Lichtbreking
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Breking van licht of refractie is het verschijnsel dat lichtstralen van richting veranderen als ze van het ene medium (doorzichtige stof) in het andere terecht komen.
De verandering in richting wordt bepaald door de optische dichtheid (of brekingsindex) van de twee media (hoe groter het verschil des te groter de breking) en door de invalshoek waaronder de bundel het grensvlak treft (hoe groter de hoek des te groter de breking).
[bewerk] Wet
Breking wordt beschreven in de Wet van Snellius, die de hoek van inval θ1 en de hoek van breking θ2 zich verhouden als
of
waarin v1 en v2 de golfsnelheden van de twee stoffen zijn, en n1 en n2 de brekingsindices.
Voor verschillende golflengtes (dus kleuren) licht is de breking meestal ook verschillend, hierdoor wordt bijv. in een prisma een lichtbundel gebroken (opgesplitst) in bundels verschillende kleuren, dus in licht met verschillende frequenties. Dit verschijnsel wordt dispersie of kleurschifting genoemd en is de oorzaak van chromatische aberratie in lenzen.
Een bekend voorbeeld: als het regent terwijl de zon schijnt worden de lichtstralen van de zon gebroken (en intern weerkaatst) door de regendruppels. Als je met de rug naar de zon staat zie je vóór je een regenboog.
In anisotrope media treedt dubbele breking op.
| Meer afbeeldingen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden in de categorie Refraction van Wikimedia Commons. |



