HermeLijn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hermelijnen
De Lijn 6318 Gent Zwijnaardsesteenweg 27-12-2006.jpg
Product Lagevloertram
Aantal 83 (1-richting)
41 (2-richting)
Serie Antwerpen: 7201-7231, 7232-7271, 7272-7284[1]
Gent: 6301-6314, 6315-6331, 6332-6341 (in pool met de Kust)
Fabrikant Siemens
Bombardier Transportation
Bouwjaar 1999-2000
2004
2006-2007
2011-2012[1]
Assen 6
Spoorwijdte 1.000 mm
Massa 39 ton
Lengte over buffers 29,60 m
Breedte 2,30 m
Dienstsnelheid 70 km/h (in Gent 50 km/u)
Vloerhoogte 300 mm
Deuren 5, tweede serie 4 (8 bij 2-richting)
Aantal zitplaatsen 74 (58 bij 2-richting)
Aantal staanplaatsen 176 (192 bij 2-richting)
Techniek
Voeding 350 V tot 800 V, normaal 700 V DC
Vermogen 380 kW
Portaal  Portaalicoon   Openbaar vervoer
Verkeer & Vervoer
Interieur van een Antwerpse HermeLijn

De HermeLijn is de bijnaam van een aantal series lagevloertrams van de Vlaamse Vervoermaatschappij "De Lijn", die dienstdoen op de tramnetten van Antwerpen, Gent en (vooral 's zomers) op de Vlaamse kusttramlijn.

Beschrijving[bewerken]

Het ontwerp van de HermeLijn is gebaseerd op het stadstramtype MGT6 van Dresden. Voor de Vlaamse tramsteden is het model aangepast voor meterspoor. Kleurstelling en inrichting zijn opnieuw ontworpen. De trams worden gebouwd door Siemens / DWA (sinds 1998 onderdeel van Bombardier Transportation) in het Duitse Bautzen.

De naam HermeLijn is ontstaan na een prijsvraag onder de Gentse trambestuurders[bron?]. De trams zijn genoemd naar de hermelijn, omdat de vorm en de kleurstelling van het materieel enigszins doet denken aan het winterkleed van dit roofdiertje. De hoofdletter "L" houdt verband met de bijnaam van de Vlaamse Vervoermaatschappij (De Lijn). Soms wordt ook de bijnaam Eenhoorn gebruikt, wegens de radioantenne die vooraan zichtbaar is[bron?].

De Antwerpse trams hebben eveneens de naam HermeLijn gekregen, hoewel even voordien de Gazet van Antwerpen de naam Salamander lanceerde voor deze tram. Deze benaming wordt namelijk gebruikt voor Dresdense lagevloertrams, waarop de HermeLijn gebaseerd is. De Gentse HermeLijn heeft in tegenstelling tot de Antwerpse versie een cabine aan elk uiteinde en deuren aan twee kanten, omdat het tramnet enkel kopeindpunten heeft (alleen het eindpunt Flanders Expo heeft een keerlus). Het aantal zitplaatsen is daardoor veel kleiner (58 in Gent, 74 in Antwerpen) maar het aantal staanplaatsen is groter (192 in Gent en 176 in Antwerpen).

De HermeLijnen bestaan uit vijf delen (vier geledingen), waarvan 3 korte motorbakken en 2 lange bakken met deuren en een vlakke en lage vloer (35 centimeter boven de spoorstaaf). In tegenstelling tot de Combino heeft de HermeLijn geen vlakke vloer in de motorbakken, wat een nadeel kan zijn voor gehandicapten. Een voordeel is echter dat daardoor meer zitplaatsen gecreëerd konden worden in de motorbak. De tram heeft een gewicht van 39 ton en heeft een lengte van 29,60 meter en de breedte is 2,30 op zitniveau. Op instapniveau is de breedte 2,20 m. Van de zes de assen worden er vier aangedreven door vier elektromotoren met een vermogen van 95 kW elk. De tram haalt een maximumsnelheid van 70 km/h. In eerste instantie werden er 14 tweerichtingtrams voor Gent en 31 eenrichtingtrams voor Antwerpen besteld.

