Sarah Bernhardt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sarah Bernhardt (Foto: Nadar)

Sarah Bernhardt, geboren als Rosine Bernardt (Parijs, 22 oktober 1844 - aldaar, 26 maart 1923) was een Frans actrice, misschien wel de beroemdste van haar generatie.

Levensloop[bewerken]

Zij was een in haar tijd zeer bekende actrice met een Nederlandse moeder, Julie Bernardt, en een vader van onbekende nationaliteit. Hoogstwaarschijnlijk was haar vader geen Fransman. Ze voegde zowel aan haar voor- als achternaam de letter h toe, om haar Nederlandse afkomst en het feit dat ze een buitenechtelijk kind was, te verdoezelen. Feitelijk was ze Nederlandse en geen Franse. De naam die ze voor haar vader bedacht, Edouard Bernhardt, was in werkelijkheid de naam (zonder h) van haar moeders broer. Haar grootvader Moritz Bernardt was een berucht joods koopman in Amsterdam. Waarschijnlijk is haar joodse moeder Julie eveneens in Amsterdam geboren.

Sarah Bernhardt werd een van de allergrootste actrices van haar tijd en blijft de grootste Franse theaterlegende uit de geschiedenis. Ze trad niet alleen op in Parijs, waar een schouwburg naar haar werd vernoemd, maar maakte vele tournees rond de wereld en trad op in Londen, New York, Amsterdam en Antwerpen. Bij een optreden in Londen zou de Britse schrijver Oscar Wilde lelies aan haar voeten hebben geworpen en haar "The Divine Sarah" (De Goddelijke Sarah) hebben genoemd, hetgeen altijd haar bijnaam bleef. In Amerika zei de schrijver Mark Twain: "Er zijn vijf soorten actrices; slechte, redelijke, goede, geweldige. En dan heb je Sarah Bernhardt."

Het bekendst was haar vertolking in "La Dame aux Camélias" van Alexandre Dumas fils. Op latere leeftijd speelde ze tevens de hoofdrol in een reeks films, waarvan vooral "La Reine Elizabeth" een wereldwijd succes was. In Amerika werd de Franse stomme film vertoond als "Queen Elizabeth" en was het de allereerste lange speelfilm die landelijk in Amerika werd uitgebracht. Met haar tegenspeler, de 37 jaar jongere Nederlandse acteur Lou Tellegen, had Bernhardt een relatie.

Bernhardt was atheïst.

Sarah Bernhardt overleed aan uremia die volgde op nierfalen in 1923; 78 jaar oud.[1] Ze heeft een ster op de Hollywood Walk of Fame bij Vine Street 1751.[2]

Ze ligt begraven op het Parijse kerkhof cimetière du Père-Lachaise.

Bernhardt bezat een aanzienlijke verzameling sieraden, die na haar dood verspreid is geraakt. Zij gaf met regelmaat opdracht aan René Lalique juwelen voor haar te ontwerpen. Beroemd is de armband in de vorm van een slang uit 1899 ontworpen door Alphonse Mucha en uitgevoerd door Jean Fouquet.

Stukken en rollen[bewerken]

Sarah Bernhardt, foto Napoleon Sarony

In deze lijst zijn geen hernemingen of speciale voorstellingen opgenomen.

