Associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Pruno-Crataegetum typicum)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn
Associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn
Associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn
Syntaxonomische indeling
Klasse:Rhamno-Prunetea (Klasse van de doornstruwelen)
Orde:Prunetalia spinosae
Verbond:Carpino-Prunion (Verbond van sleedoorn en meidoorn)
Associatie
Pruno-Crataegetum
Hueck, 1931

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn (Pruno-Crataegetum) is een associatie uit de klasse van de doornstruwelen (Rhamno-Prunetea), een plantengemeenschap die voorkomen op vochtige, neutrale tot basische bodems en die gekenmerkt worden door een dichte, bloemen- en vruchtenrijke struiklaag met vooral doornige struiken, zoals eenstijlige meidoorn, sleedoorn en hondsroos, en een goed ontwikkelde kruidlaag.

Deze associatie is zowel in Nederland als in Vlaanderen vrij algemeen en wijd verspreid.

Naamgeving, etymologie en codering[bewerken]

  • Synoniemen: Pruno spinosae - Crataegetum (Soó 1927) Hueck. 1931
  • Engels: Hawthorn scrubland
  • Syntaxoncode (Nederland): 37Ab01

De naam Pruno-Crataegetum is afgeleid van de wetenschappelijke naam van de dominante soorten van de associatie, de sleedoorn (Prunus spinosa) en de eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna).

Kenmerken[bewerken]

Ecologie[bewerken]

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn komt voor op matig voedselrijke tot voedselrijke, basische tot licht zure, kleiige of lemige of plaatselijk zelfs kalkrijke bodems. De standplaatsen zijn in de regel matig vochtig tot nat, en vegetaties met eenstijlige meidoorn verdragen zelfs tijdelijke overstromingen.

Deze associatie komt in Vlaanderen en Nederland vooral voor als aangeplante heggen. Ze komt in natuurlijke vorm voor als zoomvegetatie langs bosranden en houtwallen.

Ontstaan en successie[bewerken]

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn is een vervangingsgemeenschap van bossen uit de klasse van de eiken- en beukenbossen op voedselrijke grond.

Ze ontstaat op natuurlijke wijze in verschillende types graslanden door het wegvallen of sterk verminderen van beweiding of beheer. De associatie kan zeer lang blijven bestaan, voor zij uiteindelijk terug evolueert naar bos. De eerste stappen in deze successie is het opduiken van zomereik en es in de struikengordel.

Wordt het meidoornstruweel gerooid en gemaaid, dan ontwikkelt zich meestal een glanshaverhooiland of een zoomvegetatie van dauwbraam en marjolein.

Structuur[bewerken]

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn vormt een dicht en doornig, zeer bloemen- en vruchtenrijk struweel. Een echte, gestructureerde boomlaag is meestal afwezig, maar in een bosrand kunnen kleine bomen deel uitmaken van de vegetatie.

De kruidlaag is meestal soortenrijk en goed ontwikkeld, met voornamelijk ruigte- en bosplanten. Een moslaag is zelden aanwezig.

Onderverdeling[bewerken]

In de associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn worden in België en Nederland vier sub-associaties onderscheiden.

Sub-associatie typicum[bewerken]

De typische sub-associatie. Syntaxoncode voor Nederland is 37Aa01a.

Sub-associatie rubetosum ulmifolii[bewerken]

Een sub-associatie waarin de zeldzame koebraam (Rubus ulmifolius) een belangrijke rol speelt. Syntaxoncode voor Nederland is 37Aa01b.

Sub-associatie viburnetosum opuli[bewerken]

Een sub-associatie met gelderse roos (Viburnum opulus). Syntaxoncode voor Nederland is 37Aa01c.

Sub-associatie clematidetosum[bewerken]

Een sub-associatie waarin lianen als bosrank (Clematis vitalba) de struiken bedekken. Syntaxoncode voor Nederland is 37Aa01d.

Soortensamenstelling[bewerken]

Eenstijlige meidoorn
Hondsroos
Sleedoorn
Gewone vlier
Hop
Groot warkruid
Besanjelier
Hopwarkruid
Heggenrank
Bosrank

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn wordt in de regel gedomineerd door de klassekensoorten eenstijlige meidoorn, hondsroos, sleedoorn (die in deze associatie zijn optimum kent), gewone vlier, rode kornoelje en wilde kardinaalsmuts.

De kruidlaag telt vier voor de associatie specifieke kensoorten, waarvan enkel de hop algemeen voorkomt. Het groot warkruid, de besanjelieren het hopwarkruid zijn in Vlaanderen en Nederland zeldzaam. Ook de klassekensoorten heggerank, bosrank en koebraam komen voor, zij het niet algemeen. Verder vinden we in deze vegetatie vooral veel stikstofminnende planten als grote brandnetel, hondsdraf en kleefkruid, en (sinds het begin van de twintigste eeuw steeds minder) typische bosplanten als look-zonder-look, geel nagelkruid en dolle kervel.

De voor Vlaanderen en Nederland belangrijkste soorten zijn:

Kensoort Diff.soort Presentie Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Opmerking
Boomlaag
>30% Es Fraxinus exelsior
>20% Zomereik Quercus robur
Struiklaag
kK >80% Eenstijlige meidoorn Crataegus monogyna
kK >60% Hondsroos Rosa canina
kK >50% Sleedoorn Prunus spinosa
kK >50% Gewone vlier Sambucus nigra
kK >30% Rode kornoelje Cornus sanguinea
kK >20% Wilde kardinaalsmuts Euonymus europaeus
kK >10% Wegedoorn Rhamnus cathartica
dS Gelderse roos Viburnum opulus Subassociatie viburnetosum opuli
Kruidlaag
kA >30% Hop Humulus lupulus
kA <10% Groot warkruid Cuscuta europaea
kA <10% Besanjelier Cucubalus baccifer
kA <10% Hopwarkruid Cuscuta lupuliformis
kK >20% Heggenrank Bryonia dioica
kK >10% Bosrank Clematis vitalba
kK >10% Koebraam Rubus ulmifolius
>80% Grote brandnetel Urtica dioica
>60% Hondsdraf Glechoma hederaceae
>50% Kleefkruid Galium aparine
>40% Kropaar Dactylis glomerata
>40% Dauwbraam Rubus caesius
>30% Kweek Elytrigia repens
>30% Ruw beemdgras Poa trivialis
>30% Bitterzoet Solanum dulcamara
>20% Look-zonder-look Alliaria petiolata
>20% Dolle kervel Chaerophyllum temulum
>20% Haagwinde Convolvulus sepium
>20% Fluitenkruid Anthriscus sylvestris
>20% Geel nagelkruid Geum urbanum
>20% Akkerdistel Cirsium arvense
>20% Glanshaver Arrhenatherum elatius
>20% Kruipende boterbloem Ranunculus repens
>10% Vogelmuur Stellaria media
Moslaag
-

Verspreiding en voorkomen[bewerken]

De associatie van sleedoorn en eenstijlige meidoorn heeft een breed verspreidingsgebied, van Groot-Brittannië en West-Europa tot in Oost- en Zuidoost-Europa. beperkt tot atlantisch en subatlantisch Europa, van Zuid-Zweden over Denemarken tot in Midden-Duitsland.

In Nederland is ze algemeen en verspreid, vooral in het fluviatiel district, de pleistocene districten, het estuariëndistrict en in Zuid-Limburg.

Ook in Vlaanderen komt deze associatie zeer verspreid voor, voornamelijk in de West-Vlaamse Heuvelstreek, de Vlaamse Ardennen, Haspengouw, de Polderstreek, de Antwerpse fortengordel en de Zuiderkempen.