Rijksmuseumgebouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rijksmuseumgebouw
Het Rijksmuseumgebouw; circa 1895
Het Rijksmuseumgebouw; circa 1895
Locatie Amsterdam, Nederland
Coördinaten 52° 22′ NB, 4° 53′ OL
Oorspr. functie museum en academie
Huidig gebruik museum
Opening 13 juli 1885
Verbouwing 2003 - 2013
Bouwstijl neogotiek
Monumentstatus rijksmonument
Monumentnummer 5680
Architect P.J.H. Cuypers
Detailkaart
Rijksmuseumgebouw
Rijksmuseumgebouw
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde
Plattegrond Museumstraat en Rijksmuseumgebouw.
Luchtfoto van het Rijksmuseum in 1921 zuidelijk gezien vanuit het Museumplein. Linksvoor de Druckeruitbouw, fragmentengebouw en bibliotheek.
De Bibliotheek van het Rijksmuseum Amsterdam; 2015.

Het Rijksmuseumgebouw in Amsterdam uit 1885 huisvest het Rijksmuseum Amsterdam. Het gebouw is speciaal voor dit doel ontworpen door de Nederlandse architect P.J.H. Cuypers in opdracht van chef afdeling Kunsten en Wetenschappen Victor de Stuers.

Indeling[bewerken]

Het gebouw bestaat uit een souterrain, eerste verdieping en een tweede verdieping die over het gehele achtvormige gebouw doorlopen. De eerste verdieping is in een westelijke en oostelijk deel gesplitst door de passage. In de acht torens bevinden zich extra verdiepingen. De toren links van de hoofdingang is voorzien van een carillon. Het gebouw heeft twee met glas overdekte binnenplaatsen. Onder deze binnenplaatsen bevinden zich sinds 2013 ondergronds een auditorium, keuken en verbindingen met depotruimten. Het dak bestaat voor een groot deel uit glazen constructies om destijds een goede belichting mogelijk te maken met bovenlicht.

Stijl[bewerken]

Cuypers combineerde gotische en renaissance-elementen in een stijl die neogotiek wordt genoemd. Het gebouw is rijk geornamenteerd met tal van verwijzingen naar de (middeleeuwse) vaderlandse geschiedenis. Het gebouw kadert in de 19e-eeuwse pogingen om een collectieve architectuurstijl te bereiken. Cuypers wilde een nationale stijluitdrukking creëren, een stijl die symbool zou staan voor heel Nederland.

Instellingen[bewerken]

Bij de opening huisvestte het gebouw verschillende instellingen. Op de imposante tweede verdieping werd het Rijksmuseum van Schilderijen gevestigd, waarvan de directeur tevens de administratief beheerder van het gebouw werd. Andere instellingen waren het Nederlandsch Museum voor Geschiedenis en Kunst op de eerste verdieping, het Rijksprentenkabinet, beide met eigen directeuren en het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap dat een eigen expositieruimte kreeg.[1]

Op de derde verdieping van de oosttoren werd de Rijksnormaalschool voor Tekenonderwijzers gehuisvest en op de derde verdieping van de westtoren de Rijksnormaalschool voor Kunstnijverheid. De Rijksverzameling Gipsafgietsels van Beeldhouwwerken werd ondergebracht op de met glas overdekte westelijke binnenplaats, onder directie van de algemene hoofddirecteur.

Ornamenten en decoratie[bewerken]

Voor de ornamenten en decoratie was een wedstrijd uitgeschreven. Winnaars voor de beelden waren Bart van Hove en Frans Vermeylen, Georg Sturm voor de wandschilderingen en de tegeltableaus, en W.F. Dixon voor de glas-in-loodramen.

Tegeltableaus[bewerken]

Tegeltableaus aan de buitenkant van het museum
Laat-Romeinse beschaving. Stichting van de basiliek van St. Servaas door Monulphus omstreeks 570
Frankische beschaving. Stichting van het paleis te Nijmegen door Karel den Groote omstreeks 800
Herleving van beschaving en kunst. Bisschop Bernulphus begraven in de door hem gestichte Sint Pieterskerk te Utrecht MLIIII
Jan van Eyck als Peintre et varlet de Chambre van Jan van Beijeren (Jean sans Piete) werkzaam op het Hof te s' Gravenhage tusschen 1422-1424
Het zijn al vorsten steden en prelaten Die Gouda's kerk met glazen sieren laten 1555-1603
Utrecht. Albrecht Dürer in het jaar 1520 te 's Hertogenbosch door het Gild der Goudsmeden onthaald

Passage[bewerken]

Bij het ontwerp van het Rijksmuseum was een eis van de gemeente Amsterdam dat het gebouw als poort zou dienen voor een geplande villawijk ten zuiden van het gebouw. Oorspronkelijk was de doorgang, de Passage Rijksmuseum, voor alle verkeer geopend. Op een oude prent staat zelfs het idee ingetekend voor een paardentramverbinding over deze route, die er echter nooit gekomen is.

