Tataren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tataren
Verspreidingsgebied in 2005.
Verspreidingsgebied in 2005.
Totale bevolking Ongeveer 6,5 miljoen.
Verspreiding Tatarstan: 1.700.000

Basjkirostan: 1.000.000
Moskou: 800.000
Oezbekistan: 390.000
Krim: 210.000
Oedmoertië: 109.000
Volksrepubliek China: 4890 met Tataarse achternaam
Rest van de wereld: 2.400.000

Taal Tataars, Russisch, Oekraïens, Krimtataars e.a..
Geloof Islam, orthodox.
Verwante groepen Andere Turkse volkeren en Altaïsche volkeren.
Portaal  Portaalicoon   Landen & Volken

De Tataren (Tataars: Tatarlar/Татарлар) zijn een van oorsprong Mongools, later in meerderheid Turks volk dat verspreid leeft over een groot deel van Eurazië. De grootste groep Tataren vindt men in de autonome regio Tatarstan in Rusland en in de Krim in Oekraïne. Andere groepen zijn onder andere te vinden in de Centraal-Aziatische republieken en in de Kaukasus. De nevenvorm Tartaren is in de Middeleeuwen in Europa ontstaan door volksetymologische associatie met Tartarus.[1]

Oorsprong[bewerken]

De vroegste beschrijvingen van de Tataren komen uit Chinese geschriften. Deze plaatsen de nomadische stam als een onafhankelijke groep ten noorden van het huidige Mongolië, in Zuid-Siberië. Vanaf zo'n 600 na christus begonnen groepen Tataren zich in westelijke en zuidelijke richting te verplaatsen en streden zij met andere Turkse en Mongoolse stammen om land. De stam trok langzaam verder naar Centraal-Azië, daar namen ze in de 13e eeuw deel aan de Turks-Mongoolse confederatie van Djengis Khan (ook wel Temüjin). Hun naam verspreidde zich met de Mongoolse veroveringen. Het werd de eigen benaming voor de bewoners van het rijk van de Gouden Horde in Zuid-Rusland en nadien van de kanaten die uit dit rijk voortkwamen. In 1236 veroverden de Tataren onder leiding van Batu het rijk der Wolga-Bulgaren, een relatief ontwikkelde beschaving. De ligging van deze staat kwam ongeveer overeen met de ligging van het latere kanaat Kazan en met de ligging van het tegenwoordige Tatarstan.

De verovering van Rusland[bewerken]

Nadat de Tataren de Wolgastaat hadden ingelijfd veroverden ze in snel tempo Kiev-Rusland, in 1240 bekroond met de verovering van Kiev. In het zuidwesten van het oude Rusland zetten de Tataren de vorsten af en regeerden het gebied direct, in het noorden/oosten lieten ze de oude hiërarchie in stand en regeerden indirect; de vorsten waren verantwoordelijk tegenover de Tataren wat betreft het uitvoeren van het economische en administratieve beleid van de khan. Heel Rusland werd onderworpen aan belastingheffing en (een soort) dienstplicht.

De relatie tussen de Tataren en de Wolga-Bulgaren verbeterde in de loop der tijd geleidelijk; ten eerste omdat de Wolga-Bulgaren een zekere mate van autonomie behielden en ten tweede omdat de Tataren begin 14e eeuw de islam aannamen, de godsdienst van de Wolga-Bulgaren. De huidige Tataren zien zich als erfgenaam van beide volkeren. Antropologisch gezien lijken de huidige Tataren veel meer op Wolga-Bulgaren dan op middeleeuwse Tataren. De huidige Tataren horen tot het blanke ras, maar hebben over het algemeen aanzienlijke Aziatische elementen in hun uiterlijk. Blond haar komt vrij vaak voor, lichte (groene en blauwe) ogen komen voor bij een meerderheid van de Tataarse bevolking. Hun nauwe verwanten Basjkieren hebben echter meer Aziatische trekken dan Europese. De verhouding met de Russen bleef vooral beperkt tot belasting heffen; van enige assimilatie of werkelijke inlijving was geen sprake. De culturele verschillen waren daarvoor waarschijnlijk veel te groot. Geliefd bij de Russen waren de Tataren dus geenszins, hoewel de gewone Rus weinig van de Tataarse overheersing merkte. Het waren de prinsen die verantwoording af moesten leggen bij de khan.

