Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2010

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
WK Allround 2010
IJsstadion Thialf in Heerenveen
IJsstadion Thialf in Heerenveen
Kampioenschapinformatie
Plaats Heerenveen
Gastland Vlag van Nederland Nederland
IJsbaan Thialf
Type baan Overdekt, kunstijs
Editie 104 (mannen)
68 (vrouwen)
Datum 19-21 maart 2010
Organisator ISU Logo.jpg ISU
Soort vierkamp Mannen: Grote vierkamp
Vrouwen: Kleine vierkamp
Eindrangschikking mannen
Winnaar Vlag van Nederland Sven Kramer (4e titel)
Tweede plaats Vlag van Verenigde Staten Jonathan Kuck
Derde plaats Vlag van Noorwegen Håvard Bøkko
Eindrangschikking vrouwen
Winnaar Vlag van Tsjechië Martina Sáblíková (2e titel)
Tweede plaats Vlag van Canada Kristina Groves
Derde plaats Vlag van Nederland Ireen Wüst
Statistieken
Aantal mannen 24 (slotafstand: 12)
Aantal vrouwen 24 (slotafstand: 12)
Startpl. / land 4
Startpl. NL 4 (m), 4 (v)
Kijkcijfers (piek) 1.884.000 (5km vrouwen[1])
Navigatie
<<< 2009     2011 >>>
Portaal  Portaalicoon   Schaatsen

De Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2010 werden op 19, 20 en 21 maart in het Thialf ijsstadion te Heerenveen gehouden.

Voor de mannen was het de 104e editie en voor de vrouwen de 68e editie. Het was de twaalfde keer dat er een WK Allroundtoernooi in Thialf werd georganiseerd. Vijf keer vond er een mannentoernooi plaats (1976, 1977, 1980, 1987 en 1991), drie keer een vrouwentoernooi (1972, 1974 en 1992) en ook drie keer een gezamenlijk toernooi (1998, 2002 en 2007).

Titelverdedigers waren de Tsjechische Martina Sáblíková bij de vrouwen en de Nederlander Sven Kramer bij de mannen. Beide kampioenen prolongeerden hun wereldtitel. Kramer veroverde als eerste schaatser vier keer op rij de wereldtitel allround. In aantal titels evenaarde hij de prestatie van Ivar Ballangrud en Rintje Ritsma, zij wonnen deze titels echter niet in opvolgende jaren. Alleen Oscar Mathisen en Clas Thunberg hebben ooit meer dan vier WK-titels gewonnen, zij wonnen er elk vijf.

Programma
vrijdag 19 maart zaterdag 20 maart zondag 21 maart
500 meter mannen
5000 meter mannen
500 meter vrouwen
1500 meter mannen
3000 meter vrouwen
1500 meter vrouwen
10.000 meter mannen
5000 meter vrouwen

Mannentoernooi[bewerken]

Deelname[bewerken]

Op basis van het eindklassement van het wereldkampioenschap schaatsen allround 2009 werden de startposities verdeeld tussen de verschillende werelddelen. Europa verwierf het recht op vijftien startplaatsen (elf rijders bij de eerste 16 plus vier). Noord-Amerika & Oceanië mocht zeven rijders afvaardigen (vijf rijders bij de eerste 16 plus twee) en Azië twee (geen rijders bij de eerste 16 plus twee). Het aantal plaatsen per land op deze editie werd verdiend op het EK van 2010, het CK Azië 2010 en CK Noord-Amerika & Oceanië 2010.

4 plaatsen 3 plaatsen 2 plaatsen 1 plaats
Europa Nederland Italië, Noorwegen, Zweden Duitsland, Frankrijk, Letland, Polen, Rusland
Azië Japan, Zuid-Korea
Noord-Amerika & Oceanië Canada Verenigde Staten Nieuw-Zeeland

Nadat Zuid-Korea afzag van deelname werd deze startplaats toegewezen aan Australië. Ook Duitsland en Polen kregen een extra startplaats toebedeeld na het afhaken van Frankrijk en Letland.

