Pisistratus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Pisistratos (Grieks: Πεισίστρατος / Peisístratos) (607 v.Chr. - 527 v.Chr.) was de eerste tiran van Athene.

Hij beweerde af te stammen van het koningshuis der Neleïden dat volgens Homerus over Pylos regeerde, en waarvan Nestor de voornaamste vertegenwoordiger was. Ook beweerde hij af te stammen van een gelijknamige Pisistratus die in 669 archont was geweest te Athene. Zijn moeder was alleszins een bloedverwante van Solon. In 560 v.Chr. ondernam hij met de hulp van een lijfwacht een eerste poging tot staatsgreep. Hij werd nog twee keer afgezet. Maar twee keer kwam hij terug, dankzij zijn geld en zijn grote prestige. Pas in 547 v.Chr. wist hij zich echter definitief als tiran te installeren. Hij maakte een eind aan de politieke twisten van de adellijke families, die na het optreden van Solon elkaar voortdurend gewelddadig bestreden. De meeste van deze families wist hij te verzoenen; alleen de Alcmaeoniden bleven hem vijandig.

Met zijn militie en een korps huurlingen onderdrukte Pisistratus weliswaar de politieke vrijheid te Athene, maar anderzijds was zijn regeringsperiode een tijd van grote economische en culturele bloei voor Attica. Zijn hoofddoel was het gewone volk van Athene aan de dominantie van de adel onttrekken, door het voor te bereiden op zijn toekomstige taak in het democratische polis-bestuur.

Hij steunde de kleine boeren en inspecteerde persoonlijk de landerijen. Om in zijn hervormingspolitiek te slagen, betrad Pisistratus twee domeinen die nauw met de religie verbonden zijn:

  • grote openbare werken (onder meer de bouw van een Athena-tempel op de Akropolis, aanleg van een waterleiding, …) moesten niet alleen werk verschaffen aan het gewone volk en daardoor de algemene welvaart bevorderen, ze droegen ook bij aan de stadsverfraaiing en de hygiëne.
  • de dichtkunst: hij nodigde dichters uit aan zijn hof en zorgde o.a. voor de eerste officiële Homeros-uitgave in boekvorm

Daarenboven wilde hij de invloed van de adel eveneens indammen door de invoering van nieuwe religieus-culturele manifestaties, ter ere van volkse (d.i. bij het volk geliefde) godheden. Onder zijn impuls ontstonden:

  • de "Grote Panathenaeën" (vierjaarlijks)
  • de Grote of "Stedelijke Dionysia": nog vóór 540 v.Chr. is hieraan jaarlijks een toneelfestival verbonden, een staatsaangelegenheid met volksopvoedkundige doelstellingen
  • de mysteriecultus van Eleusis werd tot een nationale instelling gemaakt
  • de eredienst van de “proletarische” goden Athena Erganè (patrones der ambachtslieden) en van Hephaestus (patroon der smeden, metaalbewerkers en pottenbakkers).

Met al deze initiatieven slaagde hij erin een meer volkse "anti-cultuur" te scheppen.

Wat de buitenlandse politiek betreft streefde Pisistratus naar vrede met de naburige stadstaten, wat eveneens de welvaart van de burgers moest begunstigen.

Pisistratus overleed in 527 v.Chr. Zijn politiek werd na zijn dood voortgezet door zijn zonen Hippias en Hipparchus, de Pisistratiden.

Moderne historici zien steeds vaker in Pisistratus de eigenlijke grondlegger van de Atheense grootheid. Ondanks het autocratische karakter van zijn bewind bereidde hij de stichting van de democratie voor vanwege zijn strijd tegen de adellijke partijen.