Slaapapneu
| Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht. Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts. |
| Slaapapneusyndroom | ||||
| Obstructief slaapapneu | ||||
| ICD-10 | G47.3 | |||
| ICD-9 | 327.23, 780.57 | |||
| eMedicine | ped/2114 | |||
| MeSH | D012891 | |||
|
||||
Slaapapneu (afkorting van slaapapneusyndroom) is een slaapstoornis waarbij tijdens de slaap perioden van ademstilstand of ernstig verzwakte ademhaling voorkomen.
Inhoud |
Achtergrond [bewerken]
Iedereen heeft wel eens slaapapneu in zijn slaap. Men spreekt van een slaapapneusyndroom (SAS) bij meer dan 5 stilstanden per uur. Na een onderbreking in het ademhalen volgt een periode van min of meer normaal ademen waarna er weer perioden van ademstilstand komen. Deze perioden van ademstilstand kunnen relatief kort zijn en variëren van 15 tot 30 seconden. Perioden langer dan 30 seconden komen ook voor. Dan wordt onvoldoende zuurstof opgenomen en geen koolzuurgas uitgeademd. De hersenen geven het lichaam een signaal om wakker te worden. Na ontwaken, vaak met een schok, wordt de ademhaling weer hervat.
De ademstilstanden kunnen gedurende de slaap zeer vaak voorkomen. Het klachtenpatroon van de patiënt kan bestaan uit een zeer onrustige slaap, niet uitgerust wakker worden, overdag in slaap vallen op onverwachte momenten en extreme vermoeidheid. Mechanische ademhalingsondersteuning tijdens de slaap zorgt ervoor dat er geen ademstilstanden optreden. De diagnose wordt gesteld in een zogenaamd slaapcentrum. Het onderzoek dat daar wordt uitgevoerd noemt men polysomnografie. Hierbij worden tijdens de slaap diverse metingen uitgevoerd die met de ademhaling samenhangen. Het is een pijnloos onderzoek. De behandeling bestaat uit mechanische ademhalingsondersteuning tijdens de slaap.
Twee syndromen [bewerken]
Bij het centrale-slaapapneusyndroom (CSAS) wordt tijdens de slaap vanuit het ademhalingscentrum in de hersenen te weinig signaal doorgegeven naar de ademhalingsspieren, waardoor de ademhaling onderbroken wordt.
Bij het obstructieve-slaapapneusyndroom (OSAS) klapt de bovenste luchtweg dicht door wand of tong, waardoor een afsluiting (obstructie) van de ademweg. Dit gebeurt als gevolg van het tonusverlies in de mond- en keelspieren, en daardoor wordt de patiënt steeds wakker voor hij de diepe slaap, de slow wave sleep fase bereikt. Obstructieve slaapapneu verstoort op deze manier de slaap-opbouw en veroorzaakt slaaptekort.
In de meeste gevallen is er sprake van een combinatie van beide syndromen.
Obstructieve-slaapapneusyndroom [bewerken]
De oorzaken van dit syndroom kunnen velerlei zijn en moeten worden gezocht bij het roken van tabak, erfelijke factoren, een korte onderkaak, afwijkingen in het keel- neus- en oorgebied, longafwijkingen, een lage tonus van de mond- en keelspieren door bijvoorbeeld slaapmiddelengebruik of chronisch nierfalen.
De gevolgen van het obstructieve-slaapapneusyndroom kunnen zich uiten in hevig snurken, geregeld plotseling met een schok wakker worden, abnormale slaperigheid gedurende de dag, vermoeidheid, prikkelbaarheid, extreem transpireren gedurende de slaap, spierpijn door spierverzuring en hypertensie. Het veroorzaakt een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en een verhoogde insulinebehoefte. Ook lijkt er een verband te bestaan tussen slaapapneu en vroege dementie.[1]
Diagnostiek [bewerken]
Bij een slaaponderzoek worden verschillende metingen uitgevoerd:
- AHI, Apneu-Hypopneu Index, aantal ademstilstanden per uur (de meest bepalende meting)
- AI, Apneu Index
- DI, Desaturatie Index
- Cumulatieve nachtelijke hypoxieduur
- Gemiddelde en minimale zuurstofsaturatiewaarde
Nederland [bewerken]
De OSAS-richtlijn (2009) bepaalt de diagnose van apneu in Nederland.[2]
Naast de AHI, wordt ook gekeken hoe ernstig de klachten zijn. Het aantal ademstilstanden per uur én de ernst van de slaperigheid overdag bepalen de ernst van OSAS: licht OSAS, matig OSAS of ernstig OSAS.
Slaperigheid (in slaap vallen in situaties waarbij aandacht vereist is):
- weinig aandacht (bijvoorbeeld tv kijken): licht OSAS
- nodige aandacht (bijvoorbeeld vergaderen): matig OSAS
- grote aandacht (bijvoorbeeld autorijden): ernstig OSAS
AHI (aantal ademstilstanden per uur):
- 5 tot 15: licht OSAS
- 15 tot 30: matig OSAS
- > 30: ernstig OSAS
De ernst van OSAS wordt bepaald door de klacht (slaperigheid overdag of aantal ademstilstanden per uur) die het ernstigst is.
