Bacchus (mythologie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bacchus
Triomf van Bacchus en Ariadne, geschilderd door Annibale Carracci rond 1600

Bacchus is in de Romeinse godsdienst de god van de wijn, alsmede god van de roes en van dronkenschap. Hij is de zoon van Jupiter en Semele, de dochter van Kadmos; toen zijn moeder zwanger van hem was, werd zij door Jupiters bliksem getroffen. Het ongeboren kind werd vervolgens in Jupiters dij genaaid, en kwam drie maanden later ter wereld.

Bij de Grieken is hij voornamelijk bekend onder de naam Dionysos hoewel de naam Bakchos ook bij de Grieken af en toe gebruikt werd. Zijn Etruskische tegenhanger is Fufluns. Bij de Romeinen werd Bacchus geïdentificeerd met de Italiaanse god Liber.

Hij werd voorgesteld als een naakte of halfnaakte jongeman, vaak met een kroon van wingerdbladeren en vergezeld door Ariadne of een panter. Ook bestond er in de oudheid een variant van om een jong, mannelijk lichaam en een vrouwelijk gezicht, mogelijk afkomstig van de Romeinse godin Kàka. Hij werd vooral vereerd in Athene, Thracië, Boeotië, India en op het eiland Naxos, het eiland waar Theseus Ariadne achterliet. Hij trok met een stoet van dieren, maar ook van Maenaden en satyrs rond om de mensen de teelt van fruitbomen en vooral van de wijnstok te leren. Maar behalve dronkenschap bracht hij ook beschaving en inspiratie in de schone kunsten.

Veel kunstenaars, vooral uit de renaissance en de barok, hebben levenslustige Bacchusfiguren uitgebeeld. Maar ook in modernere tijden komt hij in de kunst voor. Enkele voorbeelden zijn het ballet Bacchus et Ariane van Albert Roussel en Dionyzos, de roman van Louis Couperus.

Galerij[bewerken]

Externe links[bewerken]