'Tataarse dans' - (Krim) Tatar soldaat (links) vecht met een soldaat van het Pools-Litouwse Gemenebest

Het verval van het Tataarse rijk[bewerken]

Door verschillende oorzaken begon het rijk van de Tataren uiteen te vallen in de 14e en 15e eeuw. Ten eerste waren er interne spanningen die veelal te maken hadden met dynastieke twisten. Ten tweede was er de invasie van de Mongolen onder leiding van Timoer Lenk vanuit het zuiden. Een andere bedreiging voor het Tataarse rijk vormde de opkomst van de Ottomanen, die hun macht rondom de Zwarte Zee vestigden. De belangrijkste bedreiging was echter de expansiedrift van Moskou.

In 1380 had Moskovië al een belangrijke overwinning behaald op het Snippenveld en in de 15e eeuw kreeg Moskovië de overhand in de machtsstrijd met het Tataarse rijk. De Tataren bleken niet meer in staat hun wil op te leggen in het steeds verder uitdijende grondgebied van Moskovië. Af en toe werden Tataarse prinsen opgenomen aan het Moskovitische hof en kregen ze een stuk land toegewezen. Op deze manier probeerde Moskou verdeeldheid te zaaien in het al labiele Tataarse rijk, en met succes.

De onafhankelijke kanaten Kazan, Astrachan, Sibir (in Siberië) en Krim verschenen ten tonele. Moskovië bleef zich bemoeien met de dynastieke twisten in het kanaat Kazan, om invloed te verwerven. Na de teloorgang van de alliantie tussen Moskou en de Krim-Tataren, begin 15e eeuw, werd de politieke relatie van Moskovië met de Wolga-Tataren nog slechter dan hij al was. Daarentegen was de commerciële relatie tussen de twee staten beter dan ooit. Het kanaat Kazan had uitgebreide handelscontacten met het kanaat Sibir, de Kaukasus, Perzië en Midden-Azië, en daar profiteerde Moskou van mee.

De 16e en 17e eeuw[bewerken]

De troonsbestijging van Ivan de Verschrikkelijke in 1547 betekende het begin van het einde voor het kanaat Kazan. Geïnspireerd door een militante orthodoxe ideologie veroverde tsaar Ivan in oktober 1552 Kazan. Dankzij hun hoge ontwikkeling hebben de Tataren een grote invloed gehad op de Russische maatschappij en geschiedenis. Veel Russische adellijke families zijn van (deels) Tataarse origine, de sociale en militaire opzet van Moskovië is beïnvloed door instituties van de Tataren en veel Russische gebruiken hebben een Tataarse oorsprong. Het kanaat van de Krim werd een vazalstaat van het Ottomaanse Rijk, maar bleef nog eeuwenlang Rusland bedreigen. De Tataarse stammen van het Krimkanaat spraken een aan het Turks verwante taal en vormden de laatste buitenpost van de Gouden Horde geregeerd door de Giraydynastie, bestaande uit directe afstammelingen van Djengiz Khan. Vanaf de 15e tot de 18e eeuw heersten de Tataarse ruiterlegers over de zuidelijke steppen tussen Rusland en de Zwarte Zeekust. De Tataren drongen met plundertochten Moskovië binnen om zich te verzekeren van een regelmatige toestroom van Slavische gevangenen, die ze op de veilingen van Istanboel te koop aanboden als galeislaven en sexslavinnen[2]. De heersers Rusland en Polen betaalden protectiegeld aan de khan om hem en zijn mannen weg te houden[3].

