Vetweefsel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vetweefsel

Vetweefsel is een type bindweefsel dat bestaat uit adipocyten of vetcellen, extracellulaire vloeistof, zenuwen en bloedvaten. De hoofdrol is energie in de vorm van vet op te slaan, hoewel het ook beschermt en het lichaam isoleert. Het heeft een belangrijke endocriene functie in het produceren van hormonen zoals leptine, resistine en TNF-α. Wit vetweefsel komt het meeste voor, maar zoogdieren kunnen ook bruin vetweefsel hebben. De cellen die het vet opslaan worden adipocyten genoemd.

Anatomische eigenschappen[bewerken]

Het vetweefsel kan worden onderscheiden in onderhuids of subcutaan vetweefsel, visceraal vetweefsel rond interne organen, interstitieel vetweefsel tussen cellen en gele merg in het beenmerg.

In de huid accumuleert het op het diepste niveau, de onderhuidse laag, die zorgt voor isolatie van hitte en koude. Rond organen verstrekt het beschermende opvulling. Het functioneert ook als reserve van voedingsmiddelen.

Bij sterk zwaarlijvige personen hangt het bovenmatige vetweefsel van de buik naar beneden. Een panniculus compliceert chirurgie van morbide zwaarlijvigen en kan als "schort van huid" blijven als een sterk zwaarlijvig persoon het grootste deel van het bovenmatige gewicht verliest.

Hormonen[bewerken]

De hormonen die door vetweefsel worden afgescheiden omvatten:

Culturele en sociale rol[bewerken]

In de moderne wereld wordt het bovenmatige vettige weefsel op een mens vaak beschouwd als een esthetisch en medisch probleem (zie zwaarlijvigheid). In vroegere tijden en andere maatschappijen werd het vet esthetisch verantwoord gevonden. Karakters in schilderijen van Rembrandt en vooral Peter Paul Rubens kunnen als zwaarlijvig worden beschouwd. De karakters van de laatstgenoemden inspireerden soms de term Rubenesque als positieve verwijzing naar een vrouw met opmerkelijke hoeveelheden lichaamsvet.

In Arabische landen, de Noordpool, inheemse en vele Latijns-Amerikaanse culturen geven veel mannen de voorkeur aan stevige of 'goed-gevoede' vrouwen. De meerderheid van mannen in ontwikkelde naties, Oost-Azië, en vele Oost-Afrikaanse culturen tonen een voorkeur voor dunne vrouwen.

Meer in het algemeen kan het vet, als resultaat van een hoge energieopname en een lage fysieke inspanning, gelden als aanwijzing voor rijkdom en voorrecht.

Zie ook[bewerken]