Klassement[bewerken]

Sven Kramer stond voor de zesde opeenvolgende keer op het erepodium: in 2005 en 2006 werd hij derde, in 2007, 2008 en 2009 won hij goud. De WK debutant Jonathan Kuck eindigde op plaats twee. De Noor Håvard Bøkko, de enige deelnemer naast Kramer op het WK die eerder op het WK-podium plaatsnam (in 2008 en 2009 eindigde hij op de tweede plaats), werd derde.

De beide Nederlandse WK debutanten Ted-Jan Bloemen en Jan Blokhuijsen eindigden respectievelijk op de vierde en vijfde plaats in het eindklassement. Wouter Olde Heuvel eindigde op de zevende plaats.

Rang Schaatser Land Punten 500m 5000m 1500m 10.000m
Goud Sven Kramer Vlag van Nederland Nederland 148,921 36,45 (6) 6.19,63 (1) 1.46,83 (4) 12.57,97 (1)
Zilver Jonathan Kuck Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 149,558 pr 36,31 (3) pr 6.23,47 (4) 1.45,36 (1) pr 13.15,62 (4) pr
Brons Håvard Bøkko Vlag van Noorwegen Noorwegen 150,228 36,62 (9) 6.21,08 (2) 1.47,68 (6) 13.12,13 (2)
4 Ted-Jan Bloemen Vlag van Nederland Nederland 150,839 pr 36,87 (13) pr 6.23,41 (3) 1.47,85 (7) 13.13,56 (3)
5 Jan Blokhuijsen Vlag van Nederland Nederland 151,686 pr 36,62 (9) 6.27,68 (7) 1.48,00 (10) 13.25,97 (6) pr
6 Trevor Marsicano Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 152,150 36,40 (5) 6.32,79 (10) 1.46,70 (3) 13.38,11 (9)
7 Wouter Olde Heuvel Vlag van Nederland Nederland 152,471 36,95 (15) 6.29,45 (8) 1.47,89 (8) 13.32,27 (8)
8 Sverre Haugli Vlag van Noorwegen Noorwegen 152,695 pr 38,10 (19) 6.26,03 (6) 1.48,22 (12) 13.18,39 (5)
9 Lucas Makowsky Vlag van Canada Canada 153,070 pr 36,45 (6) 6.35,06 (11) 1.46,15 (2) 13.54,63 (10)
10 Konrad Niedźwiedzki Vlag van Polen Polen 154,844 35,68 (1) 6.48,95 (22) 1.47,17 (5) 14.10,78 (12)
11 Matteo Anesi Vlag van Italië Italië 155,015 pr 36,36 (4) 6.42,52 (19) 1.47,95 (9) 14.08,40 (11)
12 Shane Dobbin Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland 155,055 38,41 (22) 6.30,64 (9) 1.51,20 (20) 13.30,30 (7) NR
NC13 Joel Eriksson Vlag van Zweden Zweden 112,786 36,25 (2) 6.41,53 (17) 1.49,15 (14)
NC14 Mathieu Giroux Vlag van Canada Canada 112,813 36,65 (11) 6.41,33 (16) 1.48,09 (11)
NC15 Zbigniew Bródka Vlag van Polen Polen 113,111 36,61 (8) pr 6.42,95 (20) 1.48,62 (13)
NC16 Johan Röjler Vlag van Zweden Zweden 114,034 37,30 (16) 6.41,14 (15) 1.49,86 (17)
NC17 Luca Stefani Vlag van Italië Italië 114,092 38,28 (21) 6.42,19 (18) 1.49,78 (16)
NC18 Patrick Beckert Vlag van Duitsland Duitsland 114,688 38,13 (20) 6.37,05 (14) 1.50,56 (19) pr
NC19 Justin Warsylewicz Vlag van Canada Canada 114,732 37,50 (17) 6.44,42 (21) 1.50,37 (18)
NC20 Ivan Skobrev Vlag van Rusland Rusland 114,791 36,78 (12) 6.23,88 (5) 1.58,87 (23) t.z.t. *
NC21 Jeff Kitura Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 115,105 36,90 (14) 6.56,52 (23) 1.49,66 (15)
NC22 Hiroki Hirako Vlag van Japan Japan 115,604 37,88 (18) 6.36,94 (13) 1.54,09 (22)
NC23 Marco Weber Vlag van Duitsland Duitsland 115,771 38,54 (23) 6.36,88 (12) 1.52,63 (21)
NS3 Joshua Lose Vlag van Australië Australië 81,432 39,22 (24) 7.02,12 (24) NS
* = met val
NC = niet gekwalificeerd
NF = niet gefinisht
NS = niet gestart
DQ = gediskwalificeerd
Vet gezet = kampioenschapsrecord
t.z.t. = trok zich voor de loting van de 10.000m terug, waardoor Anesi zich alsnog voor de 10.000m kwalificeerde.