Sinds de verovering van Kazan vonden pogingen tot russificatie en kerstening van de – islamitische – Tataren plaats. Vrijwel meteen na de verovering van Kazan gingen er missionarissen in Kazan aan het werk en dat zou tot de Russische Revolutie doorgaan. De methodes van de missionarissen varieerden voortdurend. Aanvankelijk hield men er een milde aanpak op na, rijke Tataren werden bijvoorbeeld aan huis bezocht en de armeren werden naar kloosters gestuurd om gedoopt te worden. Deze aanpak had weinig resultaat en al snel (1556) probeerde men de Tataren te dwingen zich te bekeren. Dit resulteerde in het ontstaan van de oudste groep Christelijke Tataren, de ‘starokresjtsjennye’. Dit, samen met de groeiende stroom Russische kolonisten, zorgde voor grote onvrede onder de Tataren en in 1556 kwam het tot een opstand. Deze werd neergeslagen, en de Tataren die nog steeds weigerden Christelijk te worden, moesten voortaan buiten de stadsmuren gaan wonen. De bovenstaande visie op de kerstening van de Tataren wordt voornamelijk door islamitische Tataren aangehangen. De huidige christelijke Tataren (de "krjasjeny", ongeveer 10% van de totale Tataarse bevolking) stellen dat de oudste groep van christelijke Wolga-Bulgaren nooit islamitisch zou zijn geweest, maar al sinds het begin van het tweede millennium via Griekse missionarissen tot het Christendom bekeerd was. Later gingen de Wolga-Bulgaren op in het Tataarse volk, maar een deel daarvan bleef hun christelijk geloof aanhangen.

Al snel keerden echter vele binnen de stadsmuren wonende Tataren weer terug naar hun oude geloof, en de activiteiten van de missionarissen hadden vrijwel geen resultaat. Tijdens de Tijd der Troebelen in het begin van de 17e eeuw staakte de missionarissen hun activiteiten. In plaats daarvan werd geprobeerd door middel van economische pressiemiddelen de Tataren tot bekering over te halen. Ook dit bleek weinig effect te hebben en de onvrede onder de Tataren werd duidelijk in 1669-1670, toen ze meededen aan de grote opstand van Stepan Razin. Een effect dat het Russische beleid ten aanzien van de Tataren wel had, is dat velen migreerden naar de steppen van Kazachstan en Centraal-Azië.

Peter de Grote[bewerken]

Peter de Grote vernieuwde het beleid ten opzichte van de Tataren. Hij stelde een theologische academie in in Kazan, in de hoop dat door onderwijs de Tataren zich misschien zouden bekeren. In 1713 vaardigde hij een decreet uit, waarin hij stelde dat de Moslims in de regio’s van Kazan en Azov zes maanden hadden om zich te bekeren, en dat anders hun bezittingen geconfisqueerd zouden worden. Naar schatting 40.000 Tataren bekeerden zich tot het christendom, maar opnieuw bleek dit slechts nominaal te zijn; de meesten bleven in het geheim islamitisch.

De 18e en 19e eeuw: mislukte russificatiepogingen[bewerken]

"Gevecht tegen Tataren", Józef Brandt (1890)
Tataarse vrouwen in de Kaukasus, ca 1895

Onder de tsarina’s Anna Ivanovna en Elizaveta Petrovna verhardde het beleid jegens de Tataren zich. In 1740 bepaalde een oekaze dat er geen moskeeën meer gebouwd mochten worden en dat alle bestaande moskeeën vernietigd moesten worden. Er werden veel moskeeën vernield, maar in 1744 werd de Tataren alweer toegestaan om een aantal nieuwe gebedshuizen te bouwen, waarschijnlijk uit angst voor een gewelddadige opstand.

