Wilde Velden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Wilde Velden of Woeste Velden (Russisch: Дикое Поле; Dikoje Pole) is een begrip dat in 16e en 17e eeuw werd gebruikt voor de dunbevolkte steppegebieden tussen de Don in het oosten, de Boven-Okavorstendommen in het noorden en de zijrivieren van de Dnjepr en de Desna in het westen. Het gebied ten westen van de Wilde Velden stond bekend als Dykra.

Over de Wilde Velden liep het Moeravski-spoor, het oorlogspad van Perekop naar Toela dat de Krim-Tataren gebruikten om Rusland binnen te vallen. In de loop van de tijd werd het gebied spontaan bevolkt door weggelopen lijfeigenen en choloppen, die later de kern gingen vormen van het Kozakkensysteem. Ook dienstlieden mochten zich er vestigen op voorwaarde dat ze zich zouden inzetten tegen verdere uitbreiding van de gebieden van de Krim-Tataren.

Toen de kolonisatie van het gebied eenmaal op gang kwam, werd de term 'wilde velden' niet langer voor het hele gebied, maar voor specifieke gebieden gebruikt zoals Zaporizja en Sloboda-Oekraïne en later voor Novorossija.

Het gebied omvat (delen van) de hedendaagse zuidoostelijke Oekraïense oblasten Charkov, Cherson, Dnjepropetrovsk, Donetsk, Kirovohrad, Loehansk, Mykolajiv, Odessa en Zaporizja en de zuidwestelijke Russische oblasten Belgorod, Koersk, Lipetsk, Orjol, Rostov, Toela, Voronezj en Wolgograd.