Missiemuseum Steyl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Missiemuseum Steyl
Het Missiemuseum, voorzijde
Het Missiemuseum, voorzijde
Opgericht 1931
Locatie Steyl, gemeente Venlo
Coördinaten 51° 20′ NB, 6° 7′ OL
Type volkenkunde, natuurhistorie
Website
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Het Missiemuseum Steyl is een museum met een volkenkundige en natuurhistorische collectie in het kloosterdorp Steyl in de Nederlandse gemeente Venlo.

Geschiedenis[bewerken]

Het huidige museum werd in 1931 opgericht door de missionarissen van Steyl (S.V.D.). Deze congregatie bestond al sinds 1875. Sinds die tijd stuurden missionarissen voorwerpen uit allerlei landen naar het klooster, onder andere uit Afrika, China en Indonesië.

Het museum werd oorspronkelijk ingericht en geleid door pater Berchmans. Beheerder van het museum is nog steeds het Missiehuis St. Michaël. Een deel van de medewerkers is vrijwilliger. Er worden rondleidingen verzorgd door het museum, maar ook langs de vele monumentale kloostergebouwen en tuinen in de omgeving. Tegenover het museum ligt de botanische tuin Jochumhof.

In 2012 werd overeenstemming bereikt over de overheveling van de museumcollectie van het Afrikacentrum in Cadier en Keer naar het Missiemuseum. De uitgebreide collecties, bijeengebracht door de paters van de Sociëteit voor Afrikaanse Missiën, zullen in een aparte afdeling worden tentoongesteld. Vooruitlopend daarop zijn er wisselexposities met objecten uit deze deelcollectie.

Huisvesting en collectiepresentatie[bewerken]

Originele zaalopstelling

Het museum is gehuisvest in een tweetal gebouwen die deel uitmaken van het gebouwencomplex van het Missiehuis Steyl. De bezoekersingang, kassa en tijdelijke expositieruimte bevinden zich op de begane grond van het oudste bouwdeel: een van oorsprong laat-18e-eeuws landhuis, dat diverse kloosterorden heeft gehuisvest.

De vaste collectie staat opgesteld in een gebouw uit circa 1895, ontworpen door pater M. Scholl. Bij de verbouwing tot museum begin jaren dertig zijn de vensters aan de tuinzijde van de begane grond dichtgezet. De gang met zijn authentieke tegelvloer en kruisribgewelf heeft zijn laat-19e-eeuwse kloostersfeer behouden. De bewaard gebleven oorspronkelijke inrichting van het museum met vitrinekasten die tot aan het plafond reiken is tamelijk uniek in het Nederlandse museumlandschap. Ook de collectie-opstelling, met onder meer systematisch geordende vlinders, kevers en andere insecten, gedramatiseerde opstellingen van zoogdieren en een vrij chaotische presentatie van voorwerpen uit zogenaamde missielanden, is bijzonder.

Collecties[bewerken]

Etnografie[bewerken]

De collectie etnografie, vanaf eind 19e eeuw bijeengebracht door de missionarissen van Steyl, is zeer eclectisch. Zo zijn er kunstvoorwerpen, gebruiksvoorwerpen en kledingstukken te zien uit China, Japan, Indonesië, de Filipijnen, Papoea-Nieuw-Guinea, Ghana, Togo, Republiek Congo en Paraguay. De voorwerpen worden op vrij willekeurige wijze in grote vitrines gepresenteerd, waarbij slechts globaal geordend wordt op land, volk of ouderdom.[1]

Houtsnijwerk[bewerken]

De verzameling houtsnijwerk met christelijke thematiek van de lekenmissionaris Joseph Schmutzer neemt in de vaste opstelling een hele zaal in beslag. De collectie bestaat uit houten beelden, door de Indonesische moslim-kunstenaar Iko tussen 1924 en 1927 in Hindoe-Javaanse stijl gesneden. Iko vervaardigde in 1901 ook het houtsnijwerk voor de Indische Zaal in Paleis Noordeinde.[2] In de voormalige kloostergang staat een houten vitrinekast met een portretbuste van Arnold Janssen, de stichter van de missiecongregatie van Steyl, omringd door foto's van door hem gestichte kloosters.

Taxidermie geleedpotigen[bewerken]

Het insectenkabinet bevat een systematisch opgezette verzameling tropische vlinders, kevers, kakkerlakken, duizendpoten, schorpioenen, spinnen en andere geleedpotigen, die oorspronkelijk verzameld zijn voor wetenschappelijke en educatieve doeleinden.[3]

Taxidermie gewervelden[bewerken]

De verzameling gewervelde dieren bestaat uit ongeveer 1500 opgezette zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën en vissen. Deze staan deels opgesteld in vitrines in de grote museumzaal, deels op een centraal podium in dezelfde zaal (o.a. giraffe, antilopen, runderen, leeuwen en zebra's). Een verzameling vogels, dierenkoppen en geweien hangt hoog aan de wanden en vitrinekasten. Een waar icoon van het museum is de bruine beer, die bij de ingang van de vaste collectieopstelling de bezoekers verwelkomt. De beer is afkomstig uit Rusland en werd in 1932 door pater Berchmans, de eerste conservator, aangeschaft. De beer is voorzien van een mechaniek, waardoor hij zijn kop en bek kan bewegen, een zogenaamde automaton.[4]