In oktober 2005 werd bekend dat de 45 HermeLijnen van de eerste serie te kampen hadden met scheurtjes in de constructie. De trams werden teruggestuurd naar de fabriek in Bautzen om te worden gerepareerd.

In het voorjaar van 2013 werd op de Gentse 6333 nieuwe lichten gemonteerd (aan één kant) , de tram rijdt nu rond met modernere xenon-verlichting.

Tweede reeks[bewerken]

In 2004 werd een tweede bestelling voor 47 trams (17 trams voor Gent, 30 trams voor Antwerpen) geleverd. Deze bestelling werd later uitgebreid met 10 trams. Deze laatsten (6332-6341) zijn pooltrams voor Gent en de Kusttram, in het dalseizoen rijden de trams in Gent, in de zomermaanden op de Kustlijn. De trams worden dan via uitzonderlijk vervoer naar Oostende getransporteerd. Elk jaar blijft één tram uit Gent en één tram uit Antwerpen aan de kust om trambestuurders op te leiden en gedurende de weekends en schoolvakanties extra ritten te voorzien (vaak tussen Oostende Station en Westende Bad).

HermeLijn 7255 uit de tweede reeks voor station Antwerpen-Centraal op lijn 24 op 19 augustus 2011.

De prijs van een HermeLijn is ongeveer 2 miljoen euro. Bij de nieuwe HermeLijnen is de bestuurscabine over de hele breedte van de tram uitgevoerd. De voorste enkele instapdeur fungeert bijgevolg als diensttoegang voor de trambestuurder. Aan de haltes werden kaartautomaten geplaatst, zodat reizigers zonder abonnement of lijnkaart daar hun kaartje kunnen kopen. De bestuurderscabine werd aangepast om het contact met de reizigers te verbeteren, onder meer met een dubbele spreekrozet. Opmerkelijk is dat de Antwerpse trams vanaf 7266, en de pooltrams 6332-6341, opnieuw een bestuurderscabine hebben als de HermeLijnen van het eerste type. Dit omdat ze zo gemakkelijker inzetbaar zijn op de Kustlijn.

Bovendien zijn de nieuwe trams uitgerust met een visueel en auditief reizigersinformatiesysteem voor de halteaankondiging in het voertuig. Ook werd een derde remlicht op de voertuigen geplaatst. De voertuigen zijn uitgerust met inwendige vijzelpunten, hierdoor zal bij een ontsporing het voertuig vlugger weer op de sporen kunnen worden gezet, wat in de premetrotunnels een groot voordeel kan zijn. Bovendien bieden ze een verbeterde toegang voor gehandicapten door o.a. voorbehouden plaatsen en speciale knoppen te voorzien.

Op 26 mei 2004 is de Hermelijn 2 in Antwerpen gepresenteerd aan de pers. In de dagen daarna werden de eerste tramstellen van dit nieuwe type ingezet op lijn 3.

Derde reeks[bewerken]

In november 2009 raakte bekend dat De Lijn gebruik zal maken van haar mogelijkheid een derde reeks te bestellen. Vanaf 2012 zullen in totaal 13 bijkomende eenrichting-HermeLijnen geleverd worden.

Kenmerkend voor trams uit deze reeks zijn de LED-schermen om lijnnummer en eindbestemming aan te duiden (in plaats van de traditionele lijnfilms).

Door waterschade tijdens het productieproces van de trams in de fabriek van Siemens kwam de tram met nummer 7284 het laatste aan in Antwerpen.

Trivia[bewerken]

  • In november 2010 werd de Gentse 6309 voorzien van meetapparatuur om gedetailleerd het stroomverbruik vast te stellen. Als gevolg hiervan kon met kleine maatregelen een energiebesparing van 20 procent worden behaald.[1]
Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c Schenk, B.A. & M.R. van den Toorn (2013), Trams 2014. Alkmaar: De Alk.