Vanaf 1931 mochten auto's er niet meer door vanwege door trillingen veroorzaakte mogelijke beschadigingen aan het gebouw en de kunstcollectie. De doorgang bleef alleen voor fietsers en voetgangers geopend. In de jaren tachtig waren er plannen om een trambaan door de Museumstraat aan te leggen maar dat ging niet door vanwege dezelfde zorgen voor beschadiging door trillingen.

Diverse museumdirecteuren hebben er sindsdien voor geijverd de Passage geheel af te sluiten en onderdeel van het museum te laten worden. Tijdens de grote renovatie van het Rijksmuseum tussen 2003 en 2013 was er veel discussie over het wel of niet heropenen van de straat voor fietsverkeer. Uiteindelijk werd de Museumstraat op 13 mei 2013 heropend voor fietsers.

Verbouwing 2003-2013[bewerken]

Film van de rijksgebouwendienst over de verbouwing van het Rijksmuseum

Mede door de toenemende bezoekersaantallen voldeed het museum eind vorige eeuw niet meer aan de behoeften van een internationaal leidend museum. In 2003 is een grote verbouwing gestart; nooit eerder had een nationaal museum een zodanig grote verbouwing ondergaan. In de loop der jaren werd het museumgebouw vele malen verbouwd, waardoor van binnen een groot deel van het oorspronkelijke karakter verloren ging. Bij deze grote ingreep zijn veel oorspronkelijke elementen uit de tijd van Cuypers weer tevoorschijn gehaald en/of in oude staat hersteld en/of gereconstrueerd, waardoor het gebouw veel van zijn oude glorie terugkreeg.

Door diverse vertragingen zou de verbouwing bijna tien jaar in beslag zou nemen. Na ruim negen jaar gesloten te zijn geweest, ging het vernieuwde hoofdgebouw op 13 april 2013 weer open. De kosten van de totale verbouwing, renovatie en vernieuwing van het Rijksmuseum bedroegen € 375 miljoen. Het Rijksmuseum droeg € 45 miljoen bij en werd daarin gesteund door Founder Philips, ING en de BankGiro Loterij.[2]> '

Bijgebouwen en tuin[bewerken]

Een deel van de tuin

Aan de zuidzijde is een gebouwencomplex, verbonden met een gang, de zuidvleugel, nu bekend als de Philipsvleugel vernoemd naar een van de sponsors. Het omvat het Fragmentengebouw en de in twee perioden gebouwde Druckeruitbouw uit 1909 en 1916. De vleugel is gelegen aan de Hobbemastraat bij de Jan Luijkenstraat.

De verbouwing van de zuidvleugel van het museum kwam in 1996 gereed. De vleugel was daarna in gebruik als tijdelijke museumruimte tijdens de grootscheepse verbouwing van het hoofdgebouw (2003-2013). De Nachtwacht was gedurende deze tijd in de Philipsvleugel te zien met de 17e-eeuwse topstukken van het museum. Tussen 2003 en 2013 ontving de Philipsvleugel 8,5 miljoen bezoekers. In 2013 opende het Aziatische paviljoen in de binnenplaats, ontworpen door Cruz y Ortiz. Vanaf 2013 werd de Philipsvleugel verbouwd voor tijdelijke tentoonstellingen en een café-restaurant. Op 1 november 2014 opende deze vleugel zijn deuren weer voor het publiek.[3]

Naast het Rijksmuseumgebouw is de voormalige directeursvilla (1883) en de Teekenschool (1891), te vinden eveneens ontworpen door Cuypers. De directeursvilla is tot 1945 in gebruik geweest als dienstwoning van de hoofddirecteur; tegenwoordig is het pand in gebruik door de conservatoren.

Rond het museum liggen de oorspronkelijk door Cuypers ontworpen Rijksmuseumtuinen, aangelegd tussen 1884 en 1916 en afgesloten met een smeedijzeren hekwerk.