Telefoontap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een telefoontap, eenvoudiger het afluisteren of afluisteren van telefoongesprekken, is het volgen van telefoon- en internetgesprekken door een derde partij, meestal de politie of een geheime dienst. Het tappen gebeurt meestal in het geheim, dat wil zeggen dat de converserende partijen er niet van op de hoogte zijn dat zij worden afgeluisterd.

Telefoontaps in Nederland[bewerken]

In Nederland mogen de volgende overheidsdiensten gebruikmaken van telefoontaps:[1]

De vier Bijzondere Opsporingsdiensten:

De twee geheime diensten:

Politie[bewerken]

Voor het legaal aftappen door politie of andere overheidsinstanties is in Nederland toestemming van de rechter-commissaris vereist. Dit is een van de bijzondere opsporingsbevoegdheden van de politie. De meeste gesprekken die worden afgeluisterd, worden met de mobiele telefoon gevoerd.

In Nederland worden aanzienlijk meer telefoontaps geplaatst dan in vergelijkbare landen. In de tweede helft van 2007 werden er per dag in Nederland haast 1700 telefoons afgeluisterd, terwijl in de Verenigde Staten in 2007 'slechts' 2200 taps werden geplaatst. In een half jaar werden in Nederland haast 12500 taps geplaatst.[2] In november 2009 verklaarde de voorzitter van het College van procureurs-generaal, Harm Nanne Brouwer, dat het in Nederland in 2008 om 26.000 taps ging, tegenover 2.200 in de Verenigde Staten.

Het relatief grote aantal telefoontaps in Nederland vergeleken met de Verenigde Staten, komt onder meer omdat de politie en de FBI daar veel meer gebruikmaken van observatie en het plaatsen van afluisterapparatuur in woningen, wat in Nederland als een zwaardere inbreuk op de privacy wordt gezien dan een telefoontap. Ook zijn er geen cijfers beschikbaar voor de aantallen telefoontaps die in de VS ter bestrijding van spionage en terrorisme, alsmede door de NSA ingezet worden.[3]

In september 2009 had minister van Justitie Hirsch Ballin aan de Tweede Kamer laten weten dat er in dat jaar 26.425 telefoontaps waren gepleegd. Van 2010 t/m 2014 werden blijkens cijfers van het Ministerie van Veiligheid en Justitie voor de volgende aantallen telefoonnummers een bevel tot aftappen gegeven:[4]

Aantallen telefoontaps door de politie
Jaar Telefoontaps Gemiddeld per dag
2010 22.006 1.635
2011 24.718 1.638
2012 25.487 1.293
2013 26.150 1.391
2014 25.181 1.386

Sinds 2014 wordt als gevolg van de invoering van een nieuwe interceptiestandaard, geen onderscheid meer gemaakt tussen telefoon- en internettaps. Dat betekent dat alle 25.181 taps in dat jaar zowel telefoon- als internetverkeer betroffen, omdat de meeste taps op smartphones worden gezet.[4]

Geheime diensten[bewerken]

In Nederland hebben ook de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) en de militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) de bevoegdheid om een telefoontap te plaatsen. Op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) hebben zij daarvoor voorafgaande toestemming van de minister van Binnenlandse Zaken, resp. Defensie nodig.

In 2010 liet het ministerie van Binnenlandse Zaken mede namens het ministerie van Defensie aan de Tweede Kamer weten dat er in het jaar 2009 in totaal 1078 taps zijn uitgezet door de AIVD en 53 door de MIVD. Daarbij is niet duidelijk gemaakt of het hierbij gaat om telefoon- of internettaps, dan wel of gebruik is gemaakt van microfoons om gesprekken op te vangen.[5] Voor latere jaren zijn dergelijke cijfers niet meer openbaar gemaakt.

Sinds juli 2004 worden alle door de AIVD gemaakte opnames met betrekking tot terrorisme, zowel door middel van een telefoontap, als door middel van microfoons, opgeslagen voor een periode van 10 jaar.[6]

Technische uitvoering[bewerken]

In Nederland zijn de telefoonbedrijven wettelijk verplicht om technische voorzieningen voor het afluisteren van telefoongesprekken in hun systemen aan te brengen. Dit betreft zowel de traditionele vaste lijnen als de mobiele netwerken. Na ontvangst van een tapbevel wordt door medewerkers van het telefoonbedrijf de tap in werking gesteld. Feitelijk betekent dat voor dat het betreffende telefoonnummer een conference call wordt opgezet, waarbij de derde partij alleen kan meeluisteren en zelf niet gehoord kan worden.[7]

Vanuit de telefooncentrales worden deze tapverbindingen via speciale lijnen doorgestuurd naar de zogeheten tapkamers van de politie. Een tapkamer bestaat tegenwoordig uit een centrale server waar de binnenkomende gesprekken digitaal opgeslagen worden en door speciale software bewerkt, gesorteerd en gearchiveerd worden. Al naar gelang de personele capaciteit het toelaat kunnen de gesprekken in real-time worden meegeluisterd, hetzij in een centrale ruimte, hetzij via computers op individuele werkplekken.[7]

In het jaar 2000 beschikte de politie over 39 tapkamers, uiteenlopend van die in Apeldoorn met een capaciteit van 1200 lijnen, tot mobiele systemen voor 8 lijnen tegelijkertijd. In 2006 werden bijna driekwart van de gesprekken verwerkt door een systeem van Verint (voorheen Comverse). Andere leveranciers waren Atis, Digivox, IDD en EAL.[7] Ook de AIVD beschikt over een eigen tapkamer, waar waar naast telefoon-, ook microfoonopnames binnenkomen.[8] AIVD en MIVD gebruiken eveneens tapsystemen van Comverse/Verint.[7]

Stealth sms[bewerken]

In het kader van een telefoontap kan ook gebruik gemaakt worden van een zogeheten "stille sms" of "stealth sms". Daarbij wordt een sms-bericht naar de telefoon van een verdachte gestuurd, zonder dat deze kan zien dat zo'n sms is binnengekomen. Hierdoor moet de betreffende mobiele telefoon contact maken met de dichtstbijzijnde zendmast, waardoor eenvoudig de locatie van de telefoon bepaald kan worden.[9]

Mediaberichten als zouden via een stille sms ook op afstand de microfoon en de camera van een mobiele telefoon kunnen worden geactiveerd, werden door het Openbaar Ministerie afgedaan als onzin.[10] De politie past deze methode sinds 2005 toe, maar een rechterlijke uitspraak uit 2013 bekritiseerde dat er onvoldoende waarborgen voor een correcte toepassing van stille sms-jes waren.[9]

Telefoontaps in België[bewerken]

In België is de telefoontap geregeld in het Wetboek van Strafvordering, meerbepaald in artikel 90ter. Een Onderzoeksrechter is bevoegd deze maatregel toe te passen in een gerechtelijk onderzoek. De maatregel wordt na afloop van het onderzoek gecontroleerd naar wettelijkheid door de Kamer van inbeschuldigingstelling (KI).

Literatuur[bewerken]

  • Wim van de Pol, Onder de tap, Afluisteren in Nederland, Uitg. Balans, Amsterdam 2006

Externe link[bewerken]