Op basis van dit eindklassement worden de startposities voor de Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2011 verdeeld tussen de verschillende werelddelen. Europa verwierf 15 startplaatsen (11 rijders bij de eerste 16 plus vier). Noord-Amerika & Oceanië mag 7 rijders afvaardigen (5 rijders bij de eerste 16 plus twee) en Azië twee (geen rijders bij de eerste 16 plus twee).

Vrouwentoernooi[bewerken]

Deelname[bewerken]

Op basis van het eindklassement van het wereldkampioenschap schaatsen allround 2009 zijn de startposities verdeeld tussen de verschillende werelddelen. Europa verwierf het recht op veertien startplaatsen (tien rijders bij de eerste 16 plus vier). Noord-Amerika (inclusief Oceanië) mocht zes rijders afvaardigen (vier rijders bij de eerste 16 plus twee) en Azië vier (twee rijders bij de eerste 16 plus twee). Het aantal plaatsen per land op deze editie werden verdiend op het EK van 2010, het CK Azië 2010 en CK Noord-Amerika & Oceanië 2010.

4 plaatsen 3 plaatsen 2 plaatsen 1 plaats
Europa Nederland Duitsland, Noorwegen, Polen, Rusland, Tsjechië
Azië Japan Zuid-Korea
Noord-Amerika & Oceanië Canada Verenigde Staten

Polen zag af van invulling van de tweede startplaats en deze plaats werd door een Noorse schaatsster ingevuld.

Maki Tabata nam voor de veertiende keer aan het WK allround deel, twee vrouwen, Emese Hunyady en Claudia Pechstein, namen vaker deel, namelijk zeventien keer.

Klassement[bewerken]

Het podium was een kopie van de editie in 2009. Naast Martina Sáblíková namen de Canadese Kristina Groves en de Nederlandse Ireen Wüst op het erepodium plaats. Groves, die tweede werd, nam voor de vierde keer op het eindpodium plaats: in 2006 en 2008 werd ze derde en in 2009 tweede. Wüst nam voor de vierde keer op rij op het erepodium plaats, in 2007 werd ze wereldkampioene, in 2008 eindigde ze als tweede en in 2009 als derde.

Jorien Voorhuis en Diane Valkenburg eindigden bij hun tweede deelname respectievelijk op de zesde en zevende plaats in het eindklassement, de Nederlandse WK-debutante Elma de Vries eindigde op de achttiende plaats.

