Misjna

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geïllustreerd voor- en achterblad van een Misjna-uitgave, Mezhiebiez, circa 1840

De Misjna (Hebreeuws: מִשְׁנָה, "herhaling" of "leer") omvat de zogeheten mondelinge Thora tezamen met allerlei commentaren daarop.

Volgens de joodse traditie heeft God toen Hij aan Mozes de - schriftelijke - Thora gaf (die men terugvindt in de Tenach) eveneens een mondelinge toelichting daarop verstrekt, die Misjna wordt genoemd. Verzamelingen hiervan met bijbehorende latere commentaren zijn op een gegeven moment op schrift gesteld. De Misjna bevat leerstellingen van ongeveer 120 joodse geleerden, de Tanna'iem genaamd. In het enkelvoud Tanna, hetgeen evenals de term Misjna afstamt van de werkwoordstam onderwijzen door herhaling.[1]

Codificatie[bewerken]

Omstreeks 200 heeft rabbi Jehoeda Hanassi (ca. 135 - 200), de toenmalige Patriarch van Galilea, uiteindelijk al deze Misjnaverzamelingen gerangschikt en tot een systematisch geheel gesmeed. Daarmee werd de tot die tijd mondeling overgeleverde leer gecodificeerd. De vraag rijst waarom de mondelinge leer op schrift is gesteld. De mondelinge leer moest immers vooral geen statisch geheel worden, maar juist dynamisch blijven door haar mondeling over te leveren met de nodige wijzigingen en toevoegingen. Door het schriftelijk ervan vastleggen zou de Misjna wellicht minder intensief bestudeerd worden. De reden waarom toch tot codificatie is overgegaan ligt in het feit dat de omstandigheden inmiddels waren veranderd. Door de wereldwijde diaspora en het dientengevolge ontbreken van een centraal gezag, vreesde men dat de mondelinge leer verloren zou gaan.[2]

Een aantal pasoekiem (regels) van de Misjna van het zogenaamde Kaufmann-manuscript van rond de 12e eeuw. Het wordt gezien als één van de belangwekkendste publicaties van de Misjna.

Betekenis[bewerken]

De betekenis van de term Misjna is niet geheel duidelijk. Doorgaans wordt de vertaling 'herhalen' gebruikt maar volgens sommigen is dit een foute vertaling en dekt 'lering' of 'leren' meer de lading.[3]

Naast de Misjna bestaat ook de Tosefta. Eveneens een verzameling van mondelinge commentaren over dezelfde onderwerpen en met dezelfde indeling in hoofdstukken, maar uitgebreider dan de Misjna. De Tosefta is verzameld door een andere groep rabbijnen dan de Misjna en om die reden minder gezaghebbend. De Tosefta geeft wel vaak meer uitleg dan de Misjna en kan daarom gebruikt worden voor beter begrip.

Opbouw[bewerken]

De Misjna is verdeeld in zes sedariem (hoofdafdelingen):

  • Zera'iem - zaden; Deze seder betreft voorschriften inzake akkerbouw.
  • Mo'eed - jaargetijden; Voorschriften aangaande de bijzondere dagen in het joodse jaar.
  • Nasjiem - vrouwen; Huwelijksrecht aangaande huwelijk en echtscheiding.
  • Neziekien - schades; Crimineel en civielrecht aangaande schade, letsel en belediging.
  • Kodasjiem - heilige zaken; Offerwetten en al wat met de Tempeldienst in verband staat.
  • Taharot - reinheid; Voornamelijk bepalingen over persoonlijke en godsdienstige reinheid.

Deze zes hoofdafdelingen zijn onderverdeeld in masechtot (traktaten) die op hun beurt zijn onderverdeeld in perakiem (hoofdstukken). Deze perakiem zijn eveneens verder verdeeld in Misjnajot of Halachot.

In totaal bestaat de Misjna uit:

  • 63 Masechtot (tractaten)
  • 525 Perakiem (hoofdstukken)
  • 4178 Misjnajot of Halachot (wetten, regels)

De Misjna geeft hiermee een stelsel van wetten voor zowel theoretische als praktische kwesties.

Deze wetten werden vervolgens middels diepgaand onderzoek in de vorm van verklaringen en uiteenzettingen in discussievorm, door de Rabbijnen in de jaren van de Gemara (Talmoed) uitgebreid. De Gemara is het deel van de Talmoed waarin de kale wetten van de Misjna uitgebreid worden besproken en toegepast op zowel echte als fictieve situaties. Vervolgens zijn er ook daarop verklaringen geschreven.

Taal[bewerken]

Het Hebreeuws van de Misjna verschilt enigszins van het Hebreeuws van de Tenach. De Misjna is weliswaar geschreven in het Hebreeuws maar er zijn ook enige woorden ontleend aan het Aramees, Grieks en het Syrisch. De Misjna is daardoor veel moeilijker te lezen dan de Tenach. Om de Misjna voor een groter publiek toegankelijk te maken is de Misjna in vele talen vertaald, waaronder het Engels, Jiddisch, en gedeeltelijk in het Nederlands.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Zie Ch. Pearl en R. S. Brooks, vertaald en bewerkt door H. Boas en Y. Colthof, Wegwijs in het Jodendom, NIK, Amsterdam, 1997, pg. 78.
  2. Zie R. Evers, Talmoedisch Denken, Amphora Books, 1999, p. 18.
  3. Volgens de Nederlandse Rabbijn T. Tal heeft dit te maken met het verschil in Nieuw- en Oud-Hebreeuws. In zijn woorden: "...Dit laatste betekent: het dubbelen, het tweede in rang of in de rij, vandaar: herhaling. Maar het Nieuw-Hebr. Misjna is een geheel ander woord met de betekenis van leering, leerstelling, uitspraak, sententie, of als de naam van het bedoelde werk: verzameling van sententiën." Zie T. Tal, Een blik in Talmoed en Evangelie, tevens mijn laatste woord aan prof. Oort in deze zaak, M. Roest Mz., Amsterdam, 1881, pg. 7 e.v.