België [bewerken]
In België wordt enkel rekening gehouden met de AHI (aantal ademstilstanden per uur), als enige objectieve parameter[bron?].
De volgende gradaties van apneu worden gebruikt:
- < 5: normale slaap
- 5 tot 15: licht OSAS
- 15 tot 30: matig OSAS
- > 30: ernstig OSAS
Actueel probleem [bewerken]
5% van de mannen heeft apneu (bij vrouwen zijn de aantallen iets lager); de meesten zijn zich dat echter niet bewust. Het probleem wordt door de meeste huisartsen slecht onderkend. Vaak komen mensen met vage klachten op het spreekuur, die worden afgedaan als burn-out verschijnselen. Rust geeft dan geen soelaas, maar verergert zelfs het probleem, door het sociale isolement waarin de patiënt terechtkomt.
Behandeling [bewerken]
Er bestaan diverse mogelijkheden voor behandeling.
- Conservatieve maatregelen: aanpassing van de leefwijze (gewichtsvermindering, geen alcohol voor het slapen gaan, geen slaaptabletje).
- Operatie: Soms is het mogelijk en/of noodzakelijk een operatie te laten verrichten die als doel heeft de luchtweg te verbeteren (bij een scheef neustussenschot of grote keelamandelen).
- Beugel: Bij milde vormen van OSAS wordt tegenwoordig vaak voor 's nachts een beugel (mandibulair repositie apparaat of MRA) gebruikt, die ervoor zorgt dat de tong niet meer naar achteren kan zakken. De apparatuur lijkt veel op bepaalde uitneembare beugels (activatoren) die orthodontisten gebruiken. Uitgebreid onderzoek de afgelopen tien jaar heeft aangetoond dat veel patiënten met OSAS goed met MRA kunnen worden behandeld. Behandelingen met MRA hebben relatief weinig nadelen en bijwerkingen. Er bestaan momenteel meer dan 80 verschillende typen MRA. Dit middel is echter niet voor alle patiënten geschikt.
- Luchtdruk: Bij ernstig OSAS is positieve drukbeademing, Positive Airway Pressure (PAP), de eerste keuze. Drukbeademing is geen genezing van de slaapstoornis, maar een (levenslange) behandeling.
- CPAP, Continuous Positive Airway Pressure. Gedurende de slaap worden de luchtwegen opengehouden door een licht permanente positieve luchtdruk die door een pompje met een kapje op mond en/of neus in stand wordt gehouden. Een CPAP apparaat wordt voorgeschreven door een (long)arts, nadat een slaaponderzoek is uitgevoerd in een ziekenhuis. CPAP apparatuur wordt tegenwoordig vergoed door veel ziektekostenverzekeringen (Nederland) en het RIZIV (België, vanaf AHI=22).
- BiPAP, Bilevel positive airway pressure, is een variant van de CPAP, dat niet alleen lucht inblaast maar ook actief meehelpt met de uitademing door lucht terug te zuigen. Overdruk en onderdruk wisselen elkaar af in de keelholte.
- APAP of auto-PAP. Dit apparaat werkt net als de CPAP, maar afhankelijk van de mate van obstructie blaast het apparaat met een meer of minder hoge druk.
- Andere middelen: Als de slaapstoornis zich voordoet bij rugslapen, kan een tennisbal in de rugzijde van de pyjama bevestigd worden om te beletten dat op de rug wordt geslapen. Middelen zoals neuspleisters of diverse spray's zijn in het algemeen weinig succesvol.
Operatieve mogelijkheden [bewerken]
- De HTP-procedure: het hyoid (tongbeen) wordt iets naar voren verplaatst.
- De hyoid-expansie procedure: hierbij wordt een titaniumprothese geplaatst tussen de twee helften van het tongbeen, om de keel tijdens het slapen wijder en beter open te houden. Deze techniek is in het UZ Antwerpen ontwikkeld.
- Andere operatietechnieken zoals UPPP (uvulo-palato-pharyngo-plastiek), LAUP (laser assisted uvulo plasty) en somnoplastiek zijn ofwel pijnlijk of hebben een matig tot wisselend succes en zijn onomkeerbaar.
- Stimulatie van de bovenste luchtwegen: Onderzoekers testen een implanteerbare neurostimulator (te vergelijken met een pacemaker) die gedurende de nacht een lichte impuls afgeeft aan de tongzenuw (nervus hypoglossus), waardoor de tongbasis zich naar voren beweegt, resulterend in het openhouden van de bovenste luchtwegen.[3] Deze therapie wordt onderzocht sinds de jaren 2000 in het UZ Antwerpen en Johns Hopkins University in de VS.[4] Recente studies suggereren dat deze technologie de AHI kan verminderen bij patiënten die geen CPAP tolereren.[5][6][7] Artsen in het UZ Antwerpen, St. Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam en andere ziekenhuizen in Europa, Australië en de VS tekenen patiënten in een internationale, klinische studie om de veiligheid en effectiviteit van de therapie te onderzoeken.[8][9][10][11][12][13]
Externe links [bewerken]
- Nederlandse Vereniging voor Slaapapneu Patiënten
- VAPA, Vereniging Apneu PAtiënten (Vlaanderen)
- Slaapapneu op www.gezondheid.be
- Snurken / het Slaap Apneu Syndroom op www.bronovo.nl