Behalve de vernietiging van moskeeën werden kerken gebouwd midden in islamitische buurten, werden Tataarse kinderen ontvoerd om onderwezen te worden op missionarisscholen en werden hoge belastingen opgelegd aan moslims. Ook het beleid van christelijk onderwijs werd geïntensiveerd. Catherina II liet de Tataren wat meer vrij. Ze stond ze toe te handelen en ondernemingen te beginnen. Moslims gingen een belangrijke rol spelen in de handel met de nieuwe gebieden in Siberië en Centraal-Azië. Ze bekleedden er vaak hoge posities als commerciële of politieke vertegenwoordigers, leraren of ambtenaren.

In 1773 vaardigde de Heilige Synode het decreet van Tolerantie van Alle Religies uit. Catharina stelde ook in 1782 de zogenaamde muftiat in, een Raad die de autoriteit kreeg over alle puur religieuze zaken aangaande moslims.

Er volgde een tijd van relatief vreedzame co-existentie. Onder Nicolaas I was de Verlichting voorbij en begon het missionarissenwerk weer. Er kwamen financiële tegemoetkomingen voor Tataren die zich bekeerden. Onderwijs werd, meer dan ooit, gezien als het belangrijkste middel om de Tataren te russificeren. Vele Christelijke geschriften werden in het Tataars vertaald om het onderwijs makkelijker te maken. Daarnaast werden in de negentiende eeuw ook veel islamitische boeken in het huidige Tatarstan gedrukt, van waaruit ze door Centraal-Azië werden verspreid. Kazan ontwikkelde zich in die tijd tot het belangrijkste islamitische educatieve centrum van het Russische Rijk.

Dit beleid bleek (opnieuw) weinig vruchten af te werpen, sterker nog, veel Tataarse families die in de 18e eeuw Christenen waren geworden, werden weer Moslims. Een mogelijke reden hiervoor is, naast onvrede met de Russische pressie, het verhoogde bewustzijn van de eigen identiteit onder de Tataren, vooral bevorderd door de muftiat. De kerstening van de Tataren moet echter niet worden gezien als een synoniem van russificatie: veel christelijke Tataren bleven zich immers Tataars beschouwen en behielden het Tataars als moedertaal.

Het ontstaan van de Tataarse nationale beweging[bewerken]

Het belangrijkste middel van de Russen om de Tataren te trachten te bekeren, bleef onderwijs. Vooral professor Il’minskij was hiervan een groot voorstander en hij zette eind 19e eeuw veel scholen en instituten voor o.a. lerarenopleidingen op. Zijn beleid kreeg kritiek van zowel de Tataren als de Russen. De Tataren waren bang voor russificatie, de Russen vonden zijn beleid juist te soft en vreesden dat Il’minskij’s aandacht voor de Tataarse taal nationalisme en separatisme onder de Tataren in de hand zou werken.

Declaratie van onafhangkelijkheid van de Idel-Oeral-republiek

Het voornaamste effect van de scholen van Il’minskij was niet de bekering van de Tataren (in dat opzicht was er wederom weinig succes), maar het ontstaan van een breed intellectueel debat onder de relatief grote bourgeoisie in Kazan en omgeving. Deze verhitte discussie ging aanvankelijk over de scholen van Il’minskij, maar spitste zich later toe op de meer algemene vraag over de positie van de islam in de moderne, snel veranderende wereld. In deze periode kwam de term Tartarije (in het Nederlands het latere Tatarije) in zwang om het woongebied van de Wolga-Tataren in een groot gebied rond Kazan te beschrijven. Het ontstaan van een intellectuele elite in Tartarije is een proces dat zich gedurende de hele 19e eeuw heeft voltrokken. In Kazan was al begin 19e eeuw door Alexander I een universiteit gesticht, een van de oudste in Rusland, maar vooral aan het eind van de 19e eeuw begon het intellectuele debat goed op gang te komen. Naast de scholen van Il’minskij was dat te danken aan het feit dat steeds meer Tataren naar de universiteiten van grote steden als Moskou en Sint-Petersburg gingen, en zo veel meer dan voorheen in contact kwamen met de Russische maatschappij.