  • 1861: Les Enfants d'Edouard (Casimir Delavigne), rol van Edouard V.
  • 1861: Les Premières Armes de Richelieu (Jean-François-Alfred Bayard, Dumanoir), rol van Richelieu.
  • 1862: Iphigénie (Jean-Baptiste Racine), rol van Iphigénie.
  • 1862: Valérie (Augustin Eugène Scribe, Anne-Honoré-Joseph Duveyrier genoemd: Mélesville), rol van Valérie.
  • 1862: Les Femmes Savantes (Molière), rol van Henriette.
  • 1862: l' Etourdi (Molière), rol van Hippolyte.
  • 1864: Le Père de la Debutante (Théaulon, Jean-François-Alfred Bayard), rol van Anita.
  • 1864: Le Démon du Jeu (Théodore Barrière, Henri Chrisafulli), rol van Amélie de Villefontaine.
  • 1864: La Maison sans Enfants (Pinel Dumanoir), rol van Madame de Rives.
  • 1864: l' Etourneau (Jean-François-Alfred Bayard, Léon Laya), in de rol van Anita.
  • 1864: Le Premier Pas (Eugène Labiche, Alfred Delacour), in de rol van Clémence.
  • 1864: Un Soufflet n'est Jamais Perdu (Jean-François-Alfred Bayard), in de rol van Jeannette.
  • 1864: Un Mari qui Lance sa Femme (Eugène Labiche, Raymond Deslandes), rol van prinses Douchinka.
  • 1865: La Biche au Bois (Théodore en Hyppolyte Cogniard), rol van Prinses Désirée.
  • 1866: Le jeu de l'Amour et du Hasard (Pierre Carlet de Chamblain de Marivaux), rol van Silvia.
  • 1866: Phèdre (Jean-Baptiste Racine), rol van Aricie.
  • 1867: Les Femmes Savantes (Molière), rol van Armande.
  • 1867: Le Roi Lear (William Shakespeare), rol van Cordelia.
  • 1867: Athalie (Jean-Baptiste Racine), rol van Zacharie.
  • 1867: Le Testament de César Girodot (Adolphe Belot, Edmond Villetard), rol van Hortense.
  • 1867: François-le-Champi (George Sand), rol van Mariette.
  • 1867: Le Marquis de Villemer (George Sand), rol van Barones d'Arglade.
  • 1867: Le Drame de la rue de la Paix (Adolphe Bélot), rol van Julia Vidal.
  • 1867: Aux Arrêts (De Boissières), rol van Amélie.
  • 1867: Britannicus (Jean-Baptiste Racine), rol van Albine.
  • 1867: Le Malade Imaginaire (Molière), rol van Angélique.
  • 1867: Le Legs (Pierre Carlet de Chamblain de Marivaux), rol van Hortense.
  • 1868: Kean (Dumas père), rol van Anna Damby.
  • 1868: La Loterie du Mariage (Jules Barbier), rol van Laure Dufour.
  • 1869: Le Passant (François Coppée), rol van Zanetto.
  • 1869: Le Bâtard (Alphonse Touroude).
  • 1869: La Gloire de Molière (Théodore de Banville).
  • 1870: l'Affranchi (Latour de Saint-Ybars), rol van Bérénice.
  • 1870: l'Autre (George Sand), rol van Hélène de Mérangis.
  • 1871: Fais ce que dois (François Coppée), rol van Marthe.
  • 1871: La Baronne (Edouard Foussier, Charles Edmond), rol van Geneviève.
  • 1871: Jean-Marie (André Theuriet), rol van Thérèse.
  • 1872: Mademoiselle Aissé (Louis Bouilhet), rol van Mademoiselle Aissé.
  • 1872: Ruy Blas (Victor Hugo), rol van Doña Maira de Neubourg, Koningin van Spanje.
  • 1872: Mademoiselle de Belle Isle (Dumas père), rol van Gabrielle, Mademoiselle de Belle-Isle.
  • 1872: Le Cid (Pierre Corneille), rol van Chimène.
  • 1872: Britannicus (Jean-Baptiste Racine), rol van Junie.
  • 1872: Mademoiselle de la Seiglière (Jules Sandeau), rol van Hélène.
  • 1873: Le Mariage de Figaro (Pierre-Augustin Caron de Beaumarchais), rol van Chérubin.
  • 1873: Dalila (Octave Feuillet), rol van Prinses Falconieri.
  • 1873: l'Absent (Eugène Manuel), rol van Mistress Douglas.
  • 1873: Chez l'Avovat (Paul Ferier), rol van Marthe.
  • 1873: Andromaqe (Jean-Baptiste Racine), rol van Andromaqe.
  • 1874: Le Sphynx (Octave Feuillet), rol van Berthe de Savigny.
  • 1874: La belle Paule (Louis Denayrousse), rol van Henri de Ligniville.
