Kwak (vogel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kwak
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Black-crowned night heron at Tennōji Park in Osaka, March 2016.jpg
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Aves (Vogels)
Orde:Pelecaniformes (Roeipotigen)
Familie:Ardeidae (Reigers)
Geslacht:Nycticorax
Soort
Nycticorax nycticorax
(Linnaeus, 1758)
Verspreidingsgebied (geel=zomer; blauw=winter; groen=jaarrond; oranje=migratiegebied) van de kwak
Verspreidingsgebied (geel=zomer; blauw=winter; groen=jaarrond; oranje=migratiegebied) van de kwak
jong exemplaar
jong exemplaar
ei
ei
Afbeeldingen Kwak op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Kwak op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De kwak (Nycticorax nycticorax) is een van de kleinere leden van de reigerfamilie.

Kenmerken[bewerken]

De kruin van de volwassen vogel is glanzend zwart. De jongere vogels hebben een naar verhouding sober, bruingestreept verenkleed. De lichaamslengte bedraagt 58 tot 65 cm[2] en het gewicht 500 tot 800 gram. Het verenkleed is bij beide geslachten gelijk. De vogel heeft een gedrongen postuur en tamelijk korte poten. De bovenkop en de rug zijn zwartgroen en de achterhals bevat enkele witte sierveren. De staart en vleugels hebben een grauwe tint. Het onderlichaam is wit.

Leefwijze[bewerken]

Deze solitaire jagende nachtvogel heeft een uitstekend gezichtsvermogen en jaagt voornamelijk in het donker. Hij wacht doodstil in of langs het water op zijn prooi. Overdag verschuilen ze zich in dicht struikgewas. Zijn voedsel bestaat uit zoetwatervissen, kikkers, insecten, larven, salamanders en zoetwaterslakken. Af en toe wordt ook weleens een muis verorberd.

Voortplanting[bewerken]

Het legsel bestaat uit vier onbevlekte, bleek groenblauwe eieren. De broedtijd duurt 21 tot 24 dagen, 21 dagen daarna kunnen de jongen het nest verlaten maar ze blijven 40 tot 50 dagen van de ouders afhankelijk, nadat ze uit het ei gekropen zijn.[3]

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

De vogel is deels trekvogel en heeft een bijzonder groot verspreidingsgebied. Hij komt in alle werelddelen voor, behalve Australië en Antarctica. In Europa zijn er maar een paar gebieden waar hij voorkomt, zo is hij in Nederland en Vlaanderen een uiterst zeldzame broedvogel. In de Verenigde Staten is het een vrij algemene verschijning. Er is bijvoorbeeld een broedkolonie van in vrijheid levende vogels midden in het Smithsonian National Zoological Park in Washington D.C. De kwak staat als niet bedreigd op de internationale Rode Lijst van de IUCN,[1] maar valt wel onder het AEWA-verdrag.[4]

Er bestaan vier ondersoorten:

De kwak leeft vooral in beboste moerassen en riviermondingen.

Status in Nederland en Vlaanderen[bewerken]

Volgens historische bronnen waren er in de veertiende tot de zeventiende eeuw grote kwakkenkolonies in Nederland. In de negentiende eeuw was er omstreeks 1860 nog een kolonie van ca. 100 paar. Die huisde op het voormalig Schollevaarseiland, een eiland in een tien jaar later als Alexanderpolder ingepolderd veenplassengebied. Nadat het gebied in 1870 werd ontgonnen vestigden de vogels zich in een eendenkooi bij Lekkerkerk, maar de kolonie is omstreeks 1880 definitief verdwenen. De soort was hiermee als broedvogel in Nederland officieel uitgestorven. In 1908 - 1909 mislukte een poging de kwak in het Naardermeer te introduceren. Een kleine kolonie van 17 à 18 nesten werd in 1946 ontdekt in een griend in het afgelegen waterrijke gebied de Biesbosch, nu Nationaal Park De Biesbosch. Met regelmaat werden ook uit andere plaatsen in Nederland kleine aantallen broedgevallen gerapporteerd. Niet altijd was duidelijk of het werkelijk wilde vogels betrof, er zijn verscheidene pogingen tot herintroductie geweest met in vogelparkken gekweekte dieren.[5][6] Tussen 1995 en 2007 steeg het aantal jaarlijks gevonden broedparen tot bijna vijftig paar, daarna fluctueerde het tussen dertig en veertig.[7] De soort staat sinds 2004 als niet meer wild voorkomend op de Nederlandse Rode Lijst.

In Vlaanderen komt de kwak onder andere voor in de Zwinstreek en omliggende polders. De soort staat als zeldzaam op de Vlaamse Rode Lijst.