Engelbert Dollfuss

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dollfuss in 1933

Engelbert Dollfuss (Duits: Dollfuß; Texing, 4 oktober 1892Wenen, 25 juli 1934) was een Oostenrijks christen-sociaal politicus.

Biografie[bewerken]

Dollfuss met klarinet (midden), 1912

Dollfuss was een boerenzoon uit Neder-Oostenrijk en studeerde rechten in Wenen en Berlijn. Hij was lid van K.Ö.H.V. Franco-Bavaria Wien en K.D.St.V. Germania Berlin, twee studentenverenigingen die behoorden tot het Cartellverband der katholischen deutschen Studentenverbindungen. In zijn vrije tijd verrichtte hij sociaal werk. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vocht hij, ondanks zijn bescheiden lengte, in het Oostenrijk-Hongaars leger aan het front met Italië. Na de oorlog werd hij actief binnen de Christelijk-Sociale Partij en stichtte hij een Landbouwersbond om de boeren te helpen. Eind jaren twintig werd hij lid van het Oostenrijkse parlement. In 1927 werd Dollfuss directeur van de Neder-Oostenrijkse Landbouwkamer en in 1930 president van de Neder-Oostenrijkse Bundesbahn. In maart 1931 werd Dollfuss minister van Landbouw.

Bondskanselier van Oostenrijk[bewerken]

In mei 1932 werd hij tevens minister-president (Bundeskanzler) en minister van Binnenlandse Zaken. Zijn kabinet bestond uit de Christelijk-Sociale Partij, de (semi-fascistische) Heimwehr en de Landbouwpartij.

Dolfuss als dictator van Oostenrijk[bewerken]

Na een korte kabinetscrisis diende Dollfuss zijn ontslag in, hij werd herbenoemd met volmachten en regeerde sindsdien dictatoriaal (1933). Met behulp van de grote mogendheden - met name het fascistische Italië - trachtte Dollfuss de economische en financiële toestand te verbeteren, hetgeen echter niet lukte.

Na de machtsovername in Duitsland door de nazi's op 30 januari 1933), richtte een bevreesde Dollfuss zich nog meer op Italië. Op advies van Benito Mussolini bond hij de strijd aan met de nationaalsocialisten en de sociaaldemocraten; beide tegenstanders van Dollfuss' politiek. Zowel de Oostenrijkse nazipartij als de sociaaldemocratische partij werden verboden.

Oostenrijkse burgeroorlog en de nieuwe grondwet[bewerken]

In februari 1934 viel het Oostenrijkse Leger, de Bundesheer, gesteund door de Heimwehr en andere paramilitaire groepen de Weense arbeiderswijk aan om het socialisme aldaar te breken. Dit leidde tot een korte, maar hevige burgeroorlog, waarbij de sociaaldemocraten gesteund door communistische activisten zich kranig verzetten. De sociaaldemocratische leiders gingen daarop naar het buitenland of doken onder en gingen de illegaliteit in. Tegelijkertijd werden op andere plaatsen in het land NSDAP-afdelingen aangevallen en opgeheven; vele nazi's werd opgesloten in politieke gevangenissen. Op 1 mei 1934 voerde Dollfuss een nieuwe, corporatieve (corporatisme) grondwet in. Voortaan was alleen het Vaderlands Front toegestaan, een overkoepelende massaorganisatie.

Moord[bewerken]

Op 25 juli 1934 pleegden nazi's onder leiding van Dr. Anton Rintelen een staatsgreep. SA-eenheden wisten door te dringen in het regeringspaleis en schoten Dollfuss neer, die enige tijd later aan zijn verwondingen bezweek. De staatsgreep mislukte echter wegens de slechte communicatie tussen de samenzweerders en de coupplegers werden gearresteerd. De pro-Dollfuss-troepen doodden enkele coupplegers in schietgevechten. Dollfuss' opvolger als premier werd Kurt von Schuschnigg.

Gestalte[bewerken]

Dollfuss was klein van gestalte (155 cm, 150 cm volgens de New York Times) en dit was ook vaak onderwerp van spot. Hij kreeg bijgevolg een aantal bijnamen zoals 'Millimetternich' en "Jockey". In een koffiehuis in Wenen kon men een "Dollfuss" koffie bestellen, wat eigenlijk een klein kopje koffie betekende. Zijn persoonlijke assistent en secretaris, Eduard Hedvicek, was daarentegen van gestalte heel groot (200 cm). Hij speelde een belangrijke rol in de onsuccesvolle poging om het leven van Dollfuss te redden.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Voorganger:
Karl Buresch
Bondskanselier van Oostenrijk
1932-1934
Opvolger:
Kurt Schuschnigg