Rang Schaatsster Land Punten 500m 3000m 1500m 5000m
Goud Martina Sáblíková Vlag van Tsjechië Tsjechië 161,022 pr 40,25 (11) 4.03,59 (1) 1.57,23 (3) 6.50,98 (1)
Zilver Kristina Groves Vlag van Canada Canada 161,512 39,42 (4) 4.05,98 (4) 1.56,64 (1) 7.02,16 (4)
Brons Ireen Wüst Vlag van Nederland Nederland 162,106 39,54 (6) 4.05,10 (2) 1.56,86 (2) 7.07,63 (7)
4 Daniela Anschütz-Thoms Vlag van Duitsland Duitsland 162,955 40,48 (15) 4.06,82 (5) 1.58,04 (4) 6.59,93 (3)
5 Jilleanne Rookard Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 163,946 pr 40,31 (13) 4.07,39 (6) 1.59,13 (10) 7.06,95 (6)
6 Jorien Voorhuis Vlag van Nederland Nederland 164,304 40,29 (12) 4.08,27 (7) 1.58,97 (8) 7.09,80 (8)
7 Diane Valkenburg Vlag van Nederland Nederland 164,595 pr 40,52 (16) 4.09,08 (9) 1.58,10 (5) 7.11,96 (10)
8 Jekaterina Sjichova Vlag van Rusland Rusland 164,837 pr 38,83 (1) 4.14,48 (15) 1.58,57 (7) 7.20,71 (12) pr
9 Brittany Schussler Vlag van Canada Canada 164,954 40,17 (9) 4.11,94 (12) 1.58,28 (6) 7.13,68 (11)
10 Maren Haugli Vlag van Noorwegen Noorwegen 165,259 41,06 (19) 4.08,58 (8) 2.01,37 (17) 7.03,13 (5)
11 Cindy Klassen Vlag van Canada Canada 165,722 40,63 (17) 4.11,44 (10) 2.00,26 (16) 7.11,03 (9)
12 Stephanie Beckert Vlag van Duitsland Duitsland 165,912 pr 42,71 (24) 4.05,62 (3) 2.02,21 (19) 6.55,30 (2)
NC13 Hege Bøkko Vlag van Noorwegen Noorwegen 121,613 39,46 (5) pr 4.14,90 (16) pr 1.59,01 (9)
NC14 Jekaterina Lobysjeva Vlag van Rusland Rusland 121,784 39,15 (2) 4.16,37 (21) 1.59,72 (13)
NC15 Maki Tabata Vlag van Japan Japan 122,849 40,37 (14) 4.15,20 (18) 1.59,84 (14)
NC16 Anna Ringsred Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten 122,877 39,91 (7) 4.19,45 (22) 1.59,18 (11)
NC17 Karolína Erbanová Vlag van Tsjechië Tsjechië 123,000 39,31 (3) 4.23,16 (24) 1.59,49 (12)
NC18 Elma de Vries Vlag van Nederland Nederland 123,137 40,17 (9) 4.11,72 (11) 2.03,04 (21)
NC19 Katarzyna Bachleda-Curuś Vlag van Polen Polen 123,402 40,10 (8) 4.19,60 (23) 2.00,11 (15)
NC20 Mari Hemmer Vlag van Noorwegen Noorwegen 123,746 41,08 (20) 4.12,22 (13) 2.01,89 (18)
NC21 Shiho Ishizawa Vlag van Japan Japan 124,411 40,83 (18) 4.15,31 (19) 2.03,09 (22)
NC22 Masako Hozumi Vlag van Japan Japan 124,514 41,36 (21) 4.14,27 (14) 2.02,33 (20)
NC23 Park Do-yeong Vlag van Zuid-Korea Zuid-Korea 125,623 41,72 (23) 4.14,96 (17) 2.04,23 (23)
NC24 Nicole Garrido Vlag van Canada Canada 125,701 41,65 (22) 4.15,51 (20) 2.04,40 (24)
* = met val
NC = niet gekwalificeerd
NF = niet gefinisht
NS = niet gestart
DQ = gediskwalificeerd
Vet gezet = kampioenschapsrecord

Op basis van dit eindklassement worden de startposities voor de Wereldkampioenschappen schaatsen allround 2011 verdeeld tussen de verschillende werelddelen. Europa verwierf 14 startplaatsen (10 rijders bij de eerste 16 plus vier). Noord-Amerika & Oceanië mag 7 rijdsters afvaardigen (5 rijdsters bij de eerste 16 plus twee) en Azië drie (1 rijdster bij de eerste 16 plus twee).