  • 1874: Zaïre (Voltaire), rol van Zaïre.
  • 1874: Péril en la Demeure (Octave Feuillet), rol van Caroline de la Roseraie.
  • 1874: Phèdre (Jean-Baptiste Racine), rol van Phèdre.
  • 1875: La Fille de Roland (Henri de Bornier), rol van Berthe.
  • 1875: Gabrielle (Émile Augier), rol van Gabrielle.
  • 1876: l'Etrangère (Dumas-fils), rol van Mrs. Clarkson.
  • 1876: La Nuit de Mai (Alfred de Musset), rol van de Muze.
  • 1876: Rome Vaincue (Alexandre Parodi), rol van Posthumnia.
  • 1877: Hermani (Victor Hugo), rol van Doña Sol.
  • 1878: Othello (Shakespeare, Jean Aicard), rol van Desdemona.
  • 1878: Amphytrion (Molière), rol van Alcmène.
  • 1879: Mithridate (Jean-Baptiste Racine), rol van Monime.
  • 1880: l'Aventurière (Emile Augier), rol van Doña Clorinde.
  • 1880: Le Sphynx (Octave Feuillet), rol van Blanche de Chelles.
  • 1880: Adrienne Lecouvreur (Augustin Eugène Scribe, Legouvé), rol van Adrienne.
  • 1880: Froufrou (Henri Meilhac, Ludovic Halévy), rol van Gilberte.
  • 1880: La Dame aux Camélias (Alexandre Dumas-fils), rol van Marguerite Gauthier.
  • 1881: La Princesse Georges (Alexandre Dumas-fils), rol van Sévérine.
  • 1882: Fédora (Victorien Sardou), rol van Fédora.
  • 1882: Les Faux Ménages (Pailleron), rol van Esther.
  • 1883: Nana-Sahib (Jean Richepin), rol van Djamma.
  • 1883: Pierrot Assassin (Jean Richepin).
  • 1884: Macbeth (William Shakespeare, Jean Richepin), rol van Lady Macbeth.
  • 1884: Théodora (Victorien Sardou), rol van Théodora.
  • 1885: Marion Delorme (Victor Hugo), rol van Marion.
  • 1886: Hamlet (William Shakespeare, Cressonois, Samson), rol van Ophelia.
  • 1886: Le Maître des Forges (Georges Ohnet), rol van Claire de Beaulieu.
  • 1886: l'Aveu (Sarah Bernhardt), rol van Comtesse Marthe de Rocca.
  • 1887: La Tosca (Victorien Sardou), rol van Floria Tosca.
  • 1888: Francillon (Alexandre Dumas-fils), rol van Francine de Riverolles.
  • 1889: Léna (Pierre Berton, F.C. Phillips), rol van Léna.
Sarah Bernhardt (Foto: Nadar)
  • 1890: Jeanne d'Arc (Jules Barbier), rol van Jeanne d'Arc.
  • 1890: Cléopâtre (Victorien Sardou), rol van Cléopâtre.
  • 1890: La Passion (Edmond Haraucourt).
  • 1891: Gringoire (Théodore de Banville).
  • 1891: La Dame de Chalant (Giuseppe Giacosa), rol van Gringoire.
  • 1892: Léah (Albert Darmont), rol van Léah.
  • 1892: On ne Badine pas avec l'Amour (Alfred de Musset), rol van Camille.
  • 1892: Pauline Blanchard (Albert Darmont, A. Humbolt), rol van Pauline.
  • 1893: Les Rois (Jules Lemaître), rol van prinses Wilhelmine.
  • 1894: Izéil (Eugène Morand, Armand Silvestre), rol van Izéil.
  • 1894: La femme de Claude (Alexandre Dumas-fils), rol van Césarine.
  • 1894: Gismonda (Victorien Sardou), rol van Gismonda.
  • 1895: Amphytrion (Molière).
  • 1895: Magda (Herman Sudermann), rol van Magda.
  • 1895: La Princesse Lointaine (Edmond Rostand), rol van Mélissinde.
  • 1896: Lorenzaccio (Alfred de Musset), rol van Lorenzaccio.
  • 1897: Spiritisme (Victorien Sardou), rol van Simonne.
  • 1897: La Samaritaine (Edmond Rostand), rol van Photine.
  • 1897: Les Mauvais Bergers (Octave Mirbeau), rol van Madeleine.
  • 1898: La Ville Morte (Gabriele d'Annunzio), rol van Anne.
  • 1898: Lysiane (Romain Coölus), rol van Lysiane.
  • 1898: Medée (Catulle Mendès), rol van Medée.
  • 1899: Hamlet (William Shakespeare, Marcel Schwob, Eugène Morand), rol van Hamlet.
  • 1900: l'Aiglon (Edmond Rostand), rol van Duc de Reichstadt.
  • 1900: Cyrano de Bergerac (Edmond Rostand), rol van Roxane.
  • 1900: l'Etincelle (Edouard Pailleron), rol van Léonie de rénat.
