubliceerd werden. Deze verspreidden zich als een lopend vuurtje door Europa in verschillende vertalingen (de oudste Nederlandse versie Van der nieuwer werelt stamt vermoedelijk uit 1507) en gaven hem veel naamsbekendheid.[2] De Duitse cartograaf Martin Waldseemüller vernoemde het nieuwe continent in 1507 naar hem. Kaartenmaker Mercator noemde het uiteindelijk Terra Americi ("Land van Amerigo") in 1538 en sindsdien is het de gangbare term geworden. Hoewel het werelddeel dus door Columbus ontdekt was, is het niet naar hem genoemd. Het land Colombia en indirect ook het District of Columbia (waar Washington, de hoofdstad van de Verenigde Staten ligt) zijn wel naar hem genoemd.

De ontdekking van Amerika in 1492 was van groot belang voor de landbouw en geneeskunde in Europa. Vele nu nog gebruikte planten hebben hun oorsprong in Amerika, zoals tomaten, aardappels, tabak, mais en katoen. Verder werden ook zonnebloemen, bepaalde pepers, de cacaoboon, tropische ananas, de avocado en de papaya naar de Oude Wereld gebracht.

Ook werden er grote hoeveelheden goud en zilver gevonden. Met de ontdekking van Amerika begon dan ook de kolonisatie en sommige historici beschouwen 1492 als het einde van de Middeleeuwen. Spanje, Portugal, Engeland, de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en Frankrijk wilden de rijkdommen van de Nieuwe Wereld exploiteren. Zij stichtten handelsposten en kolonies. De inheemse bevolking werd gedwongen dwangarbeid te verrichten en zich te bekeren tot het Christendom.

Zie ook[bewerken]