Wereldkampioenschap langebaanschaatsen: Afstanden m / v · Allround m / v · Sprint m / v · Junioren m / v
Mannen alround:1889 · 1890 · 1891 · 1893 · 1894 · 1895 · 1896 · 1897 · 1898 · 1899 · 1900 · 1901 · 1902 · 1903 · 1904 · 1905 · 1906 · 1907 · 1908 · 1909 · 1910 · 1911 · 1912 · 1913 · 1914 · 1922 · 1923 · 1924 · 1925 · 1926 · 1927 · 1928 · 1929 · 1930 · 1931 · 1932 · 1933 · 1934 · 1935 · 1936 · 1937 · 1938 · 1939 · 1947 · 1948 · 1949 · 1950 · 1951 · 1952 · 1953 · 1954 · 1955 · 1956 · 1957 · 1958 · 1959 · 1960 · 1961 · 1962 · 1963 · 1964 · 1965 · 1966 · 1967 · 1968 · 1969 · 1970 · 1971 · 1972 · 1973 · 1974 · 1975 · 1976 · 1977 · 1978 · 1979 · 1980 · 1981 · 1982 · 1983 · 1984 · 1985 · 1986 · 1987 · 1988 · 1989 · 1990 · 1991 · 1992 · 1993 · 1994 · 1995

Vrouwen allround:1933 · 1934 · 1935 · 1936 · 1937 · 1938 · 1939 · 1947 · 1948 · 1949 · 1950 · 1951 · 1952 · 1953 · 1954 · 1955 · 1956 · 1957 · 1958 · 1959 · 1960 · 1961 · 1962 · 1963 · 1964 · 1965 · 1966 · 1967 · 1968 · 1969 · 1970 · 1971 · 1972 · 1973 · 1974 · 1975 · 1976 · 1977 · 1978 · 1979 · 1980 · 1981 · 1982 · 1983 · 1984 · 1985 · 1986 · 1987 · 1988 · 1989 · 1990 · 1991 · 1992 · 1993 · 1994 · 1995

Allround m/v:1996 · 1997 · 1998 · 1999 · 2000 · 2001 · 2002 · 2003 · 2004 · 2005 · 2006 · 2007 · 2008 · 2009 · 2010 · 2011 · 2012 · 2013 · 2014 · 2015 · 2016 · 2017 · 2018 · 2019

Sprint m/v:1970 · 1971 · 1972 · 1973 · 1974 · 1975 · 1976 · 1977 · 1978 · 1979 · 1980 · 1981 · 1982 · 1983 · 1984 · 1985 · 1986 · 1987 · 1988 · 1989 · 1990 · 1991 · 1992 · 1993 · 1994 · 1995 · 1996 · 1997 · 1998 · 1999 · 2000 · 2001 · 2002 · 2003 · 2004 · 2005 · 2006 · 2007 · 2008 · 2009 · 2010 · 2011 · 2012 · 2013 · 2014 · 2015 · 2016 · 2017 · 2018 · 2019

Afstanden m/v:1996 · 1997 · 1998 · 1999 · 2000 · 2001 · 2003 · 2004 · 2005 · 2007 · 2008 · 2009 · 2011 · 2012 · 2013 · 2015 · 2016 · 2017 · 2019

Junioren m/v:1972 · 1973 · 1974 · 1975 · 1976 · 1977 · 1978 · 1979 · 1980 · 1981 · 1982 · 1983 · 1984 · 1985 · 1986 · 1987 · 1988 · 1989 · 1990 · 1991 · 1992 · 1993 · 1994 · 1995 · 1996 · 1997 · 1998 · 1999 · 2000 · 2001 · 2002 · 2003 · 2004 · 2005 · 2006 · 2007 · 2008 · 2009 · 2010 · 2011 · 2012 · 2013 · 2014 · 2015 · 2016 · 2017 · 2018 · 2019