Nationalisme vierde hoogtij en Tartarije raakte begin 20e eeuw betrokken bij de Groot-Turkse beweging. Op het eind van de 19e eeuw en in het begin van de 20e eeuw was er onder de Wolga-Tataren sprake van, wat je zou kunnen noemen, het ontwaken van een nationale identiteit. Er werd er veel gepubliceerd, zowel in de vorm van literatuur als tijdschriften en er was veel politieke activiteit, in het teken van het streven naar meer autonomie voor Tartarije. Men ging steeds meer waarde hechten aan het belang van goed onderwijs en een progressieve godsdienstbeleving. Dit alles valt natuurlijk niet los te zien van de nationalistische en modernistische bewegingen die vooral in Europa in de 19e en begin 20e eeuw opkwamen.

Het ontbrak echter aan geschikte politieke leiders om de Tataarse nationale beweging echt groot te maken. In 1917, ten tijde van de februarirevolutie, verkeerde men in Tartarije, net als in heel Rusland, aanvankelijk in euforie. De val van de monarchie werd met gejuich ontvangen en het door de Eerste Wereldoorlog uitgeputte Rusland kreeg weer wat hoop op een betere toekomst. De geschillen tussen de verschillende volken binnen het Russische Rijk leken triviaal te zijn geworden.

Tatarije binnen de Sovjet-Unie en de ex-Sovjetrepublieken[bewerken]

Tijdens de Russische Revolutie moedigde Lenin aanvankelijk godsdienstvrijheid en het ontwikkelen van een nationale identiteit onder de Tataren aan. Dit resulteerde eind 1917 in het uitroepen van de Idil-Oeralstaat, grofweg gelegen waar nu Tatarstan en Basjkirostan liggen. Lenin en Stalin bleken hier niet van gediend en grepen in, door de staat te ontbinden en de deelnemers aan het bestuur ervan te arresteren.

In de jaren twintig werden alle leden van de regering van Tatarstan en het grootste gedeelte van de intelligentsia gedeporteerd of vermoord. Tot aan de dood van Stalin werden er af en toe zulke ‘zuiveringen’ uitgevoerd. Pogingen tot russificatie gingen door. In 1929 werd het Arabische schrift van de Tataren vervangen door het Latijnse en in 1939 door het Cyrillische alfabet. Dat verliep vrij soepel, aangezien de meeste Tataren in die tijd analfabeet waren en het Arabische schrift niet kenden. In 1944 werden de Krim-Tataren naar Centraal-Azië (met name Oezbekistan) gedeporteerd door het centrale sovjetbewind. Dat had echter geen gevolgen voor de Tataren van Tatarstan. Ondanks de enigszins misleidende overeenkomst in naam, zijn het verschillende volkeren. De Tataren in Tatarstan werden door het centrale bewind niet als collaborateurs beschouwd en werden zodoende niet in hun rechten beperkt.

De periode vanaf het eind van de Tweede Wereldoorlog tot op heden wordt gekarakteriseerd door een groeiend bewustzijn onder Tataren van hun eigen identiteit als volk. Deze revaluatie komt vooral voort uit het bewustzijn van een lange geschiedenis en een gevoel van authenticiteit. De russificatie van Tatarstan ging door tot aan het einde van Brezjnevs bewind. Dit proces was echter lang niet eenduidig. Er werden ook veel Tataarse boeken gedrukt in die tijd en alle schoolgaande kinderen in Tatarstan waren verplicht het Tataars als vreemde taal te leren, ongeacht hun etnische afkomst (Tataarse kinderen konden er vrijwillig voor kiezen het Tataars op een hoger niveau te volgen). In de praktijk waren die lessen vooral declaratief, kinderen woonden ze wel bij, maar leerden het Tataars nauwelijks. Hoewel er in Tatarstan ongeveer evenveel Russen als Tataren wonen, was de lokale voorzitter van de communistische partij altijd een etnische Tataar sinds de jaren '50.