  • 1901: La pluie et le beau Temps (Léon Gozlan), rol van de barones.
  • 1901: Les Précieuses Ridicules (Molière), rol van Madelon.
  • 1902: Francesca da Rimini (Marion Crawford, Marcel Schwob), rol van Francesca.
  • 1902: Sapho (Alphonse Daudet), rol van Fanny Legrand.
  • 1902: Théroigne de Méricourt (Paul Hervieu), rol van Théroigne.
  • 1903: Andromaqe (Jean-Baptiste Racine), rol van Hermione.
  • 1903: Circé (Charles Richet), rol van Circé.
  • 1903: Bohèmos (Miguel Zamacoïs).
  • 1903: Werther (Goethe, Pierre Decourcelle), rol van Werther.
  • 1903: Plus que reine (Emile Bergerat), rol van Joséphine.
  • 1903: La Légende du coeur (Aicard), rol van Cabestaing.
  • 1903: Jeanne Wedekind (Filippi, Krauss), rol van Jeanne Wedekind.
  • 1903: La sorcière (Victorien Sardou), rol van Zoraya.
  • 1904: Le Festin de la Mort (marquis de Castellane), rol van Madame de Maujourdain.
  • 1904: Varennes (Henri Lavedan, Georges Lenôtre), rol van Marie-Antoinette.
  • 1905: Angelo (Victor Hugo), rol van Thisbé.
  • 1905: Esther (Jean-Baptiste Racine), rol van Assuérus.
  • 1905: Pelléas et Mélisandre (Maurice Maeterlinck), rol van Pelléas.
  • 1905: Adrienne Lecouvreur (Sarah Bernhardt), rol van Adrienne.
  • 1906: La Vierge d'Avila (Catulle Mendès), rol van Sainte Thérèse.
  • 1907: Les Bouffons (Miguel Zamacoïs), rol van Jacasse.
  • 1907: Le Réveil (Paul Hervieu), rol van Thérèse de Mégée.
  • 1907: Le Vert-Galant (Emile Moreau), rol van koningin Margot.
  • 1907: La Belle au Bois Dormant (Jean Richepin), rol van prins Charming.
  • 1908: La Courtisane de Corinthe (Michel Carré, Paul Bilhaud), rol van Cléonice.
  • 1908: La Passé (Georges de PortoRiche), rol van Dominique Brienne.
  • 1909: La Nuit de Mai (Alfred de Musset), rol van de poëet.
  • 1909: La fille de Rabenstein (Remon).
  • 1909: Le Procès de Jeanne d'Arc (Emile Moreau), rol van Jeanne d'Arc.
  • 1909: Cyrano de Bergerac (Edmond Rostand), rol van Cyrano.
  • 1910: La Beffa (Jean Richepin, Sam Binelli), rol van Gianetto Malespini.
  • 1910: La Femme X (Alexandre Bisson), rol van Jacqueline.
  • 1910: Judas (John De Kay, Chassagne), rol van Judas.
  • 1911: Lucrèce Borgia (Victor Hugo), rol van Lucrèce.
  • 1911: Soeur Béatrice (Maurice Maeterlinck), rol van Béatrice.
  • 1911: Tartuffe (Molière), rol van Dorine.
  • 1912: La Reine Elizabeth (Emile Moreau), rol van koningin Elizabeth.
  • 1912: Une Nuit de Noël sous le terreur (Maurice Bernhardt, Henri Cain), rol van Marion.
  • 1913: Jeanne Doré (Tristan Bernard), rol van Jeanne Doré.
  • 1914: Tout à Coup (Paul en Guy de Cassagnac), rol van Markies de Chalonne.
  • 1915: Les Cathédrales (Eugène Morand), rol van Strasbourg.
  • 1916: La Mort de Cléopâtre (Maurice Bernhardt, Henri Cain), rol van Cléopatra.
  • 1916: l'Holocauste (Sarah Bernhardt), rol van de hertogin.
  • 1916: Du Théatre au Champ d'Honneur (een onbekende Franse soldaat), rol van Marc Bertrand.
  • 1916: Vitrail (René Fauchois), rol van Violaine.
  • 1916: Hécube (Maurice Bernhardt, René Chavance), rol van Hécube.
  • 1916: Le Faux Modèle (Edouard Daurelly), rol van Madeleine.
  • 1916: Le Marchand de Venise (William Shakespeare), rol van Portia.
  • 1916: l'Etoile dans la Nuit (Henri Cain), rol van Jane de Mauduit.
  • 1920: Athalie (Jean-Baptiste Racine), rol van Athalie.
  • 1920: Daniel (Louis Verneuil), rol van Daniel Arnault.
  • 1920: Comment on écrit l'Histoire (Sacha Guitry), rol van Mariette.
  • 1921: La Gloire (Maurice Rostand), rol van La Gloire.
  • 1922: Régine Arnaud (Louis Verneuil), rol van Régine Arnaud.
  • 1922: La Mort de Molière (Maurice Rostand).

