Praetorium Agrippinae

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Praetorium Agripinnae
Locatie Valkenburg ZH
Oorspr. functie Romeins fort, vicus en grafveld
Start bouw circa 39 na Chr.
Sluiting 4e eeuw na Chr.
Status grotendeels opgegraven tussen 1941 en 1953
Monumentstatus Terrein van hoge archeologische waarde
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Praetorium Agrippinae was een Romeinse nederzetting in de provincie Neder-Germanië (Germania Inferior), gelegen in het hedendaagse Valkenburg (ZH). Praetorium Agrippinae was een grensfort (castellum) aan de Oude Rijn, destijds de hoofdtak van de Rijn, langs de noordgrens van het Romeinse Rijk, de zogenaamde limes (Latijn voor "grens"). Praetorium Agrippinae staat vermeld op de Peutingerkaart (Tabula Peutingeriana) tussen Matilo (Leiden-Roomburg) en Lugdunum Batavorum (Katwijk).

Geschiedenis[bewerken]

Pretorium Agripinne links op de Tabula Peutingeriana

Castellum[bewerken]

Een praetorium is een militair hoofdkwartier, en Praetorium Agrippinae is vernoemd naar Vipsania Agrippina, de in 33 na Chr. gestorven moeder van keizer Caligula. Het staat vrijwel vast dat Caligula in het jaar 39 of 40 na Chr. in Valkenburg verbleef, want een wijnvat uit zijn privé-wijngaard is ter plaatse gevonden [1]. Hoogstwaarschijnlijk was hij hier ter voorbereiding van een nooit uitgevoerde invasie van Brittannia, en werd het castellum naar aanleiding van deze operatie gebouwd. Vondsten van munten en terra sigillata aardewerk suggereren echter dat er mogelijk al eerder legereenheden aanwezig waren. Het fort lag op de plaats van het huidige centrum van Valkenburg. Aanvankelijk werd het omringd door een aarden wal met palissade en drie grachten.

Het fort bood aanvankelijk plaats aan twee manipels legionairs en twee turmae (60 man) cavalerie van het Cohors III Gallorum Equitata. Praetorium Agrippinae werd net als de meeste andere Romeinse forten aan de Nederrijnse limes verwoest tijdens de Bataafse Opstand van 69-70, maar werd daarna weer herbouwd. In deze tijd werd hier het complete Cohors IV Thracum Equitata gestationeerd. Vanaf ca. 180 na Chr. werd het fort vergroot, en grotendeels in steen opgebouwd. In totaal zijn 7 bouwfasen onderscheiden [2].

Zoals alle castella in Nederland werd ook Valkenburg verlaten na de val van de limes rond 275 na Chr. Valkenburg is echter één van de weinige forten waar bewijs voor bouwactiviteit in de Laat-Romeinse periode is aangetroffen. Tijdens de regering van keizer Constantius I Chlorus in 305 werd hier een graanopslag aangelegd. Dit graan was bestemd voor de provincie Britannia (Engeland en Wales) [3].

Vicus[bewerken]

Ten zuidoosten van het fort strekte zich over een lengte van ca. 1 km een grote burgernederzetting (vicus) uit langs de limes-weg. Deze werd bewoond tussen ca. 70 en 240 na Chr. De vicus is gedeeltelijk opgegraven op de locaties 'Veldzicht', 'Marktveld' en 'De Woerd'. Naast woonhuizen zijn hier ook pakhuizen en graanopslagplaatsen en mogelijk een badgebouw (thermen) aangetroffen, alsmede een groot grafveld op het Marktveld met meer dan 700 graven uit de periode 50 tot 225 na Chr. Op het Marktveld stond tussen ca. 70 en 110 na Chr. ook een mini-castellum [4].

Opgravingen[bewerken]

Het eerste serieuze onderzoek werd in 1875 door het Leidse Rijksmuseum van Oudheden uitgevoerd. Tussen 1941 en 1953 werden onder leiding van Albert van Giffen uitgebreide opgravingen in Valkenburg verricht, waarbij een grote hoeveelheid vondsten werd gedaan [5] [6] [7] [8]. Omdat de resten van het fort onder het grondwaterpeil lagen, zijn ze goed geconserveerd gebleven. Er werd veel organisch materiaal gevonden, waaronder voedselresten, botten, leren schoeisel [9] en tuigage. Ook zijn gedeeltes van de houten soldatenbarakken bewaard gebleven. Deze vondsten maakten nauwkeurig onderzoek naar de Romeinse bouwtechnieken en eetgewoonten mogelijk.

In de jaren 70 en 80 zijn verdere opgravingen gedaan naar de vicus; pas onlangs is duidelijk geworden dat daar sprake is geweest van bebouwing in de vorm van rijtjeshuizen, die op strookvormige percelen langs de weg stonden [10].

Overblijfselen[bewerken]

Reconstructie Romeinse limes-weg langs de N206 bij Valkenburg

Een gedeelte van de opgegraven vondsten is te bezichtigen in het Torenmuseum in Valkenburg. Op en rond het Castellumplein zijn de contouren van het castellum met ronde bronzen doppen in de bestrating zichtbaar gemaakt. Van een van de poorten is het gereconstrueerde fundament te zien. Langs de N206 is bij Valkenburg een reconstructie te zien van de Romeinse limes-weg zoals die er in 124/125 uit moet hebben gezien.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • A.E. De Hingh, W.K. Vos 2005. Romeinen in Valkenburg (ZH), de opgravingsgeschiedenis en het archeologische onderzoek van Praetorium Agrippinae. Leiden, Hazenberg Archeologie
  • W.K. Vos, E. van der Linden, B. Voormolen 2012. Romeinen op de Woerd, Reconstructie van een woonwijk op grond van een vergeten opgraving in Valkenburg (ZH). Leiden, Hazenberg Archeologie

Externe links[bewerken]