In de jaren tachtig ontstond onder de Tataren, evenals onder andere etnische minderheden in de (voormalige) Sovjet-Unie, een sterke nationalistische stroming en een herwaardering van de eigen cultuur. Zo werd in 1990 in Kazan een Tataars theater geopend. Aan het einde van de jaren ’80 begon Tatarstan meer soevereiniteit te eisen en op 30 augustus 1990 riep het parlement van Tatarstan de soevereiniteit uit. Vervolgens werd dat in 1991 bekrachtigd door middel van een referendum over soevereiniteit, die werd gewonnen door voorstanders van de soevereiniteit met 61,4% van de stemmen. Toen in 1993 in Rusland een referendum over de Grondwet werd gehouden, nam Tatarstan daar geen deel aan, ook signeerden de leiders van Tatarstan het Federaal verdrag niet, wat wel werd gesigneerd door alle andere regio's van Rusland. Tegenwoordig is Tatarstan een autonome republiek binnen de Russische Federatie, met ongeveer 3.700.000 inwoners van wie de helft etnische Tataren. Veel Tataren wonen ook buiten Tatarstan. Het aantal Tataren bedraagt circa 6,5 miljoen, van wie 1,7 miljoen wonen in Tatarstan en de overigen langs de Wolga, op de Krim (Oekraïne), in Basjkirostan, Oedmoertië, Oezbekistan en Moskou (ca. 800 000, dat is bijna 10% van de totale bevolking). Wel moet worden opgemerkt dat de meeste Tataren op de Krim Krim-Tataren zijn en daarmee een ander volk dan "gewone" Tataren. Economisch is Tatarstan (vooral op industrieel gebied) een van de welvarendste gebieden van Rusland.

Voor veel Tataren speelde en speelt de vraag hoe ze met hun identiteit om moeten gaan, eerst binnen de Sovjet-Unie en nu de binnen de Russische Federatie. Een van de kwesties is de identiteit van de christelijke Tataren. Veel christelijke Tataren beschouwen zich als een apart volk, de "krjasjeny", hetgeen op tegenstand stuit van de Tataarstanse regering. Daarnaast vinden sommige nationalistische islamitische Tataren dat de christenen zich tot de islam moeten bekeren om volwaardig Tataars te worden, wat door de christenen niet aanvaard kan worden, ook niet door degenen die zich "Tataars" beschouwen, en niet "krjasjen". De christenen maken ongeveer 10% van de Tataarse bevolking uit. De Tataren leven binnen Rusland in twee culturen, de oude islamitische cultuur van Tatarstan en de Russische cultuur. Verreweg de meeste mensen omarmen allebei die culturen en er zijn opvallend weinig radicalen. De invloed van de islam op de Tataarse maatschappij is vrij klein en sowieso sterk verschillend van dat in de meeste andere islamitische landen. De houding ten opzichte van de homoseksualiteit is vrij negatief, maar is te vergelijken met die in Rusland en andere Oost-Europese landen en niet met die in islamitische landen. Homoseksuele Tataren worden niet verstoten (bijvoorbeeld, de beroemde balletdanser Rudolf Noerejev, de lesbische zangeres Zemfira en de lesbische regisseur Renata Litvinova) en blijven als deel van het Tataarse volk worden beschouwd.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Van Dale Etymologisch woordenboek
  2. Orlando Figes, De Krimoorlog, Nieuw Amsterdam Uitgevers, Amsterdam (2011), pag. 44, ISBN 9789046810248
  3. Sebag Montefiore, Prince of Princes: The life of Potemkin, London (2000), pag. 244-245, ISBN 978-0312278151