Filmografie[bewerken]

  • 1900: Le Duel d'Hamlet (William Shakespeare), regie Clément Maurice. Sarah Bernhardt in de rol van Hamlet.
  • 1909: La Tosca (André Calmettes, Victorien Sardou), regie Charles Le Bargy, André Calmettes.
  • 1912: La Dame aux Camélias (Camille) (Alexandre Dumas fils, Henri Pouctal), regie André Calmettes, Henri Pouctal. Sarah Bernhardt in de rol van Camille (Marguerite Gauthier).
  • 1912: Reine Elisabeth (Emile Moreau), regie Henri Desfontaines, Louis Mercanton. Sarah Bernhardt in de rol van Koningin Elisabeth I.
  • 1912: Sarah Bernhardt à Belle-Isle. Sarah Bernhardt speelt zichzelf.
  • 1913: Adrienne Lecouvreur (Ernest Legouve, Eugène Scribe), regie Henri Desfontaines, Louis Mercanton. Sarah Bernhardt in de rol van Adrienne Lecouvreur.
  • 1915: Ceux de chez nous (biografisch)
  • 1915: Jeanne Doré (Tristan Bernard), regie René Hervil, Louis Mercanton. Sarah Bernhardt in de rol van Jeanne Doré.
  • 1917: Mères Françaises (Jean Richepin), regie René Hervil, Louis Mercanton. Sarah Bernhardt als verpleegster van het Rode Kruis.
  • 1923: La Voyante (Sacha Guitry), regie Leon Abrams, Louis Mercanton. Sarah Bernhardt overlijdt tijdens de opname. Haar rol wordt overgenomen door Jeanne Brindeau (post-mortem double).

Boeken[bewerken]

In deze lijst zijn enkel de oorspronkelijke uitgaven opgenomen. (Geen vertalingen)

  • 1878: Dans les Nuages (Charpentier, Paris)
  • 1888: L'Aveu (Ollendorff, Paris)
  • 1907: Adrienne Lecouvreur (Fasquelle, Paris)
  • 1907: Ma Double vie(Fasquelle, Paris)
  • 1911: Un Cœur d'homme (Fasquelle, Paris)
  • 1920: Petite idole (Roman, Paris)
  • 1923: L'Art du Théâtre (Éditions Nilsson, Paris)

Trivia[bewerken]

  • Ze stond centraal in de Lucky Luke-strip "Sarah Bernhardt".
Bronnen, noten en/of referenties