Sederavond

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een tafel met attributen voor de sederavond

Sederavond of seideravond (Hebreeuws: leel haseder – ליל הסדר) is een avond aan het begin van het zeven (in Israël) of acht (buiten Israël) dagen durende Pesachfeest, waarop joden uit de Haggada lezen, 4 glazen wijn (of druivensap) drinken en een feestelijke sedermaaltijd gebruiken. In Israël wordt één sederavond gevierd en erbuiten twee. De Haggada behandelt het verhaal van de Joodse slavernij in Egypte en de uittocht uit Egypte. Seder (סדר) betekent letterlijk: volgorde of orde, omdat de gebruiken volgens een volgorde of orde worden uitgevoerd die eveneens in de Haggada staat. Haggada betekent: vertelling.

De maaltijd[bewerken | brontekst bewerken]

Seder betekent "orde". De maaltijd wordt dan ook volgens een vaste orde gebruikt, die uit 15 stappen bestaat.[1] Op de tafel staat een seiderschotel met een aantal symbolische gerechten, en een schaal met drie matzes, die bedekt zijn met een doek.

  1. De seidermaaltijd wordt geopend met het Kidoesj, de zegening van een glas wijn. Daarna drinkt iedereen een eerste glas wijn.
  2. Handen wassen, waarbij de broge die normaliter wordt gezegd bij het wassen van de handen voor een maaltijd wordt weggelaten.
  3. Indopen van, de karpas, groene kruiden zoals peterselie, in zout water, waarbij een zegening wordt uitgesproken.
  4. De middelste matze van de drie onder de doek wordt in tweeën gebroken. Een van beide helften, afikomen genoemd, wordt verstopt. Aan het eind van de avond wordt die helft weer tevoorschijn gehaald en opgegeten. In gezinnen zijn verschillende tradities voor het verstoppen, soms doen de kinderen het, soms de ouders.
  5. Het eerste deel van de Haggada wordt gelezen. Elke deelnemer aan de maaltijd heeft een eigen boekje. Hierbij komen de 4 vragen aan de orde, de 10 plagen van Egpyte en het verhaal van de uittocht uit Egypte. De symboliek van de gerechten op de sederschotel en de matzes wordt uitgelegd. Er wordt een tweede glas wijn gedronken.
  6. Opnieuw worden de handen gewassen, ditmaal met het uitspreken van de zegening.
  7. De matses worden gegeten, met de zegening voor het eten van brood en...
  8. de speciale zegening voor het eten van het ongerezen brood. Daarbij houdt het hoofd van het gezin alle drie de matzes met beide handen vast.[2]
  9. Het bittere kruiden (maror) wordt in de zoete charoset gedoopt en gegeten.
  10. Er wordt een stukje matze met maror gegeten
  11. De maaltijd wordt gegeten; een volledig feestmaal
  12. De afikomen wordt gezocht en gegeten. Hierna wordt niets meer gegeten.
  13. De zegening na het eten
  14. Een aantal psalmen wordt gezegd
  15. Aan het eind van de maaltijd wenst iedereen elkaar geluk met de wens, volgend jaar in Jeruzalem. Er worden liederen gezongen.

Kinderen[bewerken | brontekst bewerken]

De sederavond is vooral bedoeld om kinderen te leren over de geschiedenis van het joodse volk, zodat de tradities bewaard zullen blijven.[1]

Tijdens de sederavond wordt aan de hand van de tekst in de Haggada verteld en gezongen over de uittocht uit Egypte. De aandacht van de kinderen wordt vastgehouden door een aantal bijzondere gebruiken en momenten. In het Ma Nisjtana ('Waarin verschilt?') stelt het jongste kind vier vragen over gebruiken die anders zijn op sederavond dan op andere avonden. De 4 traditionele vragen zijn:

  1. Op andere avond kunnen we gerezen of ongerezen brood eten. Waarom eten we vanavond alleen matzes?
  2. Op andere avonden eten we allerlei groenten, waarom eten we vanavond alleen bittere groenten?
  3. Op andere avonden dopen wij onze groenten niet in, waarom dopen we vanavond onze groenten twee maal in?
  4. Op andere avonden mogen we rechtop zitten of hangen in onze stoel, maar vanavond hangen we allemaal, waarom is dat?

Meestal worden deze zingend gesteld en beantwoord. Ma Nisjtana is al beschreven de Misjna, Mondelinge Leer, en heeft een wereldwijd onder Joden bekende traditionele melodie. Vaak lezen ook kinderen de 'vier zonen' voor, ieder met een verschillend soort vraagstelling: de wijze, naïeve en kwade zoon en de zoon die nog geen vragen kan stellen. Beide stukken uit de Haggada behandelen de gesprekken over de slavernij en uittocht - met kinderen en volwassenen - die gebruikelijk zijn op sederavond. Een derde gebruik voor kinderen is het 'stelen' van een hiervoor bestemd stuk matze, de afikoman. Wanneer deze niet wordt gevonden (bij sommige gezinnen het geval) moet de sederleider deze 'terugkopen' met cadeautjes voor aanwezige kinderen.

Symboliek[bewerken | brontekst bewerken]

Bord speciaal voor de sederavond (1948 Pal-Bell, Maurice Ascalon)

De sedermaaltijd bestaat uit het eten van ongezuurde broden en bittere kruiden en is uitgegroeid tot een maaltijd met als centrum de sederschotel, met ongezuurd brood (matse), een symbolisch bot van een lam, een gekookt en daarna gebraden ei, bittere kruiden (maror), maar ook zoet charoset. De maror staat symbool voor de onderdrukking van de Joden in Egypte, de matzes voor het feit dat ze overhaast uit Egypte moesten vertrekken, zonder tijd om het brood te laten rijzen[3]. De charoset staat voor het geluk na de bevrijding, maar de vorm van het gerecht doet juist denken aan het cement tussen de stenen waarmee de Joden als slaven voor de oude Egyptenaren steden zouden hebben gebouwd. Geen religieus voorschrift maar gewoon een gebruik, is het eten van dunne soep met matseballen tijdens de sedermaaltijd. Tijdens het bestaan van de joodse tempels, toen Joodse families tijdens Pesach nog op bedevaart naar Jeruzalem gingen, werd er ook een lammetje geslacht. Het botje op de sederschotel herinnert nog aan dat gebruik.